Londen wil de schade zoveel mogelijk beperken

De zoektocht naar een koper voor Northern Rock is mislukt. De meest serieuze bieder, Richard Branson, wilde de risico’s bij de Britse overheid laten.

Het in diskrediet geraakte woord ‘nationalisatie’ kreeg de Britse minister van Financiën Alistair Darling niet over zijn lippen. De in ernstige moeilijkheden geraakte hypotheekbank Northern Rock belandt „tijdelijk in openbaar bezit”, verklaarde hij. Maar ook Darling kon er niet omheen dat de regering voor het eerst in decennia een groot bedrijf nationaliseert.

De weerzin van Darling en premier Gordon Brown tegen nationalisatie is begrijpelijk. De stap accentueert niet alleen de gebrekkige manier waarop de bank zelf werd geleid maar werpt ook een pijnlijk licht op de kwaliteit van het toezicht door de overheid op de financiële sector. Waarom greep de regering pas in, toen er in september lange rijen in paniek geraakte spaarders voor de kantoren van Northern Rock verschenen?

Jarenlang pochte Brown, toen zelf nog minister van Financiën, over de zachte maar effectieve aansturing door de Britse overheid en semi-autonome toezichthouders op particuliere financiële instellingen. Bij de eerste de beste vuurproef bleek het Britse systeem echter verrassend kwetsbaar. Nu dreigen de aandeelhouders naar hun geld te kunnen fluiten, lijken ontslagen bij Northern Rock onvermijdelijk en zit de regering met een molensteen om haar nek. Dat is allemaal slecht voor het aanzien van Londen als internationaal financieel centrum en de regering als hoeder van de economie.

Volgens velen was nationalisatie echter al onvermijdelijk sinds de regering Northern Rock in september te hulp schoot met omvangrijke leningen en garanties. Critici, onder wie de gerespecteerde Liberaal-Democratische woordvoerder Vince Cable en de zakenkrant Financial Times, betoogden al maanden dat dit de enige overgebleven weg was. De regering riskeerde meer verliezen en onzekerheid door langer te dralen, waarschuwden zij. De Conservatieve woordvoerder George Osborne meent dat de regering met hulp van de Bank of England al in een eerder stadium een commerciële oplossing had moeten vinden.

Ook Darling en premier Gordon Brown bleven lang hopen op zo’n oplossing, zodat hun namen niet geassocieerd zouden worden met de eerste substantiële nationalisatie sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw. Met hulp van experts van investeringsbank Goldman Sachs trokken ze er uit alle macht aan om een commerciële partij te vinden die de bank wilde overnemen.

Uiteindelijk bleven biedingen over van een consortium onder leiding van Virgin-entrepreneur Richard Branson en het managementteam van Northern Rock zelf. Maar hun voorstellen zouden volgens Darling en premier Brown te onvoordelig uitpakken voor de belastingbetaler. Bij een overname door Bransons consortium zouden de financiële risico’s jarenlang bij de overheid blijven liggen, terwijl eventuele winsten al snel richting Branson en de zijnen zouden vloeien. De voorwaarden van het managementteam waren nog minder aanlokkelijk. Daarom hakte Brown gistermiddag de knoop door en wordt Northern Rock genationaliseerd.

Daarmee wordt de regering eigenaar van een bank met 6.000 personeelsleden, vooral geconcentreerd in en om de noordoostelijke stad Newcastle, en financiële verplichtingen ter grootte van ruim 100 miljard pond (133 miljard euro). Dat komt neer op zo’n 3.500 pond per Britse belastingbetaler. Om Northern Rock op de been te houden had de regering al meer dan 55 miljard pond aan leningen en kredietgaranties verstrekt.

Darling suggereerde gisteren op zijn persconferentie dat het business as usual blijft voor Northern Rock. Maar in werkelijkheid is het volkomen onduidelijk hoe het de bank na de nationalisatie verder gaat. Zowel de regering als Northern Rock betreedt terra incognita. Nooit eerder in de moderne tijd heeft de Britse overheid zo’n grote commerciële bank beheerd. De laatste keer dat er sprake was van een heuse nationalisatie van een bank was in 1984. De regering kocht toen voor 1 pond een kleine bank, Johnson Matthey, die in moeilijkheden was geraakt door riskante leningen.

De voornaamste opdracht voor de nieuwe bewindvoerder bij Nortern Rock, de ervaren troubleshooter Ron Sandler, wordt om zoveel mogelijk van al dat geleende geld terug te krijgen voor de schatkist. Maar hoe? Probeert hij de bank af te slanken en zoveel mogelijk van de waardevolle onderdelen van het bedrijf te verkopen? Of probeert hij een ‘doorstart’ te maken in de hoop dat het bedrijf na verloop van tijd alsnog kan worden overgenomen door een private partij? Zijn bewegingsvrijheid zal hoe dan ook beperkt zijn. Zo mag hij op grond van Europese concurrentieregels, met de vrijwel oneindige financiële middelen van de regering achter zich, niet commerciële rivalen de loef afsteken met aantrekkelijke hypotheektarieven. Ook nog mogelijk is dat de bank, die zonder overheidssteun niet meer rendabel was, uiteindelijk toch wordt geliquideerd.

Van cruciaal belang is bij dit alles hoe de Britse woningmarkt zich ontwikkelt, want de kern van de activiteiten van Northern Rock vormden altijd hypotheken. Voor de problemen uitbraken was de bank goed voor één op de vijf afgesloten hypotheken in het land. De huizenprijzen zijn de afgelopen maanden, vooral buiten Londen, gedaald en veel analisten gaan ervan uit dat die trend de komende tijd zal aanhouden. Dit zou het moeilijker kunnen maken voor Sandler en zijn team om de zaken bij Northern Rock vlot te trekken.

Voor de regering intussen is een belangrijke les van het debacle met Northern Rock dat ze nieuwe regels opstelt voor de financiële sector en in het bijzonder voor situaties, wanneer banken – zoals Northern Rock – niet langer aan hun verplichtingen kunnen voldoen.

Meer over Northern Rockop nrc.nl/northernrock