Hallo, kan de fractie niet wat zichtbaarder worden?

De PvdA wilde graag regeren. Vanwege het landsbelang, zegt Wouter Bos.

Na een jaar hield de partij een verjaardagsfeestje. Maar valt er eigenlijk wat te vieren?

Als enige coalitiepartij vierde de PvdA onlangs één jaar kabinet. Maar spreek je de topdrie – vicepremier Bos, interim-fractieleider Hamer, partijvoorzitter Ploumen – dan klinken zij vooral opgelucht dat 2007 achter de rug is.

„Een nieuwe coalitie is als een huwelijk: de conflicten heb je in het eerste jaar. Dan maak je ruzie over de meubels, over wie welke wastafel krijgt. Daarna wordt het meer ontspannen”, zegt Mariëtte Hamer. „Het najaar was erg lastig. De sociaal-democratische begroting van dit kabinet kwam niet goed over het voetlicht, lastige dossiers domineerden het debat: het ontslagrecht, Uruzgan”, vindt Liliane Ploumen. Komend jaar moet het gebeuren, dan moet de PvdA zich profileren op het thema arbeid. „Er zijn zoveel ontwikkelingen. Zekerheid versus flexibiliteit, oud versus jong, opleidingen die op de arbeidsmarkt aansluiten.”

Ondanks de nederlaag bij de landelijke verkiezingen leek de uitgangspositie van de PvdA vorig jaar redelijk. De partij kon zich na royale stembuszeges prima profileren op gemeentelijk en provinciaal niveau. En de PvdA drukte een zwaar stempel op het kabinet. In september presenteerde ‘investeringskabinet’ Balkenende IV zijn eerste begroting, die gold als een triomf voor de PvdA. Het tweede kabinet-Den Uyl, schamperde de VVD; de SP was ongewoon afgewogen in zijn kritiek. Premier Balkenende verdedigde de begroting met verve: heel sportief van hem, oordeelde het PvdA-smaldeel.

Maar de Algemene Beschouwingen waren geen succes. PvdA-fractieleider Tichelaar beet in het stof toen hij zonder overleg compensatie eiste voor de middeninkomens. Daarna liep de coalitie vast in een loopgravenstrijd rond het ontslagrecht. Rond de kerstdagen hadden de commentatoren het oordeel al klaar: dit was een liefdeloos huwelijk met partners die vooral elkaars aspiraties blokkeerden. Er werd te weinig gegeven en te veel ingeleverd. Nikserig, oordeelde Arie Slob van de ChristenUnie.

In peilingen tuimelde de PvdA en staat nu op zo’n twintig zetels. Daarom: feest! Vorige week vierde de PvdA één jaar kabinet in het Amsterdamse hotel Arena met spuitwijn, kaarsjes en een urenlange talkshow. De pers liep door de zaal met één vraag: wat valt er te vieren? Het generaal pardon, de één miljard euro extra voor lerarensalarissen, de geringe huurverhoging. En al staat het nog in de steigers: de investeringen in de veertig prachtwijken van minister Vogelaar, die de woningbouwcorporaties zojuist een dwangheffing oplegde, of het duurzaamheidsbeleid van minister Jacqueline Cramer.

Wellicht had de PvdA na haar verkiezingsnederlaag moeten afzien van regeren. Maar, zegt Wouter Bos deze week op een partijbijeenkomst in Rotterdam: „Soms moet je kiezen tussen partijbelang en landsbelang, ik koos het landsbelang. Politiek is niet voor bange mensen.” Soms is Bos stiekem jaloers op het CDA, grapt hij. „Zo’n grote, volgzame massa die halleluja roept en de leider volgt.

Je hebt eenheid door succes en eenheid door angst. De SP is een groot probleem, erkent partijvoorzitter Ploumen. Vroeger zaagde de linkervleugel van de PvdA binnenskamers aan de stoelpoten van de leider, nu staat die linkervleugel buiten de poort om het fort in te nemen.

De slechte peilingen baren hem zorgen, zegt Bos, juist ook omdat de SP niet profiteert maar Wilders en Verdonk wel. Links loopt leeg. De kiezer eist simpele antwoorden: alles is de schuld van het grootkapitaal of de islam. „Ik vind het heel kwalijk dat serieuze politici als Rutte en Kamp nu het CDA verwijten te draaien. Dat ze bijdragen aan het beeld dat je kiezersbedrog pleegt als je iets inlevert om een coalitie mogelijk te maken.”

Wordt het rustig nu de coalitiepartners elkaar ‘de nieren hebben geproefd’? Paul Kalma geldt als het geweten van de PvdA; hij verruilde na dertig jaar de Wiardi Beckman Stichting voor de Kamerfractie. Dit kabinet was een ‘moetje’, oordeelt hij, maar dat gold in 1994 ook voor het paarse kabinet. Liefde moet je in de politiek niet overschatten, de kabinetsformatie verliep in zijn ogen juist te vreedzaam. „Twee partijen die lijnrecht tegenover elkaar stonden, vonden elkaar in Beetsterzwaag onder die vage mantra ‘samen, samen’. Een lange formatie was beter geweest: eerst een keihard conflict.” Nu was het akkoord onvoldoende dichtgetimmerd en volgde de bijna-kabinetscrisis rond het ontslagrecht. Dat zet de toon.

Zo heeft Kalma meer kanttekeningen. ‘Samen’ is een fraaie slogan, maar is dit kabinet voldoende homogeen tegenover sterke, gevestigde belangen die daaraan geen boodschap hebben? Wordt het een vechtkabinet? Kalma: „De randen van het coalitieakkoord opzoeken, dat lijkt me normaal. De PvdA bevindt zich in een existentiële periode, er bestaat een grote behoefte aan principiële politiek.”