‘Satanische samenzwering’ rond film Wilders

Het parlement van Iran verzet zich tegen Wilders’ anti-islamfilm. Leidt diens „satanische samenzwering” tot demonstraties, een fatwa of een handelsboycot?

De islamitische republiek Iran loopt voorop bij de internationale islamitische reactie op de aangekondigde film van Geert Wilders. Twee dagen geleden vroeg de grote meerderheid van het parlement de door president Mahmoud Ahmadinejad geleide regering de banden met Nederland en Denemarken te „herzien”.

Een week eerder stuurde Ghollam-Hussein Elham, regeringswoordvoerder en minister van Justitie in Iran, een brief naar zijn Nederlandse collega, Ernst Hirsch Ballin. Hij stelde daarin voor de film te verbieden met een beroep op het Europees verdrag voor de rechten van de mens. „U kunt deze satanische samenzwering stoppen op grond van Europees recht.”

De Iraanse ambassadeur in Nederland, Borzorgmehr Ziaran, kondigde vorige maand een reactie met andere islamitische ambassadeurs aan. „De film brengt de veiligheid van jullie troepen in Afghanistan in gevaar”, waarschuwde Ziaran, die goed op de hoogte is van de gebeurtenissen in het buurland van Iran.

Volgens minister van Buitenlandse Zaken Maxime Verhagen denkt Iran „wat makkelijker” en met minder respect over de vrijheid van pers, meningsuiting en godsdienst.

Iran is sinds de islamitische revolutie van 1979 een van de leidende en meest activistische landen in de moslimwereld. Als de film van Wilders uitkomt, zijn diverse Iraanse stappen mogelijk:

handelsboycot. Volgens het Iraanse parlementslid Elham Aminzadeh, lid van de commissie buitenland, kan Iran een eenzijdige handelsboycot van Nederland afkondigen. „Nadat in Denemarken beledigende afbeeldingen van de profeet Mohammed waren afgedrukt, leidde een importstop op Deense producten in de moslimwereld tot een verlies aan inkomsten in dat land”, zegt ze.

Nederland importeerde in 2006 voor ruim 1 miljard euro uit Iran, voornamelijk olie. De Nederlandse export bestond onder meer uit olieproducten en machines, met een waarde van 663 miljoen euro.

Een boycot heeft volgens Aminzadeh niet alleen economische gevolgen. „De politieke macht van een land wordt ook aangetast.” Volgens haar voeren de Iraanse parlementariërs met hun dreigement gewoon hun taak uit. „De natie verwacht dit van ons. We hebben Nederland altijd gerespecteerd als een land waar de volgelingen van de heilige religies in vrijheid hun geloof konden belijden. Maar nu een Nederlands parlementslid deze film maakt, moeten we daarop reageren.”

Demonstraties. Door Nederland en Denemarken gelijk te behandelen, geeft Iran een signaal aan de moslimwereld dat Nederland net zo extreem is als Denemarken. Tijdens de ‘cartoonrellen’ na de publicatie van Deense spotprenten over de profeet Mohammed vielen in de eerste maanden van 2006 vijftig doden in moslimlanden. In Libanon werd de Deense ambassade platgebrand. In Iran waren demonstraties georganiseerd, waarbij een kleine groep radicalen frequent de Deense ambassade belaagde.

Volgens minister van Justitie Elham moet de film niet verschijnen onder het voorwendsel van vrijheid van meningsuiting. „Wij respecteren de vrijheid van meningsuiting, maar het beledigen van heiligheden en ethische waarden met dat excuus is totaal onacceptabel”, schreef hij Hirsch Ballin. Elham waarschuwde ook voor ongeregeldheden in de moslimwereld.

Sinds de revolutie van 1979 en de opkomst van de politieke islam speelt Iran een gidsrol voor diverse islamitische bewegingen. De Libanese shi’itische organisatie Hezbollah en het Palestijnse sunnitische Hamas zeggen geïnspireerd te zijn door Iran. Ook op de ‘Arabische straat’ heeft president Ahmadinejad veel aanhang. Hij zegt vaak wat burgers in de regio denken. Iraans verzet tegen een Nederlandse film is waarschijnlijk voor een groot deel gericht op een publiek in het Midden-Oosten, maar de gevolgen kunnen tot in Nederland reiken.

Fatwa. In 1989, op zijn sterfbed, sprak ayatollah Khomeiny in een fatwa, een religieus voorschrift, een doodvonnis uit tegen de Britse schrijver Salman Rushdie wegens diens boek De Duivelsverzen. Door beledigende uitspraken over de profeet in dat boek zou Rushdie een afvallige zijn geworden. Er werd een prijs op het hoofd van de schrijver gezet, als beloning voor degene die hem zou vermoorden. Deze fatwa heeft Iran jarenlang internationaal geïsoleerd. Nadat de regering van de hervormingsgezinde president Mohammad Khatami had verklaard dat het doodvonnis niet zou worden uitgevoerd, verhoogde een Iraanse conservatieve instelling de beloning.

Hoge geestelijken hebben de macht een doodvonnis uit te spreken, wat ze individueel en zonder ruggespraak kunnen doen. Maar het is een uiterst middel. In 2006 sprak een Iraanse geestelijke een doodsfatwa uit tegen twee journalisten in Azerbajdzjan, die volgens hem in een kritisch artikel over de islam de profeet Mohammed hadden beledigd. Dat was de eerste keer sinds 1989 dat dit internationaal gebeurde. Een andere hoge Iraanse geestelijke zei later echter de fatwa van zijn collega niet te steunen.

Waren de twaalf tekenaars die de Deense cartooncrisis veroorzaakten vrij anoniem, Wilders staat als individu meer in de belangstelling. Maar het is onduidelijk of er ook een doodsfatwa tegen een niet-moslim kan worden uitgesproken. Een Iraanse geestelijke zegt desgevraagd dat zo’n vonnis in principe alleen geldig is als de veroordeelde zich binnen de invloedssfeer van het islamitische regime bevindt.

Volgens parlementslid Aminzadeh zijn fatwa’s wettelijk onderbouwd door principes van de shari’a, het islamitisch recht. Alleen experts kunnen volgens haar bepalen of de productie van Wilders’ film tot een doodvonnis kan leiden – vooral omdat er nog niets is. Aminzadeh: „Maar we kunnen er zeker van zijn dat onze belangrijkste religieuze leiders zo’n daad zo krachtig mogelijk zullen veroordelen.”