Zo worden ze niet meer gemaakt

Quentin Tarantino maakte George Baker hip. Onlangs kozen ook de makers van ‘The Kite Runner’ een lied van de zanger voor hun film. George Baker: „De hoop in ‘Paloma Blanca’ sluit aan bij de hoop in Afghanistan.”

Hans Bouwens draagt een zwarte trainingsbroek, een blauwe trui en gymschoenen. Bouwens, sinds 1969 bekend als George Baker, zit op een draaistoel in het kantoor bij zijn studio in Waddinxveen. Hier komt hij iedere dag om liedjes te bedenken en op te nemen. Want Bouwens mag dan voor altijd geassocieerd worden met zijn hits Paloma Blanca en Little Green Bag, hij is steeds bezig met nieuw werk, voor zichzelf en voor anderen. Al wordt voor zichzelf schrijven steeds moeilijker, zegt hij. „De lat ligt hoog.”

Vorige maand begon Bouwens (1944, Hoorn) aan een tournee door Nederland, ter gelegenheid van zijn veertigjarig bestaan als George Baker. Ook vorige maand kreeg hij het bericht dat Paloma Blanca is gebruikt in de film The Kite Runner. Dat zal misschien weer een nieuw, jonger publiek naar zijn concerten lokken, net als in de jaren negentig gebeurde, toen Quentin Tarantino de titelsequentie van Reservoir Dogs liet begeleiden door Bakers hitsingle Little Green Bag, uit 1969.

Bij een concert in de schouwburg van Amstelveen is van vernieuwing nog geen sprake. Het publiek is veelal zilverharig, maar niet te stram om uit de stoelen te komen en met de armen te zwaaien bij alle hits die Bouwens uit zijn oeuvre plukt. Hij is zelf soepel en spraakzaam. Hij speelt verzoekjes en vertelt hoe hij vroeger op dansles de muurbloem was. Daarvoor heeft hij zich later gewroken, vertelt hij de zaal, met het lied Beautiful Rose, „waar half Nederland de foxtrot op moest leren”.

De typische George Baker-sound, een smeuïg mengsel van country, hoempa en mediterrane bravoure, waarin af en toe een duister trekje schemert, wordt live uitgevoerd door een vijfkoppige band met onder meer twee gitaristen. Een keyboard levert hier de strijkers en blaasinstrumenten voor liedjes als Santa Lucia By Night, The Fisherman en Love Me Like I Love You.

Bouwens/Baker heeft altijd

commercieel succes gehad, maar voor een deel van het Nederlandse publiek gold hij als glad en oppervlakkig. De herontdekking, in de jaren negentig, van zijn nummer Little Green Bag bracht een andere kant van Baker onder de aandacht: het sinistere effect van de houterige baslijn in het intro, gevolgd door Bakers jubeltoon in het refrein, deed een meer bizarre geest vermoeden dan tot dan toe was opgemerkt.

Ook andere liedjes krijgen bij opnieuw beluisteren een zachtere glans. De levenslust in oude nummers als Paloma Blanca en Sing For The Day is onverwoestbaar. Het is die naïeve uitbundigheid die de liedjes hun charme geeft: zo worden ze niet meer gemaakt.

In cijfers is George Bakers carrière: 20.000.000 verkochte platen, 600 liedjes geschreven, 350 covers van Paloma Blanca, 36 hitsingles in Nederland. Voor Bouwens zelf is het getal 10 tegenwoordig het belangrijkst. Dat is het aantal concerten dat hij elke maand geeft. Optreden noemt hij „een noodzaak”. „Pas als ik op het podium sta heb ik het gevoel dat ik leef”, zegt hij. „Dat ik bloei. De bloem moet twee of drie keer per week open.”

In de jaren negentig toerde Bouwens door het land met Annie Schilder, ooit van BZN, en Piet Veerman, bekend van The Cats, waarbij de drie om de beurt een set zongen. Nu, met een show onder eigen naam, kan hij twee uur lang doen wat hij zelf wil. Zijn behoefte aan veel en lang optreden doet vermoeden dat hij zich op het podium thuis voelt. Was dat altijd zo? „Nee, ik heb het moeten leren. Vanaf mijn veertiende zat ik in allerlei weekendbands. Op vrijdag en zaterdag speelden we op kermissen en in danslokalen waar vechtpartijen uitbraken en het niemand een fuck kon schelen wie er op het podium stond, als ze er maar op konden dansen, en vechten. Daar leerde ik hoe je mensen moet bereiken.”

Hij staat op en loopt naar achter om zijn studio te laten zien. In de opnameruimte staan een analoog mengpaneel, een paar computers en een rijtje gitaren. Bouwens wijst op het mengpaneel: „Hier neem ik op. Altijd in mijn eentje. Ik schrijf nummers op bestelling voor andere zangers, als Marianne Weber en Corrie Konings. Voor mezelf ben ik ook met een nieuwe plaat bezig, die komt na deze tournee pas uit. Dat is natuurlijk de verkeerde volgorde, maar ik heb geen zin meer in die ijzeren regels van de business. Daar heb ik genoeg mee te maken gehad in de George Baker Selection. Toen waren we contractueel verplicht om minimaal vier singles en één lp per jaar te maken. Die verantwoordelijkheid drukte op me. Nu zeg ik: mijn plaat is klaar als hij klaar is.”

Hij loopt terug naar het kantoor en gaat weer tussen de gouden platen zitten. In 1967 richtte Bouwens de George Baker Selection op. Het eerste liedje dat hij (met bassist Jan Visser) schreef, Little Green Bag, werd een top10-hit in West-Europa en Amerika. Tussen 1970 en midden jaren zeventig ontwikkelde het geluid van George Baker zich van psychedelische soul tot een internationale mix van stijlen. „Die fluiten in Paloma Blanca, bijvoorbeeld, waren nieuw voor popmuziek. Dat was sensationeel.”

In 1974-’75 haalde Baker achter elkaar drie nummer-1-hits: Sing A Song Of Love, Paloma Blanca en Morning Sky. De George Baker Selection werd bekend in West-Europa, Nieuw-Zeeland en Zuid-Amerika. In Italië waren de muzikanten ‘sterren’. „Als we handtekeningen uitdeelden, moesten we door twintig agenten worden ontzet. In Nederland was het anders. Hier zijn de mensen nuchter. Ik ook. Het hielp dat we na een optreden in een stadion in Italië weer bij feestzaal Bleeker in Heerhugowaard stonden. Dat houdt je met beide voeten op de grond. Bij ons mocht iedereen ook gewoon in de kleedkamer komen. Ik bleef aaibaar.”

Hier was de George Baker Selection vooral populair in de provincie. „In Nederland lagen we minder goed in de stad. Onze muziek gold als ‘plattelandsmuziek’. Dat klopte voor mij wel. Wij kwamen tenslotte uit de Zaanstreek – niet echt big city.”

In 1979 stopte Bouwens ermee.

„Ik was op. Voor een muzikant is tien jaar in één groep het maximum, dan heb je alles meegemaakt. Ik ben naar Spanje verhuisd en heb een jaar niets gedaan. Beetje hardlopen, tennissen. Na een paar jaar begon ik weer op te treden in Nederland, België, Duitsland. In mijn eentje met een tape, of met een gehuurde band. Op vrijdag nam ik in Spanje het vliegtuig, op dinsdag was ik weer terug. Een soort gastarbeider.” Maar voor dit soort leven was hij toch te jong, zegt hij. „Ik wilde terug naar het vuur. Toen ben ik teruggekomen naar Nederland en heb een tweede versie van The George Baker Selection opgericht, om te toeren. Maar wel rustiger. Ik had genoeg verdiend aan royalty’s en plaatverkoop. Ik hoefde niet meer acht keer per week op het podium.

„Begin jaren negentig ben ik weer gestopt. Ik moest mijn stem sparen. Ik kan geen enkel instrument echt spelen, maar ik kan wel goed zingen. Andere oudere zangers hoor ik soms de moeilijke noten omzeilen. Dat kan ik niet. Ik zing liever de voering uit mijn keel dan dat ik het publiek teleurstel.”

Die hoge eisen stelt Bouwens ook aan zijn liedjes. „Voor anderen kan ik ambachtelijk werken. Ze vragen me bijvoorbeeld voor een ballad, of een meezinger. Dat is makkelijker. Voor mijn eigen nummers moet ik wachten op de vonk. Een echt goed liedje komt uit de lucht vallen. Dan hoor ik een flard op de radio en daaruit vormt zich dan als vanzelf iets anders. Dat vergeet ik niet meer, dat blijft hangen. Daarna komt de tekst.” Hij kijkt gepijnigd. „Die moet iets overbrengen op mensen, iets echts. Als je ouder wordt, komt alles terug van vroeger: vriendinnetjes, muziek, de idealen die je toen had. Mijn onderwerpen kies ik nu juist kleiner: de relatie tussen twee mensen is genoeg.

„Vroeger zong ik over idealen. Over vrijheid. Paloma Blanca maakte deel uit van een drieluik, met Fly Away Little Paraguayo (1974) en Padre (1975). „Paraguayo ging over een Zuid-Amerikaanse indiaan, ten tijde van de veroveraar Cortès. Het nummer Padre speelt een paar eeuwen later, en ging over een boer die aan zijn geestelijk leider vraagt waarom er geen regen valt. Paloma Blanca (1975) heeft als hoofdpersoon dezelfde boer, die de vrijheid heeft gevonden. De ideeën haalde ik uit boeken over de volkeren in Zuid-Amerika. Hun geschiedenis greep me aan.”

Hoewel George Baker destijds niet

met de hippiebeweging werd geassocieerd, is er nauwelijks een optimistischer hippienummer denkbaar dan Paloma Blanca. In een opeenvolging van beelden leidt Baker zijn duif van het duister van de onderdrukking naar het licht van de vrijheid. Na de doem (‘They locked me on a chain’), volgt de verlossing (‘The night is on the run’), is de ik uitverkoren (‘I can hear God’s voice is calling’), ruikt het gras (‘I can smell the new-mown hay’), kiest een eigen koers (‘Over the mountains I fly’) en ziet dat de mogelijkheden onbegrensd zijn (‘No one can take my freedom away’).

Paloma Blanca en Little Green Bag zijn gebruikt in films die ieder op hun eigen manier grimmig zijn: The Kite Runner en Reservoir Dogs. Waarom zouden ze daar zo goed in passen? „Tja, misschien dat de hoop die uit Paloma Blanca spreekt, aansluit bij de situatie in Afghanistan, bij de hoop die daar wordt gevoeld.” Bouwens haalt zijn schouders op. „Ik kan er van alles over zeggen, maar eigenlijk weet ik het gewoon niet. Het is de keus van de regisseur, en de combinatie van beeld en geluid leverde iets magisch op.

„Ik heb The Kite Runner nog niet gezien. Reservoir Dogs wel, zeker tien keer. Ik ben een Tarantino-adept geworden, en niet omdat hij mijn liedje heeft gebruikt. Ik vind het bewonderenswaardig hoe iemand buiten de gevestigde orde om zo’n film kan maken.

„Dat hij Little Green Bag bij de openingssequentie liet horen, heeft veel voor me betekend. Ik merkte het pas toen zijn tweede film, Pulp Fiction, uit kwam. Omdat Pulp Fiction een groot succes was, werd Reservoir Dogs met terugwerkende kracht populair. En dat gold ook voor Little Green Bag. Het werd opnieuw uitgebracht, er kwam een Greatest Hits van me uit. Ik had zomaar weer 300 optredens per jaar, voor een hip publiek, op bedrijfsfeesten van reclamebureaus, en ik werd uitgenodigd om op het Rotterdamse Filmfestival te spelen. Iedereen wilde mij en mijn liedjes horen.” Hij lacht. „Toen was het ineens geen plattelandsmuziek meer.”

De tournee ‘40 jaar Greatest Hits’ loopt tot 29 maart. Voor info zie georgebaker.com.