Sévèke was de vijand

Frustratie over een verbroken relatie en over misgelopen geld. Die zaken werden Louis Sévèke fataal.

De spaak gelopen relatie met een vrouw heeft in 2005 zijn wraakgevoelens aangewakkerd. De 39-jarige Marcel T. koesterde die gevoelens tegen het linkse krakersmilieu in Nijmegen sinds eind jaren negentig. In dat milieu werd gedacht dat hij een infiltrant voor de Binnenlandse Veiligheidsdienst was. Daarmee verloor T. naar zijn gevoel zijn identiteit. Hij vond dat verschrikkelijk.

Verder was hem naar zijn mening door medebewoners van het kraakpand waarin hij toen woonde, een oprotpremie van 12.000 gulden door de neus geboord. „Dat geld betekende voor mij een kans op een nieuw leven”, zei hij vanmorgen in de rechtbank in Arnhem, waar hij terechtstaat voor de moord op de Nijmeegse activist Louis Sévèke.

Dat nieuwe leven bouwde hij na zijn vertrek uit Nijmegen wel op, maar toen in 2005, in de periode dat hij in Antwerpen verbleef, de relatie met zijn vriendin Carmen eindigde, kwamen de wraakgevoelens boven. Ze waren al die jaren sluimerend aanwezig geweest.

Sévèke werd zijn slachtoffer. Hij zag de activist als het symbool van de linkse beweging in Nijmegen. „Ik zat op dat moment heel diep. Ik gaf niets meer om mijn eigen leven.” Er was niets meer wat er toe deed, gaf hij aan. Hij ging naar Nijmegen en trof daar Sévèke. Hij achtervolgde hem en schoot hem een paar straten verderop met een dubbelloops jachtgeweer dood.

In psychiatrische rapporten die zijn gemaakt, wordt hij beschreven als iemand die als kind gepest werd en weinig contact had met leeftijdsgenoten. Later kon hij moeilijk aansluiting vinden bij meisjes. Hij had moeite zijn eigen weg te vinden, hij bleef lang bij zijn ouders. Hij is zeer intelligent.

De Forensische Psychiatrische Dienst ziet dwangmatige, narcistische en antisociale trekken bij de verdachte, en een beperkt affectief en empathisch vermogen. De dienst concludeert dat hij lijdt aan het syndroom van Asperger, een aan autisme verwante stoornis. De prognose is somber, er is kans op herhaling. De dienst acht hem verminderd toerekeningsvatbaar.

Maar het Pieter Baan Centrum (PBC) ziet alleen een beperkte ontwijkende persoonlijkheidsstoornis met wantrouwende trekken. De feiten kunnen hem worden toegerekend.

De wraakgevoelens zijn verminderd door de moord, zei T. Maar: „Ik sluit niet uit dat het terugkomt”, zei hij tegen de rechter.