Met bio meer broeikas

Met genoegen las ik het artikel `Amerikaanse onderzoekers: biobrandstof versterkt het broeikaseffect` (`Met bio meer broeikas`, W&O 9 februari). U had echter al maanden eerder eenzelfde artikel kunnen publiceren onder de titel `Nederlandse onderzoekers: biobrandstof versterkt het broeikaseffect`. Op 12 december 2007 organiseerde de Koninklijke Akademie van Wetenschappen met het Copernicus Instituut, universiteit van Utrecht, een dag over het onderwerp `Biobrandstoffen en biodiversiteit`. Udo de Vries sprak over het uiterst negatieve effect van verwoesting van tropisch regenwoud voor aanplant van oliepalmen met palmolie als biobrandstof, of beter gezegd als agrobrandstof of landbouwbrandstof. Rabbinge sprak over het lage rendement van de fotosynthese van landbouwgewassen op jaarbasis, ook bij hoge opbrengsten maar iets boven de 1% en dus totaal ongeschikt voor energievoorziening voor al die Europese auto`s.

Waarom let de wetenschapsredactie van NRC wel op Science en niet op de activiteiten van het hoogste instituut voor wetenschappen in Nederland, de KNAW? De indruk wordt gewekt, dat Nederland op het gebied van productie van biomassa voor voedsel via de fotosynthese als drijvende kracht voor energievastlegging van onze biosfeer achterloopt. Niets is minder waar. In de vorige eeuw behoren Nederlandse geleerden als Van den Honert, Duysens, Wassink, Kok, Gaastra, De Wit en Rabbinge tot de wereldtop over het onderzoek naar fotosynthese en productie van biomassa voor voedsel en andere door de mens gebruikte producten. Er wordt vaak geroepen, dat Nederland moet streven naar een plaats in de wereldtop voor wetenschappen, maar op veel terreinen is dit al lang het geval. De wetenschapsredactie van NRC heeft de plicht om de bijdrage van Nederlandse wetenschappers niet in de schaduw te plaatsen van die van Amerikanen.