‘Voorgoed uitsluiten van samenleving’

Tegen Marcel T. is gisteren levenslang geëist voor de moord op Louis Sévèke, acht bankovervallen en vijf bomaanslagen. Is hier sprake van „confessing for company”?

Zijn hele lijf is gespannen, zegt Raymond-Pierre Sévèke, de broer van de vermoorde activist Louis Sévèke na afloop van de tweedaagse rechtzitting in Arnhem. Zojuist heeft hij officier van justitie Aidan van Veen levenslang horen eisen tegen Marcel T., de 39-jarige oud-kraker die wordt verdacht van de moord. Sévèke is op 15 november 2005 op weg naar huis als hij met twee schoten uit een jachtgeweer om het leven wordt gebracht.

De officier vindt een levenslange gevangenisstraf gepast. „Gezien de ernst van de feiten en het gevaar dat van de verdachte uitgaat, is het noodzakelijk hem uit te sluiten van de vrije samenleving”, stelt hij. Marcel T. wordt niet alleen verantwoordelijk gehouden voor de moord op de Nijmeegse activist, maar ook voor acht bankovervallen en vijf bomaanslagen of pogingen daartoe.

„We krijgen Louis er niet mee terug door Marcel T. maatschappelijk dood te verklaren”, reageert Raymond-Pierre. „Ik vind levenslang vergelijkbaar met de doodstraf. Dan ben je in mijn ogen maatschappelijk dood. Ik zou willen dat er wat aan te doen zou zijn, zodat hij op enig moment niet meer als een gevaar hoeft te worden beschouwd.”

Tijdens de rechtzitting heeft de broer geprobeerd de gedachtegang van de verdachte te volgen. „In zijn ogen was Louis de personificatie van zijn ellende”, beseft de broer. Hoewel daar feitelijk weinig reden toe was. Louis genoot veel aanzien in de Nijmeegse krakersscene, waarin ook Marcel T. in de jaren negentig verkeerde. Marcel T. voelde zich eind jaren negentig verraden door medebewoners van het kraakpand Krisis waar hij toen woonde – die hadden hem in zijn ogen 12.000 gulden oprotpremie en daarmee een „nieuw leven” door de neus geboord – en „de linkse types” dachten bovendien dat hij een infiltrant was voor de binnenlandse veiligheidsdienst (nu AIVD, red.), iets wat hij als anarchist moeilijk kon verdragen. Hij verloor voor zijn gevoel zijn identiteit.

Hij beschreef zijn gedachten in een autobiografie die meerdere versies kent. Jarenlang sluimerden de wraakgevoelens totdat in 2005 - T. had Nijmegen al lang verlaten - de Belgische Carmen hem afwees. Vanaf dat moment had het leven voor hem geen waarde meer en zon hij op wraak. Hij richtte zich op Sévèke.

Tijdens de rechtzitting rijst het beeld van een „loner”, een hoogbegaafde man die maar moeilijk contact maakt met anderen. Hij maakte een bange, op zichzelf gerichte indruk, vindt de broer van Sévèke.

De officier van justitie gaat er vanuit dat Marcel T. volledig toerekeningsvatbaar is. In zijn ogen lijdt de verdachte niet aan het Syndroom van Asperger, een ontwikkelingsstoornis, zoals in een van de psychiatrische rapporten is geopperd, maar aan een ontwijkende persoonlijkheidsstoornis die het Pieter Baan Centrum aantrof.

Voor T.’s advocaat, Bénédicte Ficq, kwam de eis niet als een verrassing. Hoewel de verdachte volledig heeft bekend – hij knikte tijdens de zitting regelmatig instemmend – wees ze op „gekke punten” in het dossier. Hebben we hier niet te maken met een verdachte die bekent omdat hij verlegen zit om gezelschap, vroeg ze zich af. Ze verwees naar het boek Killing for company, over een moordenaar die tot zijn daden kwam om maar gezelschap te hebben. „Is hier wellicht sprake van Confession for company? Ik heb gezien hoe happy de verdachte was in het Pieter Baan Centrum, waar hij zeven weken psychiatrisch is onderzocht, en in het huis van bewaring.” Ficq vindt een straf van twintig jaar meer op zijn plaats. Uitspraak 7 maart.