Foto’s Meyer relativeren de heroïek van nieuwe land

Tentoonstelling Fotografie Maasvlakte 2: Een laatste blik, door Dorothée Meyer. T/m 2/3 Nederlands Foto Instituut, Wilhelminakade 332, Rotterdam. inl.: www.nederlandsfotomuseum.nl

De fotoreeks die Dorothée Meyer maakte van de tweede Maasvlakte in wording heeft als titel Een laatste blik meegekregen. Die had net zo goed ‘Een eerste blik’ kunnen heten: het onderwerp is het nieuw gemaakte land waarop dit jaar de aanleg van de tweede Maasvlakte moet beginnen. Deze ambiguïteit draagt bij aan de spanning in de foto’s: laten ze het begin van iets zien, of het einde van iets anders?

In opdracht van het Rotterdamse Havenbedrijf en het Nederlands Fotomuseum krijgt tot 2013, wanneer de nieuwe Maasvlakte in gebruik moet worden genomen, ieder jaar een kunstenaar opdracht om een aspect daarvan te verbeelden. De werken wordt opgenomen in de collecties van beide instanties. De eerste opdracht is gegaan naar Dorothée Meyer (1973), die uit Keulen komt en in Nederland woont. Na haar (post)opleiding aan twee kunstacademies heeft ze zich in oer-Hollandse landschappen gespecialiseerd, waaronder ‘Nederlandse bergen’, ‘Recreatielandschappen’, ‘Bruggen’ en ‘Stadslandschappen’.

Meyer fotografeert altijd op groot formaat, en dat levert behalve hele scherpe afbeeldingen ook een zekere verstilling op. Door de lange sluitertijden verdwijnt zelfs de beweging uit het water. Erdoorheen schemert de neutrale blik waarmee het Duitse echtpaar Becher school maakte. Die houding wordt versterkt door de titels van de foto’s: dat zijn de lengte- en breedtegraad waar ze zijn genomen. Haar foto’s worden nog monumentaler door de strakke opstelling in het Fotomuseum, waar ze ingelijst en keurig in het gelid in een rechte lijn over de wanden marcheren.

Het statige, voorname van deze technische fotografie, en van de presentatie ervan in het museum, relativeert de heroïek waarmee de aanleg van nieuw land vaak is omgeven, zoals in de recente discussie over de aanleg van een tulp voor de kust. Geen Hollands glorie, geen sensatie, maar een koele, precieze registratie, even poëtisch als bevreemdend, van het eeuwige grensgebied tussen land en water.

Deze monumentale neutraliteit heeft voor- en nadelen. Enerzijds krijg je als toeschouwer daardoor de ruimte om je ogen en je gedachten de vrije loop te laten. Je kunt opgaan in details én je laten overdonderen door de grootsheid van water en luchten. Meyer schrijft je niet voor wat je moet voelen, ze laat je het zelf ontdekken.

Er is één beeld dat de technische perfectie doorbreekt. Je ziet een groep met groene algen begroeide basaltblokken van dichtbij, zo dichtbij dat het net zo goed een gebergte met grazige hellingen had kunnen zijn. Wat een verrassing: de hoekige blokken zijn onscherp. Wat een bevrijding! Dorothée Meyer is een vakvrouw: ze levert perfectie en weet zelf die perfectie ook te relativeren.