Pentagon wil eigen satelliet vernietigen

Het Amerikaanse leger gaat over drie tot twaalf dagen met raketten een eigen spionagesatelliet in de ruimte vernietigen. Dat heeft het Pentagon, het ministerie van Defensie in Washington, bekendgemaakt. De operatie ligt politiek zo gevoelig dat de VS er gisteren een verklaring over hebben afgelegd in de VN-Ontwapeningsconferentie in Genève.

Het gaat om de satelliet ‘L-21’, zo groot als een minibusje, die in 2006 werd gelanceerd maar nooit goed heeft gefunctioneerd. Begin maart zou hij op aarde terugkomen. Daarbij kan 454 kilo van de brandstof hydrazine vrijkomen, als giftig gas. Pentagonfunctionarissen gaven gisteren toe dat satellieten nooit in dichtbevolkt gebied neerkomen. Toch was er volgens plaatsvervangend veiligheidsadviseur Jeffrey „voor de president genoeg risico om bezorgd te zijn over mensenlevens”. De satelliet wordt met raketten vanaf vliegdekschepen in de Stille Oceaan beschoten, vlak voor hij de dampkring binnenkomt. Zo landen duizenden brokstukjes op aarde, wat de kans verkleint dat ze decennialang door de ruimte slingeren en andere satellieten beschadigen.

Washington uitte scherpe kritiek op China, toen het in 2007 met een raket een defecte Chinese weersatelliet vernietigde. Zelf staan de VS onder zware druk van Rusland en China, die willen onderhandelen over een verdrag dat wapens in de ruimte verbiedt. De VS hebben meer satellieten dan andere landen bij elkaar; Rusland en China vinden die dominantie verontrustend. Dinsdag presenteerden de Russen een onderhandelingsvoorstel op de conferentie in Genève. De meeste landen steunen dit. Alleen de VS willen niet onderhandelen.

Washington ontkent dat de vernietiging van de satelliet een antwoord is op de Chinese operatie, of een voorzorgsmaatregel om geheime data niet in verkeerde handen te laten vallen. De Amerikaanse ambassadeur in Genève bood gisteren andere landen hulp aan, mochten brokstukken schade veroorzaken.