Dijsselbloem II

Ik was gisteren in het café om een kopje thee te drinken met een goede vriend. Hij werkt als universitair docent in Leiden. Hij is een getalenteerd en bevlogen wetenschapper. Buitenlandse universiteiten lonken opzichtig naar hem. Maar hij is daar onverschillig over, omdat hij trouw is aan de Leidse universiteit. Ik zou geneigd zijn hem daarom te prijzen maar zijn leidinggevenden denken daar anders over. Hij wordt actief gestimuleerd om te solliciteren naar banen aan beroemde universiteiten. Kennelijk telt het prestige van zo’n transfer zwaarder dan het behouden van het talent voor de eigen universiteit. Zijn trouw wordt beschouwd als ouderwets. Modern en dynamisch zijn in de wetenschap betekent kennelijk dat je zo snel mogelijk moet zorgen dat je wegkomt uit Nederland.

Hij liet mij een papiertje zien. Het was een briefje van NWO, de instelling die de overheidsgelden verdeelt voor wetenschappelijk onderzoek. Hij had een aanvraag ingediend voor een onderzoeksproject. Het briefje bevatte het oordeel van NWO over die aanvraag: ‘weinig kansrijk’. De motivering van die beslissing bestond uit een tabelletje. De aanvraag was op vier criteria beoordeeld, volgens een onnavolgbaar cijfersysteem. De inhoudelijke argumentatie bestond uit twee zinnen: ‘de onderzoeker heeft een mooi cv’ en ‘het innovatieve karakter van het onderzoek heeft geen aanleiding gegeven tot opmerkingen’. Toch was de aanvraag afgewezen.

Er was maanden werk gaan zitten in die aanvraag. Bij NWO houden ze niet van verrassingen, dus je moet de resultaten van je onderzoek eigenlijk al kunnen noemen voordat je het onderzoek gaat uitvoeren. Als je eenmaal al het vooronderzoek hebt gedaan dat daarvoor vereist is, is het onderzoek zelf eigenlijk al niet meer nodig. Gelukkig is niemand daarin geïnteresseerd. Het gaat erom dat je gelden binnensleept. Daarop word je beoordeeld. Of je je project vervolgens echt uitvoert, is volslagen onbelangrijk.

De commissie-Dijsselbloem heeft vorige week een vernietigend oordeel geveld over de kwaliteit van het onderwijs. Het hoger onderwijs en het onderzoek bleven buiten schot. Maar ik zie al een nieuwe commissie opdoemen.

Ilja Leonard Pfeijffer