Laat Heesters toch zingen in zijn geboortestad

De Nederlandse helden van na de oorlog hebben weer een actiedoel gevonden. Nu is hun doel de 104 jaar oude Johan Heesters die als artiest tijdens de Tweede Wereldoorlog in Duitsland voor de Duitsers optrad en het concentratiekamp Dachau heeft bezocht (NRC Handelsblad, 11 februari). Dat wordt Heesters zeer kwalijk genomen door het Actiecomité.

Het is voor de mensen van het Actiecomité goed om te weten dat tijdens de bezetting ook veel gewaardeerde naoorlogse artiesten tussen 1940 en 1945 optraden in de theaters voor Nederlanders en Duitsers. Enkele bekende namen: Toon Hermans, Wim Sonneveld, Albert Mol enz. De swingband The Ramblers verzorgde zelfs speciale optredens voor de Duitsers. De Duitsers waren en kwamen overal in oorlogsjaren. Dus optreden voor de Duitsers was voor veel artiesten een gewone zaak. Daarin verschilt Johan Heesters dan ook niet van veel andere Nederlandse artiesten.

Maar blijkbaar is Johan Heesters de zondebok waar de bitterheid op moet worden gericht, ondanks dat hij al meermalen spijt heeft betuigd dat hij in Dachau op bezoek is geweest. Een redelijk mens is dan vergevingsgezind naar een oude artiest die nog een keer zijn liedjes in zijn geboortestad wil zingen. Maar dat wordt hem niet gegund door een kleine groep betreurenswaardige mensen die het doen voorkomen als of er een oorlogsmisdadiger komt optreden. Het Actiecomité is in 2008 net zo misplaatst als extreem-rechts dat Heesters zgn. komt steunen.