Fusie ensembles Asko en Schönberg

Het Asko Ensemble en het Schönberg Ensemble, beide gespecialiseerd in moderne muziek, gaan per 1 januari 2009 samen verder onder de naam Asko/Schönberg. Het nieuwe gezelschap krijgt een kernbezetting van zo’n dertig musici, die opereren in een flexibele bezetting. De ensembles, die op hun gebied tot de internationale top behoren, werkten op het podium al vaker samen en deelden al organisatie en website.

Asko/Schönberg wil uitgroeien tot ‘hét instituut voor de niet-symfonische 20ste- en 21ste-eeuwse muziek’, aldus interim-directeur Ad ’s Gravesande. Men wil daarom meer gaan optreden, ook in het buitenland, en bepaalde programma’s vaker op verschillende locaties in het land herhalen.

Ook wil het gezelschap worden opgenomen in het systeem van ‘operaverplichtingen’, waarbij een aantal Nederlandse symfonieorkesten bij toerbeurt de begeleiding van producties van de Nederlandse Opera verzorgt. Het aantal eigentijdse opera’s dat daar wordt uitgevoerd, zou dan kunnen toenemen. Volgens Reinbert de Leeuw, vaste dirigent van het Schönberg Ensemble, „smeekt de staf van de opera ons om erbij te komen”.

De gezelschappen willen de honorering van de musici verhogen tot een niveau dat minstens gelijkwaardig is aan dat van de gevestigde symfonieorkesten. Om deze, en nog veel andere ambities te kunnen realiseren, vraagt het gezelschap om een subsidieverhoging van 1,5 miljoen euro, een verdubbeling.

Aan de uitgebreide educatieve activiteiten van de ensembles wordt een nieuw project toegevoegd: de György Ligeti Academy. Conservatoriumstudenten in de laatste fase van hun studie kunnen zich hier onder intensieve begeleiding van musici van Asko/Schönberg wijden aan de eigentijdse muziek, die aan de traditionele conservatoria nog te weinig aan bod komt.