Inspraak struikelblok in SER

Bedrijven worden steeds internationaler. Dus willen werknemers meepraten op internationaal niveau. Werkgevers waarschuwen: bedrijven trekken dan weg uit Nederland.

Is er, na het geruzie over het ontslagrecht, een „loopgravenoorlog” ontstaan tussen de werkgeversorganisaties en de vakbeweging? Alexander Rinnooy Kan, voorzitter van de Sociaal-Economische Raad (SER), zegt dat hij het er de laatste dagen wel over gelezen heeft in de pers, maar dat hij er zelf niets van heeft gemerkt. „Ik herken het beeld niet.”

Loopgravenoorlog of niet, feit is dat de sociale partners gisteren opnieuw een sterk verdeeld advies afleverden. Het onderwerp waarover zij zich in SER-verband was de medezeggenschap van werknemers bij Nederlandse beursgenoteerde vennootschappen.

Het bedrijfsleven internationaliseert, en de laatste jaren is dat proces met de opkomst van hedgefondsen, private equity en activistische aandeelhouders nog versneld. Minister Piet Hein Donner (Sociale Zaken, CDA) vroeg tegen deze achtergrond in juli vorig jaar advies aan de SER; hij wilde weten of in de besluitvorming van Nederlandse ondernemingen de belangen van werknemers voldoende worden meegewogen.

Over één ding zijn de sociale partners het in elk geval eens geworden: Nederland kent, vergeleken met de omringende landen, goede regelingen voor medezeggenschap. „Top of the bill”, zo kwalificeert Bernard Wientjes, voorzitter van ondernemersorganisatie VNO-NCW, ze.

„We hebben samen vastgesteld dat het met de medezeggenschap in Nederland nog niet zo slecht gesteld is”, erkent ook Henk van der Kolk, voorzitter van FNV Bondgenoten. „Maar waar wij mee worstelen is dat de regels vaak niet goed worden toegepast.”

De vakbeweging vindt het bovendien problematisch dat Nederlandse medezeggenschapsregels een beperkt bereik hebben. Steeds meer Nederlandse ondernemingen maken deel uit van een internationaal concern. Het beleid van die ondernemingen wordt ook op internationaal niveau vastgesteld.

Het kabinet zou zich, wat de vakbeweging betreft, binnen Europa hard moeten maken voor het optuigen van Europese ondernemingsraden. Ook zou het interne toezicht bij beursvennootschappen versterkt moeten worden, onder meer door de wettelijke bevoegdheden van de Raad van Commissarissen uit te breiden. De vakbeweging wil verder dat internationale concerns ook op het hoogste niveau (de holding) werknemerscommissarissen krijgen.

Werkgeversvoorman Wientjes vindt deze voorstellen „over de grens gaan”. „Ze zijn bijzonder slecht voor het Nederlandse vestigingsklimaat”, zegt hij. „De kracht van de Nederlandse economie is het resultaat van onze internationale oriëntatie in combinatie met ondernemerschap. Wij moeten hier gevestigde internationale concerns koesteren.”

Wientjes benadrukt nog eens dat de medezeggenschap goed geregeld is. „De indruk mag niet gewekt worden dat Nederlandse werknemers van internationale ondernemingen nu onbeschermd zijn.” Ook de bevoegdheden en positie van de Raad van Commissarissen moeten volgens de werkgevers niet gewijzigd worden.

Peter Gortzak, vice-voorzitter van de vakcentrale FNV noemt het „verbluffend” dat de werkgevers „blind zijn, althans voorgeven blind te zijn” voor de „realiteit” dat de internationalisering van ondernemingen „problematisch” is voor de medezeggenschap.

Al even oneens zijn de sociale partners het over de vraag of de vakbeweging op holdingniveau het recht moet krijgen om bij de Ondernemingskamer een onderzoek in te stellen naar de gang van zaken bij een onderneming. De vakbeweging vindt dat zij toegang moet krijgen tot dit zogenoemde enquêterecht als een kwart van de werknemers van een onderneming in Nederland werkt.

Een ongepast idee, vinden de werkgevers. Wientjes: „Stel je voor dat bij een internationaal concern met werknemers verspreid over de hele wereld, de Nederlandse vakbeweging zaken voor de rechter brengt die spelen in bijvoorbeeld Brazilië of China. Dat gaat te ver.”

Tot de raadsvergadering van gisteren was niet bekend aan welke kant de onafhankelijke kroonleden stonden. Over vier omstreden onderdelen van het advies werd gestemd - iets wat niet vaak voorkomt bij de SER. De kroonleden bleken al even verdeeld als de sociale partners: vijf waren het met de vakbeweging eens dat de medezeggenschapspositie van werknemers moet worden versterkt, vier steunden de werkgevers.

Lees het advies over medezeggenschap op www.ser.nl