Wandeling tussen geweldige foto’s

Tentoonstelling 60 jaar Magnum Photos t/m 12 mei in Stedelijk Museum CS, Oosterdokskade 5, Amsterdam. Open: dag. van 10- 18u. Inl.: 020-5732911 of www.stedelijk.nl. Boek: Magnum Magnum (prijs 150 euro)

Foto’s en digitale presentatie, het is zelden een gelukkig samenspel. Verstopt achter een gordijntje voor de nodige duisternis. Te snel of te langzaam geprojecteerd en meestal langdradig. Begeleid door overtollig rumoer uit ongeschikte geluidsboxen. Dat alles op voorwaarde dat de techniek werkt, want ook daaraan wil het graag mankeren.

Zeldzaam zijn de uitzonderingen. Maar Magnum 60 jaar in het Stedelijk Museum is er een.

Vier forse schermen staan aan het uiteinde van de ene, donker geverfde zaal die de expositie in beslag neemt. De schermen zijn verbonden met computers die een reeks foto’s bevatten van leden van het fameuze collectief; de levenden, de doden, de voormaligen en zelfs van enkele nooit-leden als Herbert List en Eugene Smith wier werk om deze of gene reden in het Magnumarchief wordt bewaard.

Iedere computer, en dus ieder scherm, bevat dezelfde selecties. Met een muisklik kun je bepalen van welke fotograaf je iets wil zien. Of, als er al een selectie ‘loopt’, wie de volgende moet zijn. Die naam verschijnt dan in een hoekje van het scherm. De wachttijd staat erbij. De tijd tussen het eind van de ene en het begin van de volgende serie bedraagt luttele seconden.

De omvang van de reeksen varieert; 25, 30, soms 40 foto’s. Iedere foto is vijf seconden te zien. Een minuut of vier per fotograaf, langer duurt het niet. Maar je kunt ze zovaak zien als je wilt – de beklemmende Zuid-Amerikaanse hoerenkotten van Miguel Rio Branco, de hilarische consumentenfoto’s van Martin Parr, de portretten van Eve Arnold (die van Marilyn Monroe bijvoorbeeld), de zwoegende vissers van Jean Gaumy, de oorlogsreportages van Paolo Pellegrin.

De schermen zijn zorgvuldig en met veel tussenruimte opgesteld. Je staat elkaar zelden in de weg. Er is één plek van waaruit je ze alle vier tegelijkertijd kunt zien (voor zover zoiets gaat), meestal zie je er twee of drie. Zoiets stimuleert de nieuwsgierigheid en het wandelen van het ene naar het andere scherm. En ja, geweldige foto’s, keer op keer. Maar zoiets was te verwachten. Wie lid mag worden van Magnum heeft iets in zijn mars. Het agentschap is in handen van de fotografen zelf en zij bepalen via strenge ballotage wie mag toetreden. Gemakzuchtigen, hype-volgers en eendagsvliegen maken geen kans. En de aspiranten dienen te passen in de zelfkritische humanistische traditie van oprichters Robert Capa, Henri Cartier-Bresson, David Seymour en George Rodger – al gaat het er bij de discussies daarover naar verluidt meestal heftig aan toe.

Behalve de projecties, oorspronkelijk samengesteld door en voor het fotofestival in het Franse Arles, bevat de tentoonstelling nog een element: twee twintig meter lange wanden, opgesteld in een taartpunt. (Dit onderdeel werd samengesteld door het Istanbul Modern Museum; het Stedelijk Museum heeft ze gecombineerd.)

De wanden van de taart – zo belicht dat het de projecties niet stoort – zijn behangen met foto’s, teksten, citaten en boeken. Chronologisch verhalen ze over de achtergrond en ontwikkeling van het agentschap, ingebed in verwijzingen naar de historische gebeurtenissen die door de fotografen werden verslagen.

De taart staat met zijn rug naar de ingang, de punt wijst naar het deel van de zaal waar de schermen zijn opgesteld. Het is een verstandige indeling. Het ‘fries’ schetst de grote lijnen, de projectieschermen de details.

Slechts een minpuntje is er. In de belendende zaal wordt een video-installatie vertoond van het duo Allora en Calzadilla. Ze hebben ook iets gedaan met een brommertje waarvan de uitlaat is vervangen door een trompet hetgeen met veel rumoer gepaard gaat. Never mind that noise you heard, heet hun presentatie. Dat is vast toeval en beslist niet zonder humor. Maar storen doet het wel. Niet in het minst omdat het voortdurend van die slechte fotoprojecties in herinnering roept.

Meer achtergrond en foto’s op nrc.nl/kunst