Zelf literair detectiefje spelen

En ook ik heb de zaak Holloway opgelost! Liggend op de sofa, omringd door een stapeltje Holloway-boeken en gewapend met interpretatietechnieken uit de literatuurwetenschap, leverde ik mijn formidabele prestatie. Het zit zo: Joran liegt de waarheid. En Natalee is opgepeuzeld door de haaien die ze zo graag wilde zien.

Ik licht mijn bevindingen nader toe. De zaak Holloway is, behalve een media-hype, ook een boekenoorlog. Vader en moeder Holloway kwamen ieder met een boek. Het boek van Beth Holloway heet Loving Natalee. A Mother’s Testament of Hope and Faith. Vader Dave Holloway schreef Aruba: The Tragic Untold Story of Natalee Holloway and Corruption in Paradise. En Joran van der Sloot publiceerde in april 2007 een boek onder de titel De zaak Natalee Holloway. Mijn eigen verhaal over haar verdwijning op Aruba. (Zie ook de rubriek Nieuwslezen, Boeken 8.02.08) Alle drie lieten hun verhaal optekenen door een journalist (de vader zelfs door twee).

In misdaadboeken zijn twee perspectieven mogelijk: dat van het slachtoffer en dat van de (vermeende) dader. Daderboeken kunnen de nadruk leggen op een bekentenis plus uiteenzetting van de daad (I did it and this is how I did it), een het- spijt-me (I did it and I am so sorry) een bekentenis met zeer veel aandacht voor verzachtende omstandigheden (I did it, but…) of gericht zijn op rehabilitatie (I didn’t do it). O.J. Simpson voegde daar een nieuwe variant aan toe door een If I Did Tt te schrijven. De Amerikaanse uitgever besloot het boek na een rechtszaak niet uit te geven, maar de familie van het slachtoffer publiceerde het uiteindelijk toch, omdat het de schuld van Simpson in hun ogen nog overtuigender vaststelde. In het Nederlands verscheen het als If I did it. Bekentenissen van de moordenaar. Uitgegeven en toegelicht door de nabestaanden. Er zit ook een inleiding van de ghostwriter bij. Een bloedstollend goed geschreven boek trouwens, dat álle bovenstaande perspectieven en typen ‘true crime’ bij elkaar in één boek brengt.

Het boek van Joran van der Sloot is een merkwaardige mix van een rehabilitatieboek en een ‘het spijt me’-boek ineen. Joran verklaart dat hij ‘weliswaar geen engeltje, maar geen moordenaar is’ en hoopt dat de zaak wordt opgelost zodat hij ‘gerehabiliteerd’ kan worden. Maar hij wil ook zijn spijt betuigen omdat hij ‘zich schuldig heeft gemaakt aan leugens’. Dat spijtgedeelte laat zich opsplitsen in ‘excuses’ en ‘volledige verantwoordelijkheid’, en spijt met erg veel verzachtende omstandigheden voor zijn leugenachtige gedrag (zo doet een normale tiener; omstandigheden in de gevangenis zijn slecht, alsook de behandeling door de politie; anderen liegen ook, zoals Natalee die tegen haar moeder beweerde dat ze nooit dronk of seks zou hebben gehad).

Goed. Ik vlijde ik mij op de bank met een stapel boeken. Close-reading is een interpretatietechniek in de literatuurwetenschap waarbij je heel precies leest. Je onderstreept significante woorden, let op herhalingen, tegenstellingen, overeenkomsten, woordkeuze, dubbelzinnigheden, associatieketens, open plekken, raadselachtigheden, verwijzingen en samenhang binnen de tekst zelf. Uiteindelijk probeer je zo tot een interpretatie van de tekst te komen.

In moeder Holloways boek draait het – zie de titel – steeds om hetzelfde kluitje woorden: hope, faith en God. Vader Holloway – zie alweer de titel – is somberder en achterdochtig: bij hem omcirkelde ik steeds tragic, captive, conspiracy en corruption. Maar nu Jorans boek. Hoewel het is opgezet als rehabilitatieliteratuur en het retorisch daarop is gericht, buitel je voortdurend over de woorden ‘fout’, ‘schuld’ en ‘liegen’ heen, vreemd genoeg vaak in combinatie met ‘open’, ‘waarheid’ of ‘eerlijk’. Voorbeeld: ‘Ik zal elke leugen ontleden, in de hoop de mensen te doen begrijpen wat de waarheid is’ of ‘Ik heb gelogen, en dat is de waarheid’. De Kretenzer Epimenides zou er een puntje aan zuigen. ‘Alle Kretenzers zijn leugenaars’ is zijn paradoxale uitspraak. Omdat hij zelf Kretenzer is, liegt Epimenides. Maar dat betekent dat hij de waarheid spreekt over Kretezeners! Logici hebben zich er het hoofd over gebroken: iemand kan tegelijkertijd een ware en een onware uitspraak doen.

Er is nog iets verwarrends. De type teksten in Jorans boek zijn alle op authenticiteit en geloofwaardigheid gericht: dagboekfragmenten van Joran, verhoren van de politie, interviews met betrokkenen, verklaringen van getuigen. Maar al de fragmenten spreken elkaar inhoudelijk tegen, zodat je als lezer voor een puzzel komt te staan: welke is de waarste onder de ware teksten? Bret Easton Ellis formuleerde ooit een schitterende Kretenzisch-achtige schrijversparadox: hoe leugenachtiger de mogelijkheden van het genre, hoe eerlijker hij werd en vice versa: ‘Een roman gaat over wat zich in ons onderbewustzijn afspeelt. Schrijven is voor mij niets anders dan je onderbewustzijn verkennen. […] Daarom kan ik nooit zo eerlijk zijn in een autobiografie als in een roman. ’ aldus Bret Easton Ellis in deze krant.

En zo bleef ik steeds maar haken in Jorans ware leugenbekentenissen, in zinnen als deze: ‘Ik wil de politie bellen, maar mijn mobiele telefoon is net kapot – ik had hem in bad laten vallen.’ En die haaien? Mijn potloodje heeft de zin zes keer omcirkeld: ‘Ze wilde haaien zien.’

Uit O.J. Simpsons If I Did It. Bekentenissen van een moordenaar blijkt dat er een sleutelrol is weggelegd voor de ghostwriter. Die ordent, kiest en bouwt het verhaal retorisch zo overtuigend mogelijk op. Die liegt de waarheid. Het wachten is op de nieuwe editie à la Simpsons boek, met een openhartig voorwoord van Zvezdana Vukojevic, de journaliste die Joran van der Sloots verhaal opschreef.