Duitse Hanzestad flirt met Die Linke

Zondag zijn er verkie-zingen in het Duitse Hamburg. Behalve om het burgemeesterschap gaat het om de vraag of ex-commu-nistisch links zijn opmars in Duitsland voortzet.

Joost van der Vaart

Nicolai Meyer gaat zondag in Hamburg links stemmen. Niet gewoon sociaal-democratisch links, maar linkser. Hij zal zijn stem uitbrengen op de nieuwe partij Die Linke, die landelijk de aandacht trekt met verkiezingswinst.

Meyer is ervan overtuigd dat ook in Hamburg de nieuwe linksen in het parlement worden gekozen. Zoals ze een maand geleden tot veler verrassing de kiesdrempel haalden in de deelstaten Hessen en Nedersaksen.

Hamburg is de rijkste stad van Duitsland. Een stad van miljonairs, die nu nog uitsluitend door de christen-democratische CDU wordt bestuurd. Welvarend dus – maar in geen Duitse stad zijn de tegenstellingen tussen rijk en arm zo groot.

Hamburg is net als Bremen en Berlijn een stadsdeelstaat. De stembusuitslag is van belang omdat er misschien een trend mee duidelijk wordt. In Nedersaksen kan na de verkiezingen van eind januari de CDU blijven regeren, samen met de liberale FDP. In Hessen verloor op datzelfde moment de regerende CDU fors ten koste van de sociaal-democratische SPD.

Daar is men nu al weken aan het formeren. Wat niet meevalt: de komst van Die Linke in het parlement heeft voor blokkades gezorgd. Niemand wil vooralsnog met ze in zee, omdat ze te links te zijn; haast communistisch. Dat is deels ook hun achtergrond. Die Linke is gevormd door communisten uit de voormalige DDR. Landelijk zijn de politieke leiders Gregor Gysi, een Oost-Duitser, en Oskar Lafontaine, die jaren geleden gefrustreerd uit de SPD stapte.

Volgend jaar zijn de landelijke verkiezingen voor de nieuwe Bondsdag. Ook in het kader daarvan is de stembusuitslag in Hamburg van belang. Een van de hoofdvragen luidt: krijgt Die Linke in de Hanzestad voet aan de grond?

Dat hangt af van mensen als de 37-jarige Nicolai Meyer. Hij is conducteur bij de Duitse spoorwegen en werkt op internationale treinen naar Frankrijk, Zwitserland, Oostenrijk. Een zware baan; hij moet veel nachtdiensten draaien.

Meyer woont in de Hamburgse volkswijk Dulsberg. Hij is gescheiden van zijn vrouw, met wie hij vier kinderen heeft in de leeftijd van vier tot tien jaar. Meyers leven is geen vetpot. Zijn maandsalaris bedraagt circa 1.350 euro netto. Na huur, alimentatie, verzekeringen en het geld voor de kinderen blijft maandelijks weinig over.

Nicolai Meyer beschouwt zichzelf als „een van de talloze Duitsers” bij wie de economische opleving niet is aangekomen. „De Aufschwung? Laat me niet lachen.” Wat hem vooral boos heeft gemaakt, is het feit dat hij de afgelopen vijf jaar een reëel loonverlies heeft geleden. Niet veel, maar genoeg om het in z’n portemonnee te voelen.

„Ik ben zestien jaar lid geweest van de SPD, van 1989 tot 2005. Maar ik voelde me op het laatst door mijn eigen partij verraden. De SPD heeft nog maar heel weinig op met de gewone man. Mijn loon werd minder, terwijl iedereen tegen me zei dat het economisch zo goed ging. Dat heeft de SPD laten gebeuren. Ik ben eruit gestapt en heb me bij Die Linke gemeld”, zegt Meyer laconiek.

Voor hem betekent sociaal-democratie betere levensomstandigheden voor de arbeiders, de werklozen en de gepensioneerden. „Van de SPD moet ik tot m’n 67ste doorwerken. Mijn collega’s op de Franse treinen gaan met 55 jaar met pensioen. Waarom kan dat bij ons niet, en waarom strijdt de SPD daar niet voor?”

„Steeds meer mensen hebben het gevoel dat er iets mankeert aan de sociale rechtvaardigheid in Duitsland. Ik moet mijn kinderen helaas naar een school sturen waar ik niet tevreden over ben. Mijn oudste heeft eigenlijk bijles nodig, maar dat kost me maandelijks honderd euro. Dat is alleen te betalen als je meer geld hebt. Die Linke wil het schoolsysteem in Hamburg verbeteren – en daar hebben ze groot gelijk in.”

Meyer realiseert zich dat hij met zijn keuze voor Die Linke een proteststem afgeeft. Wat wil hij ermee bereiken? „Ik denk niet dat we in Hamburg zullen regeren. Maar vanuit de oppositie kan Die Linke wel druk uitoefenen op de SPD en de Groenen om een linksere politiek te voeren.”

Nicolai Meyer heeft Hamburg de afgelopen jaren economisch zien groeien en van de globalisering zien profiteren. Er kwamen banen bij, zeker, maar door de mondialisering verdwenen er ook, meent hij. Dat Hamburg steeds rijker wordt, zegt hem niets. Het geld gaat volgens hem naar de verkeerde dingen, „zoals het nieuwe en dure concertgebouw”, de zogeheten Elbphilharmonie.

„Wat zegt mij zo’n protserig uithangbord? In mijn buurt zijn de laatste twee jaar de bibliotheek en het openbare zwembad gesloten. Daar was geen geld meer voor. Dat zegt me veel meer.”