Iedereen wil zo’n Bisky met weinig poespas en veel lading

Een jong, goedgekleed stel loopt de galerie van Cokkie Snoei binnen, een dag na de opening van Norbert Bisky’s tentoonstelling. De keuze is beperkt: op en voor de opening zijn acht van de veertien schilderijtjes verkocht. Toch zijn ze niet goedkoop: voor vijf- tot tienduizend euro heb je een doekje ter grootte van een A4’tje. Ze blijven staan bij Mini Swirlie, een blauw jongensportret dat doorkliefd wordt door een blauwe schicht die zo uit een Pokémoncartoon zou kunnen komen. Het stel twijfelt te lang, de telefoon gaat: verkocht. Gelukkig heeft Snoei twee aquarellen van strandscènes achter liggen, die Bisky kort voor de opening nog op zijn hotelkamer had afgemaakt. Een paar geel-oranje veegjes geven de badgasten aan, het omringende wit van het papier fungeert als oogverblindend wit zand.

Bisky’s populariteit loopt parallel met die van Duitse hedendaagse schilders zoals Wolfgang Ellenrieder en Eberhard Havekost. Net als zij maakt Bisky snel uitziende, figuratieve doeken met weinig poespas en veel lading. Al gold dat laatste meer voor zijn vorige solo bij Snoei, vier jaar geleden. Toen exposeerde hij grote doeken met arische atleten tegen helblauwe hemels – een mix van Riefenstahls film Olympia en kauwgomreclames. Nu zijn verwijzingen naar atletiek verdwenen, maar zijn kritiek op de verering van jeugdige schoonheid is gebleven. De jongens die hij schildert, lijken mannelijke barbies met witte tanden en lege ogen.

Twee jaar geleden zag Snoei Bisky’s eerste zelfportret, ter grootte van een washandje, en hoopte de primeur te krijgen van zijn eerste portrettententoonstelling. Een andere galerie was haar voor. Maar Bisky’s huidige solo bestaat uit kersverse portretten, vaak nog nat van de verf. Niet Bisky’s eigen gezicht maar dat van zijn mooie vriendje staat model. Bisky portretteert hem met rode vochtige lippen en een blosje op de wangen. Elk gezicht bestaat uit kleurige toetsen, schijnsels van discolampen of fantasy vuurschichten. Daartussen laat hij delen van het doek leeg: deze witte uitsparingen vormen lichtvlekken en maken de lichtheid van het bestaan voelbaar. Met de geportretteerden in de achterruimte van de galerie is het slecht afgelopen. De rode blosjes zijn vervangen door strepen bloed, de oranje toetsen zijn bloed vermengd met snot. Door ze te laten sneuvelen, verbeeldt Bisky eigenlijk de aloude vanitasmoraal.

De hype rond Bisky is te begrijpen. De koppen zijn verleidelijk en de verftoets is virtuoos. Maar niet alle doekjes zijn even goed: de snelheid en de oppervlakkigheid die Bisky verbeeldt, maken zijn werk soms vluchtig en leeg. Zware titels als Jihad en Parasit helpen daar niet aan. Niettemin: bij het ter perse gaan van deze krant is het werk waarschijnlijk uitverkocht.

Norbert Bisky ‘Minimental’, t/m 9 maart bij Cokkie Snoei, Mauritsweg 55, Rotterdam. Do-zo 13-18u.