Breinvriendelijke kleurtjes

Het maken van een mindmap is een makkelijke manier om vergadernotulen te onthouden.

Of het echt werkt is nooit wetenschappelijk aangetoond.

„Het is natuurlijk een beetje kleuterschoolwerk, dat gekrabbel met kleurtjes.” John Cliteur rolt een mapje met viltstiften uit op zijn keukentafel en begint lijntjes te trekken op een leeg vel. „Laatst gaf ik een training aan de raad van bestuur van een groot ziekenhuis. Om de weerstand weg te nemen, zeg ik altijd maar dat er ook heel chique vierkleurenpennen bestaan.”

John Cliteur zit in de kleurrijke keuken van zijn huis in de Utrechtse wijk Leidsche Rijn, waar zijn kantoor aan vast zit. Cliteur is eigenaar van Purple Monkey dat ‘breinonderwijs’ verzorgt. Bij Cliteur en zijn collega’s kunnen studenten en bedrijven cursussen volgen in snellezen, geheugentraining en mindmapping. Dat laatste wordt volgens Cliteur steeds populairder. In zes jaar heeft hij er, schat hij, 30.000 mensen in getraind.

„Een mindmap is een tekening waarin je weergeeft wat je wilt onthouden of opschrijven”, vertelt hij. „Het liefst met kleurtjes en dikke en dunne lijnen, dat snapt het brein beter. En dan onthoud je meer.”

Cliteur bladert door een map met tekeningen. Er zit ook een mindmap van zijn dochtertje tussen, over een boek over dieren dat ze besprak op school. Er staan tekeningetjes op van een poes en een dierenwinkel.

Mindmapping is volgens Cliteur voor van alles te gebruiken: om aantekeningen te maken bij een vergadering, als presentatie op de powerpoint, of als outline voor een artikel of scriptie. „Kijk naar een gemiddelde inhoudsopgave. Hoofdstuk 16 bungelt onderaan, maar staat in de hiërarchie gelijk aan hoofdstuk 2. Dat ziet het brein niet als je het in lijstvorm presenteert, wel als je het in een mindmap zet.”

Mindmapping draait allemaal om ‘breinvriendelijkheid’. Cliteur: „Zo’n tekening sluit nauw aan bij de wijze waarop het brein werkt. Hersenen willen structuur, ze willen totaaloverzicht. En ze onthouden plaatjes beter dan woorden.” 

Bij het tekenen van een mindmap wordt de rechterhersenhelft aan het werk gezet, beweerde de Britse psycholoog Tony Buzan die de leermethode bedacht in het begin van de jaren zeventig.

„De rechterhersenhelft is een slapende reus”, zegt Jan Willem van den Brandhof aan de telefoon. Hij is baas van het trainingsbedrijf Brainstudio in Maastricht en verzorgt ook trainingen in mindmapping. Cliteur leerde het vak van hem, zegt hij. Van den Brandhof’s ogen werden geopend toen hij Buzan in 1987 op een conferentie hoorde spreken. Toen begreep hij het. „De linker hersenhelft is analytischer en beter met taal, de rechterhelft is creatiever en beter met beelden. In onze cultuur is vooral die linkerhelft goed ontwikkeld.” Volgens Van den Brandhof activeert mindmappen die slapende rechterhelft.

„Natuurlijk is het allemaal niet zo zwart-wit”, voegt hij toe. Er worden voortdurend nieuwe ontdekkingen gedaan over het brein. Maar het grote plaatje klopt.

Of mindmaps slapende hersenhelften wakker maken, betwijfelt Cliteur. „De wetenschap erachter is boterzacht. Taal zit niet alleen maar aan één kant. Maar over het algemeen kun je wel zeggen dat hersenen naar structuur zoeken en overzicht willen. Daar helpen mindmaps bij.”

Het harde bewijs dat met mindmapping materie beter onthouden wordt, moet nog geleverd worden, volgens Cliteur. „Bij snellezen of geheugentraining kun je een meting vooraf en achteraf doen. Dan weet je of mensen echt meer woorden per minuut kunnen lezen. Dat is bij mindmapping nooit gedaan.” Hij geeft toch trainingen omdat hij uit de praktijk weet dat het werkt. „100 procent zeker. Maar het zou voor het imago wel helpen als dat ook wetenschappelijk werd aangetoond.”

Als hij voor een groep cursisten staat, legt Cliteur de voordelen van de methode wél uit aan de hand van de twee hersenhelften. „Dat is handig, het maakt het onderwerp in een keer duidelijk.” Is dat terecht? „Zie het als een metafoor. Maar laatst wist ik dat er iemand bijzat die was gepromoveerd op iets in het brein. Dan let ik wel op mijn woorden.” 

Van den Brandhof en Cliteur vinden allebei dat mindmapping in het schoolcurriculum opgenomen moet worden als leermethode. Onderwijsinstellingen maken er nog maar mondjesmaat gebruik van. Volgens Agnes Legierse, onderzoeker bij het expertisecentrum leerplanontwikkeling SLO, is dat een zinloos plan. Zelf gebruikt ze wel mindmaps om ideeën helder te krijgen. „Van bovenaf kan alleen worden opgelegd wát leerlingen moeten leren, niet hoe ze het moeten doen.”

Dat gekleur is niet aan iedereen besteed, geeft Cliteur toe. Sommigen tekenen na een training nooit meer een mindmap. En vaak zijn cursisten onwennig als ze aan de slag moeten met viltstiften en papier. „Maar mensen gaan helemaal om. En kleurtjes zijn niet per se noodzakelijk, zeg ik altijd tegen de mensen die echt niet willen. Het mag ook met een zwarte pen.”