Vrienden Sévèke willen weten wat Marcel T. bezielde

Morgen verschijnt Marcel T. voor de rechtbank in Arnhem. Hij wordt verdacht van de moord op de Nijmeegse activist Louis Sévèke in 2005.

Waarom heeft oud-kraker Marcel T. politiek activist Louis Sévèke uit Nijmegen in 2005 vermoord? Wat heeft hem bezield? Vrienden en familieleden van Sévèke willen graag een antwoord op deze vraag. Zij hopen het te krijgen tijdens het tweedaagse proces tegen T. dat morgen in de rechtbank in Arnhem begint. Want de redenen die tot nu toe zijn genoemd, kloppen niet met de feiten, vinden de vrienden.

Volgens hen moeten de 39-jarige T. en Sévèke elkaar wel eens hebben ontmoet, maar kenden ze elkaar verder niet. T. woonde in de jaren negentig in een kraakpand in Nijmegen – in een ander pand dan waarin Louis woonde – en werkte korte tijd bij de „linkse” boekhandel Assata in Nijmegen.

In het dagboek van T., dat door de politie in een opslagbox is gevonden, zouden aanwijzingen staan voor de moord en tal van andere strafbare feiten. Hij zou erin hebben beschreven hoe hij door Sévèke uit de krakerswereld is gezet – iets wat door de vrienden van Sévèke wordt ontkend – en dat hij zich zou wreken.

Zestien maanden na de moord, op 16 maart 2007, is T. aangehouden in een internetcafé in Barcelona. Familieleden hadden hem bij een uitzending van Opsporing Verzocht herkend als de overvaller bij een bankroof in Leiden. Hij heeft de moord op de 41-jarige Sévèke bekend.

Vlak voor de moord heeft oud-Wijchenaar T. meerdere keren e-mailcontact gehad via Sévèkes werkadres, Onderzoeksburo Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten. Hij stelde een ontmoeting voor. De e-mails van T. waren ondertekend met Edmund Dantes. Romanfiguur kapitein Edmond Dantès wordt in De Graaf van Monte-Cristo van Alexandre Dumas (1844) onschuldig in de gevangenis gegooid. Hij weet te ontsnappen, een fortuin te vergaren en wraak te nemen op de vriend die hem heeft verraden.

De e-mails met die ondertekening zullen Sévèke niet al te zeer hebben verrast. Als politiek activist had hij contact met de meest uiteenlopende mensen. Sévèke was betrokken bij verschillende actiegroepen en de kraakbeweging, deed mee aan protestdemonstraties en voerde juridische procedures. Sévèke werd gezien als de constante factor in de linkse actiebeweging die door de jaren heen voortdurend van samenstelling veranderde. Hij schreef het boek Operatie Homerus, over een infiltrant in de actiebeweging.

Guusje ter Horst (PvdA), in die tijd burgemeester van Nijmegen, omschreef hem in die dagen als „een luis in de pels”. „Louis was een doorbijter, een vasthouder. Altijd kritisch, je werd er wel eens niet goed van, maar hij had altijd gelijk”, staat op de website www.louisseveke.nl die na zijn dood is geopend.

T. staat donderdag en vrijdag ook terecht voor een reeks andere feiten, waaronder bomaanslagen op Banque Paribas in Arnhem op 2 januari 1996 en op het gebouw van chemieconcern BASF in Arnhem op 16 april 1996, voor brandstichtingen en diverse bankovervallen. Een van die overvallen, in Leiden, pleegde hij daags nadat Sévèke op weg naar huis met twee schoten om het leven werd gebracht.

Marcel T. is volgens het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie Pieter Baan Centrum in Utrecht, waar hij gedurende zeven weken is onderzocht, volledig toerekeningsvatbaar. Het PBC onthoudt zich daarom van een tbs-advies. Die conclusie wijkt af van het oordeel van de Forensische Psychiatrische Dienst. Die kwam eerder tot het inzicht dat T. zou lijden aan het syndroom van Asperger, een aan autisme verwante stoornis. T. wil zo spoedig mogelijk zijn strafeis horen, liet hij vandaag weten.

Familieleden en vrienden van Louis Sévèke wachten af wat er komen gaat. „We zullen het wel zien”, reageert Jo Janssen namens hen. „Want wat er ook gebeurt, wij krijgen Louis er niet mee terug.”

Schrijver A.F.Th. van der Heijden is van plan de rechtszaak tegen Marcel T. bij te wonen. Van der Heijden overweegt een roman te schrijven over de moord op de Nijmeegse activist Sévèke, in het licht van de nadagen van de kraakbeweging. Het boek kan dan fungeren als een epiloog bij de romancyclus De Tandeloze Tijd.