Routineverhoor

Het Grote Huis oogt treurig en kaduuk, maar de tuin ligt er onder de stroperige lucht aangeharkt bij. In die tuin tikt een agent Bisschop junior op zijn schouder. Hij weet dat Bisschop junior verantwoordelijk is voor de zwangerschap van het slachtoffer. Hoe hij dat weet? Ze hebben op Bisschop junior wel vaker een spiedend oog geworpen, als er een meisje zwanger was. Hij geniet een zekere faam. ’t Zal wel niet, dachten de mensen.

Ik neem aan dat de agent er niet zomaar een slag naar slaat. Je zou kunnen denken dat de kosteres die op het huis let iets heeft opgevangen, dat ze vervolgens met de familie heeft gesmiespeld en dat de broer van de politiecommissaris die in de stad woont lid is van dezelfde vrijmetselaarsloge als de ex-ambassadeur. Als het om de tamtam gaat is alles mogelijk. Zo weet ik weer hoe Bisschop junior op de schoudertik van de agent reageerde dankzij de dochter van de buurman die het had van het onvermijdelijke oude vrouwtje dat over de heg keek.

Bisschop junior kijkt de agent aan, loopt een eind weg, leunt tegen een boom en schudt van nee. De agent komt bij hem staan, praat opnieuw op hem in en Bisschop junior schudt opnieuw van nee. Dat schiet niet op.

Er is na de dood van het meisje dat de moeder van zijn kind zou worden geen speciaal verdriet bespeurd bij Bisschop junior. De mensen uit het dorp is tenminste niets opgevallen. Maar om hem dan meteen als verdachte te beschouwen, als een mogelijke moordenaar? Verdriet is een wonderlijk iets. Hoe harder het bijt, hoe minder het naar de oppervlakte wil. Het wil misschien wel, maar het kan niet, want het vreest de besmetting en de hoerigheid. Zichtbaar verdriet is het onbetrouwbaarste verdriet.

Ik lees uit het pantomimespel tussen Bisschop junior en de agent niets anders af dan dat de agent hem heeft gevraagd of hij wellicht iets meer wist. Al denken sommigen in het dorp daar anders over, voor mij staat Bisschop junior niet op het lijstje van de verdachten. Niet omdat een man onmogelijk het meisje kan vermoorden dat zwanger van hem is, dat is heel goed mogelijk, maar omdat Bisschop junior uit een andere wereld komt. Ik weet zeker dat verdriet zijn nieren aantast. En zijn lever. En zijn kniegewrichten.

Verdriet of niet, hij moet wel extra geïnteresseerd zijn in de moordenaar. Hij moet flink hebben nagedacht over het hoe of wat. Als iemand over een antenne of motivatie beschikt is hij het wel. Tenslotte hebben ze een deel van hem mee vermoord. Logisch dat de agent naar zijn vermoedens informeert. Al hoefde dat niet meteen zo hardhandig.

Bisschop junior schudt nog eens van nee. Hij heeft de kraag van zijn jack omhooggetrokken. Wijdbeens staat hij bij de waterput, op het stenen cirkelpad waarover de muilezels nog niet zo lang geleden hun rondjes liepen, dag in dag uit, om de emmers naar boven te trekken. Hij houdt het hoofd gebogen, je ziet alleen nog zijn wilde haren en de flaporen, zijn alomtegenwoordige flaporen. Hij staat daar op het ezelpad, waar geen jongen van zijn soort ooit van losraakt, en schudt van nee.

Gerrit Komrij