Oosten koopt Westen

Een vergezicht van nog niet zo lang geleden: de vergrijzende westerse samenlevingen sparen voor de oude dag en beleggen dat kapitaal massaal in de opkomende economieën in vooral Azië. Het Westen legt zich toe op hoogwaardige diensten en op de creatieve kant van de industrie. Het Oosten wordt het industrieterrein van de wereld, maar vooral in een uitvoerende functie. Innovaties, fundamenteel onderzoek en nieuwe ideeën blijven uit het creatieve Westen komen. Het jonge Azië zorgt voor een fraaie opbrengst voor de beleggingen van de rentenierende Oude Wereld.

De werkelijkheid is inmiddels anders. Steeds meer innovaties komen uit Azië, dat zich toelegt op hoogwaardige industriële producten en diensten. Deze omkering slaat nu ook toe bij het internationale kapitaalverkeer. Tien jaar geleden stond Rusland aan de rand van een bankroet, wankelde de Saoedische begroting en moesten grote delen van Azië met noodkredieten worden gered. De economische wederopstanding van de opkomende landen en de sterk gestegen prijs van grondstoffen hebben inmiddels geleid tot enorme financiële overschotten. De Golfstaten bulken van het geld, Rusland heeft reserves van honderden miljarden dollars. De nieuwe Aziatische spelers in de wereldeconomie, met name China, potten hun deviezen op en hebben inmiddels reserves die de westerse spaargelden naar de kroon steken.

Dat aanwassende kapitaal moeten worden belegd, en veel landen nemen niet langer genoegen met laagrenderende investeringen in veilige, vooral Amerikaanse, overheidsobligaties. Door middel van zogenoemde staatsinvesteringsfondsen vindt het miljardenkapitaal nu zijn weg naar aandelenbelangen in westerse bedrijven. Volgens sommige schattingen bedraagt het kapitaal dat daarvoor beschikbaar is nu al 2.200 miljard dollar en groeit dat in tien jaar naar het formidabele bedrag van 13.400 miljard dollar. De geldstroom loopt, anders dan verwacht, van Oost naar West. Het meest pregnante voorbeeld komt van de westerse banksector die een toenemend beroep doet op buitenlandse staatsinvesteerders om het vermogen aan te vullen.

Ook in Nederland wordt door staatsfondsen geïnvesteerd, en te verwachten valt dat deze geldstroom toeneemt. Dat kapitaal moet welkom zijn, en dat is gelukkig ook de mening van minister Bos (Financiën, PvdA), die vrijdag in de ministerraad een notitie over het onderwerp besprak. Het risico is wel dat staatsinvesteerders te zijner tijd hun invloed aanwenden, al dan niet gedirigeerd door de regering van hun thuisland. Dat is onwenselijk, maar niet op voorhand een reden om hen te weren. Bos heeft gelijk dat waar het investeringen betreft die de ‘nationale veiligheid’ aangaan – denk aan de haven in Rotterdam – een toets goed zou zijn. Mits zo’n beroep op nationale veiligheid niet te ruim wordt uitgelegd en geen verkapte manier wordt om onwelgevallige investeerders te weren. De staatsinvesteringsfondsen zullen moeten streven naar veel meer openheid dan zij nu betrachten. Onbekend maakt onbemind.