Rouvoet rept van bevolkingspolitiek

Het woord bevolkingspolitiek hoeft maar te vallen in Nederland of de gemoederen laaien weer aardig op. Zo ook vandaag. Minister Rouvoet (Jeugd en Gezin, ChristenUnie) zei in de krant De Pers dat de kosten van de vergrijzing Nederland dwingen tot nadenken over het aantal kinderen dat vrouwen hier ter wereld brengen. „In Nederland zijn we over het algemeen vrij terughoudend met bevolkingspolitiek en daar ik ik me wel in vinden”, zei de bewindsman. Het aantal gewenste kinderen noemt Rouvoet bij uitstek „een persoonlijke beslissing”. Maar omdat vrouwen in Nederland gemiddeld slechts 1,7 kinderen baren terwijl er 2,1 nodig zijn om de vorige generatie te vernieuwen, „is het een interessante discussie die we moeten voeren”.

Verontwaardigde reacties in de Kamer volgden: de PvdA vindt „ingrijpen tot in de bedstee” veel te ver gaan. De SP noemt het verhaal over de kosten van de vergrijzing „onzin”. Ook de CDA-fractie weigert geboortecijfers te koppelen aan de vergrijzing.

Over bevolkingspolitiek wordt in Nederland lacherig gedaan, terwijl het in andere landen heel normaal is. Frankrijk bijvoorbeeld constateert dat de helft van de Franse stellen meer kinderen wil en vindt dat de overheid daarbij moet helpen. Met een kindvriendelijk beleid: goede en goedkope kinderopvang en royale gezinstoelages, zoals kinderbijslag. De redenen zijn pragmatisch en niet ideologisch. Het idee is dat alle mensen een vrije keuze moeten maken, onafhankelijk van hun inkomen. De afgelopen jaren steeg het Franse geboortecijfer tot 2,1, precies genoeg om het aantal jongeren en ouderen in evenwicht te houden. Of het aan de financiële prikkels ligt, is moeilijk te zeggen.

In Duitsland werd de kinderbijslag tussen 1990 en 2002 verzesvoudigd, zonder enig effect op het geboortecijfer. Duitsland loopt ondanks alle inspanningen behoorlijk achter op Nederland met 1,3 geboortes per vrouw.