Wanneer is het Engeland en wanneer Groot-Brittannië?

„Brak na een avond stappen” hangen Geert Bruins en zijn huisgenoot Tom Oude Hengel uit Groningen op de bank te kijken naar een snookerwedstrijd op televisie. Het valt hen op dat bij deze sport spelers uitkomen voor Engeland, Schotland, Wales of Noord-Ierland, en niet voor ‘Groot-Brittannië’. „Waarom wordt dat bij deze en andere sporten als voetbal en rugby gedaan, maar bij de Olympische Spelen juist weer niet?”

Terug naar het ontstaan van de moderne sportbeoefening. Voordat bijvoorbeeld voetbal zich internationaal verspreidde, en internationale voetbalwedstrijden opkwamen, werden in Groot-Brittannië al wedstrijden tussen de verschillende regio’s gehouden. „De eerste officiële wedstrijd tussen vertegenwoordigers van twee naties was tussen Engeland en Schotland in 1872”, schrijft Henk van Houtum, politiek geograaf aan de Radboud Universiteit, in een e-mail. Van Houtum wijst erop dat aan het einde van de negentiende eeuw ook het nationalisme opkwam. Voor de zogenaamde Britse home nations (Engelsen, Schotten, Welshmen en Ieren) was sportcompetitie een manier om hun identiteit uit te dragen en te versterken.

Op de Olympische Spelen is Groot-Brittannië wél als één land vertegenwoordigd. Bij sporten als hockey doet een van de home nations namens Groot-Brittannië mee aan de kwalificatie voor de Olympische Spelen, vertelt een woordvoerster van het Britse Olympisch Comité. Na kwalificatie wordt het team vervolgens samengesteld uit spelers uit alle regio’s. Sporters uit Noord-Ierland mogen kiezen of ze uitkomen voor het Verenigd Koninkrijk of voor de Republiek Ierland.

Afgezien van overzeese gebiedsdelen (de Nederlandse Antillen bijvoorbeeld) komt het eigenlijk niet voor dat landen subnationale eenheden of regio’s laten uitkomen voor internationale wedstrijden. Het omgekeerde komt wel voor. Zo doen een aantal Caraïbische landen gezamenlijk als West-Indië mee aan crickettoernooien.

Ewout Lamé