Een parallel te ver

Kennedy had Marilyn Monroe, Obama wordt toegezongen door Scarlett Johansson. Verschil moet er blijven.

Dit hebben we al heel, heel lang niet meer gezien. Velen van ons zelfs helemaal nooit. Is er iemand van onder de veertig die zich een andere Amerikaanse presidentskandidaat herinnert die hetzelfde soort reacties opriep als Barack Obama? Iemand van onder de vijftig?

De Amerikaanse verkiezingen, dat is het gebruikelijke rondje cynisme, platitudes en loze beloften, gevolgd door vier jaar meer van hetzelfde – arrogantie, desillusie en een buitenlandse politiek die meestal niet zo gelukkig uitpakt voor dat buitenland.

Waar komt dan opeens iemand als Obama vandaan? Hij is niet alleen knap en charismatisch; de man klinkt alsof hij het allemaal méént. Zo iemand die zegt wat ’ie denkt en doet wat ’ie zegt. Geen wonder dat hoogleraar media Henri Beunders in een stuk in Trouw betoogde dat Obama in Nederland nooit een kans zou maken, ondanks het grote aantal mensen dat zegt hem te steunen. Obama is veel te ordinair voor Nederland, zijn stijl veel te emotioneel, aldus Beunders. Van directe democratie en ‘nieuwe politiek’ moeten we hier sowieso niets hebben. „Velen in Nederland”, merkt Beunders op, „bewonderen dus dezelfde aspecten van de Amerikaanse politiek en cultuur die zij in eigen land hekelen.”

Niet nuchter genoeg, die Obama. Hij klinkt niet eens als een politicus; hij klinkt als een prediker. „Hij blijft als redenaar imponeren, maar je moet hem niet te vaak horen, want dan verandert de oratorische brille in oratorische galm”, schreef Frits Abrahams op de Achterpagina, en parodieerde subiet diens roep om ‘tjeendzj’.

Het valt niet te ontkennen dat Obama als een magneet werkt op Hollywoodsterren. Zo sprak Robert De Niro vlak voor Super Tuesday zijn steun voor hem uit. Obama was niet „ervaren” genoeg om president van de Verenigde Staten te worden, aldus De Niro. „Hij was niet ervaren genoeg om te stemmen vóór de invasie van Irak. Hij was niet ervaren genoeg om geheime deals te sluiten in achterkamertjes. Het is het soort van onervarenheid waar ik aan zou kunnen wennen.” Ook de Kennedydynastie, het Amerikaanse equivalent van het koningshuis, schaarde zich achter hem. Bovendien kreeg Obama ongevraagd een videoclip cadeau van zanger Will.i.am van de Black Eyed Peas, waarin die meezingt op Obama’s ‘Yes We Can’ toespraak, bijgestaan door actrice Scarlett Johansson en een keur aan andere sterren. Miljoenen hebben het clipje al bekeken op YouTube. Het liedje heeft een uitgesproken jaren zestig-sfeer, met een enkele akoestische gitaar als begeleiding. Het is nog net geen folk protestsong, maar het scheelt weinig. Het filmpje is dan ook geregisseerd door Jesse Dylan, zoon van Bob.

Eerder was er overigens al het iets minder politiek verantwoorde ‘I Got a Crush . . . On Obama’ van Obama Girl, zes miljoen keer bekeken. Ook Obama’s toespraken kunnen rekenen op miljoenen bezoekers. Een en ander in schril contrast met Hillary Clintons nagenoeg onopgemerkte internetcampagne – de best bekeken YouTube video’s over Hillary zijn negatief dan wel satirisch.

Obama haalt moeiteloos de jongere generatie stemmers binnen, juist degenen die voorheen nooit gingen stemmen. Zoals De Niro zei: „You wanted to vote. You just didn’t have anyone to vote for. And I felt the same.” Dat is interessant, gelet op het bijna anachronistische karakter van Obama’s campagne. Wie had gedacht dat de MTV-generatie ontvankelijk zou zijn voor uncoole jaren zestig-begrippen als ‘change’ en ‘hope’? Obama oogt zelfs als een keurig verzorgde burgerrechtenactivist op de zwartwit-foto’s op zijn spandoeken. Sommige supporters dragen borden waarop zijn foto weer lijkt bewerkt in de stijl van het bekende Che Guevara-portret. Obama is een icoon.

Álles aan Obama doet eigenlijk onweerstaanbaar denken aan het tijdperk van John F. Kennedy, de enige andere recente Amerikaanse president die vergelijkbare emoties wist op te roepen. Verschil moet er zijn, Kennedy had Marilyn Monroe, Obama wordt toegezongen door Scarlett Johansson. Ook over Kennedy werden popsongs geschreven; ook Kennedy wist de jeugd aan te spreken zoals geen president voor hem daarin geslaagd was. Er is hetzelfde idealisme, dezelfde inspirerende uitstraling, hetzelfde retorisch talent voor kippenvel veroorzakende oneliners: „There’s never been anything false about hope.”

Om De Niro te parafraseren: het is het soort ‘oratorische galm’ waar ik aan zou kunnen wennen. En natuurlijk is het allemaal ook theater, maar zelfs als het niets dan theater was, is Obama nog de superieure acteur. Hillary pinkt zelf een al dan niet bestaand traantje weg; Obama ontroert zijn gehoor. We zien beelden in de media van oudere dames die met betraande gezichten naar zijn toespraken luisteren, dames van de generatie die nog achterin de bus moest zitten; beelden van twintigers die voor het eerst in hun leven een politicus zien waar ze in geloven.

Zijn er nog andere mensen die vrezen dat het allemaal te mooi is om waar te zijn? Nobelprijswinnares Doris Lessing, door de Zweedse Academie geprezen om haar „scepticisme, vuur and visionaire kracht”, zei afgelopen zaterdag tegen het Stockholmse dagblad Dagens Nyheter: „Hij zou het waarschijnlijk niet lang maken, een zwarte man in de rol van president. Ze zouden hem vermoorden.”

Laten we hopen dat Lessings ‘visionaire kracht’ haar dit keer in de steek heeft gelaten. Het is een Kennedyparallel te ver, en gruwelijk voorstelbaar.