Ook porno moet je leren

Het wordt tijd dat we liefdevolle erotiek een plek geven in onze samenleving, zegt Jan den Boer. Het kijken naar seksfilms scherpt de kritische blik.

Morgen wordt de bijna 36 jaar oude pornofilm Deep Throat uitgezonden. Minister André Rouvoet (Jeugd en Gezin, ChristenUnie) deed tevergeefs een moreel appèl op de VPRO en BNN om de film niet uit te zenden.

Rouvoets oproep werd, hoe voorspelbaar, gezien als ouderwetse betutteling; het recht op vrije meningsuiting was in het geding. Zo bleef de discussie over porno opnieuw steken in een achterhaald welles-nietesspel, dat geen recht doet aan de plaats die pornografie in onze maatschappij heeft.

Porno is overal. Verbieden is dus onmogelijk. Maar het is ook niet meer het bevrijdende middel dat het in de jaren 70 was – de tijd dat Deep Throat voor een revolutie zorgde. We zouden ons dus eenmeer realistische, hedendaagse kijk op porno moeten aanmeten. Een die ons leert om te gaan met datgene wat gegeven is. Kortom, we moeten porno leren kijken.

In deze tijd heerst een dubbele moraal. Porno kijken hoort niet, en tegelijkertijd is onze cultuur er van doordrenkt. We doen het massaal, en vooral stiekem. Voor de meeste volwassenen is in alle openheid naar porno kijken taboe; mannen en vrouwen kijken zelden samen. Veel vrouwen voelen er zelfs grote afkeer tegen. Hoe kunnen we ooit onze kinderen met zo’n moeilijk onderwerp leren omgaan, als we het zelf niet eens kunnen?

Porno voldoet blijkbaar aan een sterke, menselijke behoefte, maar kan ook verslavend zijn. Uit recent onderzoek is gebleken dat circa 300.000 mannen in Nederland verslaafd zijn aan seks en uitingsvormen daarvan, zoals pornofilms en sekslijnen. Een verklaring kan zijn dat pornografie lichamelijke afhankelijkheid van het hormoon dopamine – dat ook gerelateerd is aan orgasmen – stimuleert. Het probleem wordt nog eens versterkt door het taboe dat erop rust: men kan de gevoelens erover niet gemakkelijk kwijt.

Des te belangrijker is het om mensen – volwassenen én kinderen – hierover te informeren om zo beter keuzes te kunnen maken. Daarvoor moeten we een onderscheid leren maken tussen liefdeloze of gewelddadige pornografie, en fijne, prettige erotiek. Het EO-programma 40 dagen zonder seks laat zien dat er behoefte is aan een liefdevol alternatief voor de erg op bevrediging gerichte seksuele moraal van deze tijd. Helaas vervalt het programma in de traditionele tweedeling tussen ofwel heftige seks ofwel seksloze liefde.

Er is een middenweg. Er worden genoeg films gemaakt die laten zien dat seks en liefde samen kunnen gaan en toch erotisch zijn – zoals de Kamasutrafilms. Ook op internet zijn, volgens onderzoeker Marije Jansen van de Universiteit van Amsterdam, talloze pornosites te vinden die vrouwonvriendelijk noch gewelddadig zijn.

Vriendelijkere vormen van erotiek krijgen echter maar weinig aandacht. Dat is jammer, want er is ook een wetenschappelijke hypothese die stelt dat liefdevolle erotiek minder verslavend is, omdat het minder met dopamine, en meer met het liefdeshormoon oxytocine samenhangt.

De vraag is: hoe kunnen we betere porno op een betere manier leren kijken? Een rol kan weggelegd zijn voor de middelbare school, door erotiek in de seksuele voorlichting te betrekken. Daarvoor moeten eerst de volwassenen een beter begrip van het genre krijgen. Dat begrip kan groeien als partners bijvoorbeeld samen naar erotische films kijken. Niet om opgewonden te raken, maar om een kritische blik te ontwikkelen. Door te praten over hetgeen men ziet, en hoe men het ervaart – zoals men dat doet bij het kijken naar gewone films – leert men de pornografie én elkaar beter kennen.

Liefdeloze seks kan pijnlijk zijn en verdriet opwekken. Het is dan ook een onjuiste opvatting uit de tijd van de seksuele revolutie dat alles altijd moet kunnen. Maar mooie erotiek is opwindend en liefdevol – het is evengoed een vergissing uit onze christelijke cultuur dit niet in beeld te brengen. Door de verschillen bespreekbaar te maken, leert men het onderscheid kennen en waarderen, en neemt het risico op verslaving af.

Laten we daar morgen mee beginnen, als Deep Throat wordt uitgezonden.

Jan den Boer is filosoof en bouwkundige. Hij schreef ‘Het is tijd voor een liefdesrevolutie. Een tantra zoektocht naar bezielde passie.’