‘Ik wilde terug naar de troostende muziek’

Paul Godfrey is terug met een nieuwe cd van zijn groep Mocheeba. Met veel zangeressen deze keer en in een bedrieglijke singer/ songwriterstijl.

Morcheeba is Morcheeba niet meer. De Britse groep die sinds midden jaren negentig bedwelmende triphop speelde met ferme uithalen van zangeres Skye, klinkt op de onlangs verschenen, zesde cd Dive Deep als het uitgebeende orkestje van een singer/songwriter. De plaats van Skye is ingenomen door een veelzijdig gezelschap zangers en zangeressen.

Paul Godfrey, de drijvende kracht achter Morcheeba en de man van de technische vernieuwing is, naar eigen zeggen, veranderd van een „dronken monster” in een man die graag vertelt over zijn emotionele problemen en nieuwe levensinzichten.

Ergens tussen de vorige cd, The Antidote (2005), en het werken aan de nieuwe cd kreeg Godfrey een depressie. Hij lag een jaar in bed en bedacht toen dat muziek hem zou kunnen redden. „Ik herinnerde me mijn jeugd, en het effect dat muziek op me had”, zegt Godfrey. Hij zegt dat zijn vader vroeger vaak dronken en agressief was. „Dan draaide ik platen van Otis Redding, The Beatles of The Stones, en had het gevoel dat er ergens mensen waren die om me gaven. Die troostende werking van muziek, drong plotseling weer tot me door. Ik voelde me ellendig, maar bedacht dat ik zelf muziek kon maken die mijn situatie zou verzachten. Het heeft me gered.” Om dit soort muziek te maken, wilde Godfrey een ander soort band. Hij ontsloeg Skye en zocht een variatie aan stemmen.

Van zijn ellendige stemming en maniakale energie is in de nieuwe nummers niets terug te horen. Op Dive Deep ligt het accent niet op het ritme. De liedjes hebben een kabbelende sfeer, en „open” instrumentaties waarin akoestische gitaarakkoorden de woorden accentueren. Maar de singer/songwriterstijl is bedrieglijk, want daarachter zitten glanzende synthesizerklanken verstopt. Al zijn ze zo vluchtig als het geluid van een draaiende vinger op de rand van een glas, ze geven een zijdezachte weerklank aan de nummers.

De nummers krijgen hun eigen kleur door de verschillende stemmen: vol en folky (Judie Tzuke), hoog en hees (Thomas Dybdahl) of meisjesachtig (Manda). Voor de juiste begeleiding van de stemmen in liedjes als Enjoy The Ride, Washed Away en One Love Karma (het enige nummer met een rapper: Cool Calm Pete), zocht Paul Godfrey in de studio naar een „happy accident”. „Dat is mijn methode. Ik neem van alles op, laat het door de computer verwerken, en wacht af wat er dan uit komt. Het computerprogramma hakt de klanken in stukjes, speelt ze achterstevoren, maakt een willekeurige volgorde, wat je maar wilt. Door daar naar te luisteren, en me te laten verrassen, ontdek ik fantastische geluiden. Ik ben een controlfreak, maar het toeval geeft meestal de beste resultaten, heb ik ontdekt.”

Uiteindelijk kwam broer Ross Godfrey de gitaarpartijen spelen. Hij had zich in Amerika verdiept in bluesspel, en bedacht de „John Lee Hooker”-achtige loopjes. Paul: „Ross speelt daar veel in bluesbands. Hij houdt van authentieke muziek. Ross is goed in leren, en in discipline. Ik ben eerder ‘modern’ en houd van toeval. We zijn twee uitersten. Mijn broer is de bluesstudent, ik zou een hiphop-dj kunnen zijn.”

Beluister nummers van Dive Deep via nrc.nl/kunst. De cd is verschenen bij platenmaatschappij PIAS.