Jacht op de vierkante meter

Op de scooter door Amsterdam op zoek naar huizen voor gretige kopers. De Pijp is hot en Bos en Lommer zit in een dip. Tonnen worden grif geboden. ‘Afknappen op opknappen doet niemand meer.’

De eerste afspraak van vandaag gaat niet door. Het huis dat wij met onze klant zouden gaan bezichtigen is al verkocht. Makelaarskantoor Keizerskroon opereert vanaf de grachtengordel in Amsterdam. De kroon op de top van de Westertoren blinkt in de prille ochtendzon. De stad heeft vandaag een gouden randje.

We loggen in op ‘Realworks’, een beveiligde site voor makelaars die zijn aangesloten bij de NVM (Nederlandse Vereniging van Makelaars). De huizen die vers op de markt komen, verschijnen hier als eerste. We kijken welke panden een match maken met de wensen van onze zoekers. Op ons bureau ligt een lange lijst klanten, vertrouwelijk bij hun voornaam genoemd. Kleine zoekertjes en grote zoekers, van 140.000 euro tot 4 miljoen .

De zoeker die ‘50 m² en een extra kamer voor de piano’ wenst, krijgt het moeilijk onder de twee ton. We vinden een garagebox à raison van 35.000 euro. De familie die voor 2,2 miljoen op de zoekerslijst staat, krijgt het gewenste extra kamertje voor de au pair op termijn waarschijnlijk wel. Bij een pied à terre met een bestedingsbudget van 350.000 euro staat in de kolom bijzonderheden: ‘mag aan achterzijde’ en bij het woonhuis van 700.000 euro: ‘buiten is een pré’. Afknappen op opknappen doet niemand meer, zien we op onze zoekerslijst. Bouwvallen worden in huis- en klusprogramma’s in vijftig snelle zendminuten makkelijk paleisjes.

Makelaar Eduard stuift met rinkelende sleutelbos het door vier vrouwen bemande kantoor binnen: „Goed nieuws!” Hij is vrolijk, zojuist koppelde hij bij een aankoop een verkoop en dronk met de klant een koffietje in café De Jager. En passant draagt hij nog twee klanten aan die hij scoorde in de kroeg.

Paulien Schmitz is met haar 33 jaar de baas van Keizerskroon. De gemiddelde leeftijd van de beroepsgroep is de laatste jaren flink gedaald en de samenstelling is veranderd: de helft van de Amsterdamse makelaars is vrouw. Op kantoor Keizerskroon ligt dat percentage, met slechts één man, nog hoger. Paulien en haar medewerksters begrijpen de meerwaarde van vrouwelijke makelaars: „Wij kunnen ons goed verplaatsen in de klant, en voelen aan wat hij wil.” Aan het beeld van louche vastgoedtypes voldoen deze stijlvol geklede jonge vrouwen niet.

Op onze metallic ‘Holleeder’-scooter crossen we in tien minuten manoeuvrerend tussen Amsterdammertjes, taxi’s en trams naar een bezichtiging vlakbij de ring A10 en op het nippertje chique Zuid. Onze jas en schoenen zijn op instructie van baas Paulien pico bello. „Wat eronder zit is minder belangrijk, je jas blijft vrijwel de hele dag aan.” Voor de deur van ‘Fraai bovenhuis met riant dakterras – 80 m² – vraagprijs 385.000 euro’, ontmoeten we onze zoekers: twee jonge meiden.

Vandaag is de eerste bezichtigingsronde, makelaars weten dat haast geboden is. We klimmen drie smalle trappen omhoog en voegen ons in de stroom rivalen: kopers en collega-makelaars. In de kleine woonkamer staan vrolijke vakantiefoto’s op het dressoir. We babbelen vriendschappelijk met alle makelaars. Klapzoenen, schouderklopjes, ons kent ons. Verkopend en aankopend makelaar verdienen beiden zo’n anderhalf procent van de verkoopprijs.

Naar het welzijn van de dakgoot informeren we op aanraden van onze kantoor-collega Margriet pas als de meiden ‘het wat vinden’. Onze zoekers denken niet zuid- maar oostwaarts. In Oost hebben ze gisteren bij een bezichtiging hun hart verloren aan een grotere woonkamer voor hetzelfde geld. Wij vragen ons af waar deze beginnelingen het geld vandaan halen. Makelaar Margriet heeft geen twijfels, voorafgaand aan elke zoektocht wordt de solvabiliteit gecontroleerd.

Net op tijd komen we aan voor de laatste inspectie van een huis dat wij verkochten in de Amsterdamse wijk De Pijp. Vroeger hip, nu yup. Voor de sleutel definitief van eigenaar wisselt, wordt door beide partijen gecontroleerd of de staat van het huis dezelfde is als in het koopcontract wordt beloofd. Wij staan met ons hoofd in de meterkast om de standen te noteren. De koper komt met ‘zijn meisje’ binnen. Hij heeft gretig gekocht, 430.000 euro voor 90 m². Op de valreep zoekt hij snuivend naar loslopende plinten en ander klein leed om de aankoop met een paar euro's te verlichten. De koop ligt wat zwaar op de maag. Wij handelen keurig en kordaat af. Als ze uit het raam hangen, hebben ze zicht op het Rijksmuseum. Het huis wordt vanzelf meer waard.

We geven gas voor onze afspraak bij de notaris in een kapitaal pand in chique Zuid. Koper en verkoper voelen zich wat kleintjes aan de enorme tafel. We sluiten een lief koopje, 52 Jordanese vierkante meters voor 232.500 euro, 18.000 boven de vraagprijs. De makelaar van de kopende partij heeft geen scooter, zij komt veertig minuten te laat.

De notaris wijst de koper op de wet ‘koop onroerende zaken’ die hem tot drie dagen bedenktijd geeft: „Vannacht om 12 uur begint de bedenktermijn te lopen.” Eén punt moet nog worden geregeld. Bij witgoed is het gewoon, bij vastgoed is het nieuw: het energielabel. Het animo voor dit label is volgens de notaris klein. Hoewel het bij wet is geregeld, zijn er geen sancties voor het ontbreken ervan.

Onze scooter zit hijgend achter een groepje zwoegende fietsers aan. Zodra we kans zien, halen we in. Wij verwachten tientallen mensen voor een bezichtiging in de Booming Baarsjes, een wijk in West. Het is twee uur ’s middags, de zon schijnt nu op haar mooist het dubbel benedenhuis binnen en verlicht zelfs het souterrain. We zetten de verwarming op stand comfort en verplaatsen een stoel om een zee van ruimte te creëren. De bewoners hebben op aanwijzing van de makelaar fruitschaal en bloemenvaas vruchtbaar gevuld en onnodige prullaria weggehaald.

Er staan deze week meer bezichtingsuurtjes op het programma. Als de volle vraagprijs wordt geboden, gaan wij niet direct akkoord. Tegenwoordig gaat de Amsterdamse makelaar bij stormloop over op inschrijving. Serieuze bieders krijgen dan een ultimatum om hun uiterste bod te doen. Dat hoeft niet bij de notaris, maar kan gewoon per mail of telefoontje naar de makelaar.

De voordeurbel rinkelt voortdurend als op een verjaardagsfeestje. Wij serveren een smakelijk hapje: ‘Heerlijk ruim en licht dubbel benedenhuis met riante tuin, 170 m², vraagprijs 589.000 euro’. De kijkers stappen verwachtingsvol binnen en zien meteen de glas-in-loodramen in de hoge en suite deuren. De helft is vergezeld van een makelaar, de rest is zelfstandig op zoektocht. De makelaar verkoopt aan degene met het hoogste bod, maar bij voorkeur niet aan een particulier zonder makelaar. Baas Paulien weet wat dat oplevert: „Je krijgt er een hoop extra vragen en werk bij, omdat ze niet deskundig zijn.” Bovendien is de solvabiliteit van de aspirantkoper onzeker en kans op ontbinding van het koopcontract aanwezig.

Wij overhandigen met een paar korte zinnen en gastvrije lach een strakke brochure. „De bewoners hebben dit huis drie jaar geleden grondig gerenoveerd.” Vervolgens laten we eenieder discreet zijn gang gaan. Bij de entree zien wij al wie minder stralend terugkeert van de benedenverdieping – het souterrain. Dit is een huis ‘met een puntje’. Alle mannen langer dan 1 meter 95 moeten de helft van het huis in gebogen toestand doorkruisen. In de ogen van één van de mannen zien we de hunkering naar dit mooie huis. Thuis aan de keukentafel zal hij zich afvragen of hij inderdaad voor bijna zes ton gebukt door het leven wil gaan.

Er lopen genoeg mensen van de juiste hoogte rond. Een heel regiment aan hippe mensen passeert de revue. Het liedje is in deze wijk ingezet: hip-hot-yup. We zeggen niet als een opdringerige verkoopster in een winkel: „Dit is het laatste paar, dus u moet snel beslissen”, maar praten ontspannen over vele bezichtigingen en kijkers. Vanavond hebben we vrij, in Amsterdam zijn avondbezichtigingen niet nodig.

Op kantoor is de stemming opgewekt. Wij krijgen mooie panden in de verkoop. Buitenkansje Aerdenhout van vele miljoenen is binnen en voor een huis aan het Vondelpark, krap 2 miljoen is een pril begin gemaakt. Een appartement één hoog in Bos en Lommer brengen we vanmiddag op de markt. Deze wijk is in een dip, voorlopig nog niet hip. Om de juiste marktprijs van dit object te bepalen, tikken we in het NVM-systeem postcode en vierkante meters in. Met één druk op de knop zien we wat vergelijkbare panden de afgelopen jaren hebben opgebracht. Als de gek er eenmaal iets voor heeft gegeven, geldt die prijs als de basis voor een volgend huis.

Een collega-makelaar belt: het dubbel benedenhuis in Booming Baarsjes heeft een bieder. Het gemiddelde van ons kantoor ligt op vier verkochte huizen per week, vorige week waren het er acht. Vandaag verkopen we niet, het bod ligt onder de vraagprijs. De prijs van dit huis, bepaalt ook de prijs van de buren, dat huis brengen wij volgende week op de markt. Over een maand het huis aan de overkant.