Een staaltje satellietschieten

Satellietspotters hadden het allang in de gaten: er haperde iets aan de satelliet USA 193.

Waarom de VS het ding beschieten, is of een raadsel, of wat spierballenvertoon.

De haperende Amerikaanse spionagesatelliet USA 193 wordt waarschijnlijk nog deze week uit zijn baan geschoten. Misschien is is zelfs al een poging gedaan – al dan niet geslaagd – terwijl deze krant gedrukt werd. Amateur satellite trackers leiden het af van een zogenoemde Notice to Airmen (NOTAM) voor het gebied ten westen van Hawaï, geldig voor de periode van gisteren op vandaag.

Zo ja, dan is het ruimteveer Atlantis veilig geland en wordt vanaf een Aegis-kruiser in het noorden van de Stille Oceaan een SM-3 raket afgevuurd in de richting van de gestaag dalende satelliet. De USA 193 vliegt dan niet hoger meer dan 240 km. Mislukt de onderschepping dan kunnen nog twee standard missiles worden afgevuurd.

Het blijft een raadsel waarom het Amerikaanse ministerie van Defensie de satelliet nog in volle vlucht wil vernietigen, terwijl veel andere, vaak grotere objecten ongehinderd mogen neerstorten. In juli 1979 kwam het complete Skylab naar beneden. Bij het ongeluk met het ruimteveer Columbia (februari 2003) zijn op aarde geen slachtoffers gevallen. De kans daarop is verwaarloosbaar.

Hier en daar is gesuggereerd dat de Amerikanen vrezen dat de geavanceerde radarapparatuur aan boord van de USA 193 in verkeerde handen valt. Het Pentagon zelf heeft dat tegengesproken: de apparatuur zou door de wrijving en de klap van de inslag onherkenbaar worden. De officiële lezing is dat men bezorgd is over de ongeveer 500 liter hydrazine (N2H4) die de satelliet aan boord heeft. Hydrazine is een tamelijk klassieke, goedkope stuwstof voor koerscorrecties en koerswijzigingen. In contact met de katalysator platina ontleedt de stof in de gassen waterstof en stikstof die het vaartuig de gewenste impuls kunnen geven. Hydrazine is wel nogal giftig en kan gevaarlijk zijn.

Maar de Nederlandse expert H.F.R. Schöyer, voorheen verbonden aan de Europese Ruimtevaartorganisatie of ESA, verwacht niet dat de stof intact de aardbodem bereikt. Door de wrijvingshitte zal de hydrazine in zijn dunwandige tank gaan verdampen en mogelijk explosief ontleden. En voor zover het niet direct ontleedt (in waterstof en stikstof) gebeurt dat wel onder invloed van uv-straling. Ook F16-straaljagers hebben hydrazine aan boord als reservebrandstof. Er zijn zelden problemen.

De eerdergenoemde satellite trackers hebben zich ook verbaasd over het feit dat het Pentagon pas eind januari bekend maakte dat er wat haperde. Zij zelf volgen de USA 193 (ook wel NRO L-21 genoemd) al sinds zijn lancering in december 2006. Al vanaf de eerste week was duidelijk dat er iets mis was. Er was maar heel kort radiocontact met de satelliet en vermoed wordt dat de boordcomputer weigerde die het uitvouwen van de zonnepanelen had moeten sturen. Amateurs die de satelliet in de avondschemering met een telescoop bekeken, konden geen enkel spoor van panelen ontdekken.

Het meest aannemelijk is nog dat de Amerikanen van de nood een deugd willen maken. Ze gebruiken de ongelukkige USA 193 voor een test én een demonstratie van hun vermogen om satellieten onschadelijk te maken. Vreemd genoeg protesteerden de VS zelf nog toen China in januari 2007 een falende weersatelliet op 800 kilometer hoogte vernietigde. Er is een internationaal streven om het oude Ruimteverdrag van 1967 uit te breiden met een een verbod op ontwikkeling en gebruik van anti-satellietwapens. Juist afgelopen week hadden China en Rusland daarvoor weer nieuwe voorstellen gedaan op de permanente ontwapeningsconferentie in Genève.

De twee gevallen zijn niet vergelijkbaar, hebben de Amerikanen gezegd: de USA 193 vliegt zo laag, al praktisch in de dampkring, dat hij niet meer als een echte satelliet is te beschouwen.