Ook de argeloze fotograaf is een fotograaf

En de prijs gaat naar... Mr. Lee! Op de website www.mr-lee-catcam.de is het bekroonde werk uitvoerig te zien. De winnaar van de Kleine Hans 2007 – Worlds biggest small photo award – munt uit in dagrapportages. Onder auto's, in vreemde garages, naast een vervaarlijke slang in het gras – braaf maakt de camera om de nek van Mr. Lee elke minuut automatisch een foto en leidt ons op die manier binnen in een onbekend universum, zoals interessante kunst hoort te doen.

Het enige wat aan Mr. Lee's status als fotograaf en kunstenaar afbreuk zou kunnen doen, is dat hij niet zelf het moment van afdrukken bepaalt, en evenmin bewust bezig is met het zoeken naar een interessante plaat. Mr. Lee is namelijk een kat, die door zijn eigenaar, de in de VS woonachtige Duitser Jürgen Perthold, is voorzien van een zelf ontworpen catcam.

Geen kattenvriend die zich niet wel eens afvraagt wat zijn kat eigenlijk doet, als hij er niet bij is. Van Mr. Lee weten we dat nu: lekker met andere katten onder auto’s zitten, langdurig naar vogelnestjes staren, en langslopen bij een aantrekkelijke vrouwtjespoes in de buurt. Maar veel van de foto’s van Mr. Lee hebben ook een abstracte kwaliteit – fantasieën van licht en kleur.

Kunnen we Mr. Lee eigenlijk wel een fotograaf noemen? Of zelfs een kunstenaar? De jury van de Kleine Hans vraagt zich dat in haar rapport af: „Kun je fotograaf zijn als je niet weet dat je een foto maakt? Als Mr. Lee de fotograaf niet is, wie is het dan wel? (...) Zijn baas Jürgen Pethold mag dan wel de camera hebben bedacht (...) maar het is onmiskenbaar Mr. Lee die de camera naar zijn onderwerp brengt. Zou het onderwerp uiteindelijk de fotograaf zijn? Is het onderwerp eigenlijk niet altijd de fotograaf?”

Voor dit laatste lijkt me veel te zeggen. Neem het werk van de toch tamelijk beroemde Franse fotograaf (en documentairemaker) Raymond Depardon. Deze publiceert in een net verschenen boekje (1968, une année autour du monde, Éd. Point), en elke zaterdag in het dagblad Libération (www.liberation.fr) zijn foto's uit 1968, het jaar van de Parijse revolte. Wie foto’s van de bekende straatgevechten tussen linkse studenten en oproerpolitie zou verwachten, komt bedrogen uit.

Depardon verdiende in deze jaren namelijk zijn brood als nieuwsfotograaf voor het mede door hemzelf opgerichte fotonieuwsagentschap Gamma. Hij werd met zijn 26 jaar te oud bevonden voor de studentenrevolte en liet die aan jongere collega’s over. En zo bevat de collectie foto's van Depardon voornamelijk zaken uit 1968 die eigenlijk vergeten zijn: extreem-rechtse demonstraties op de Champs-Élysées, een religieus congres, en veel foto’s in het genre dat in Frankrijk people heet. De mooiste daarvan is er een van de zangeres Mireille Matthieu, het bed houdend na een verkeersongeluk.

Maakt het feit dat Depardons fotoalbum uit 1968 vooral door toevallige omstandigheden – de organisatie van Gamma, de mogelijkheid om bij een ster binnen te komen, economische noodzaak – en niet door een gerichte keuze van de fotograaf tot stand is gekomen, hem tot een mindere fotograaf of kunstenaar? Dat lijkt me niet – in hun ‘gewoonheid’ zijn Depardons foto's vaak adembenemend, juist omdat ze een ‘1968’ laten zien dat we niet kennen. Maar dan is er ook geen reden om Mr. Lee zijn sterstatus te onthouden. De bokaal, en de meegeleverde portie rivierkreeft voor hem zijn dus alleszins verdiend.