Woekerende paddestoelen onder de draaitafel

‘Wilt u onze nieuwe single horen?” Het was geen vraag die ik had verwacht, vorige week tijdens de opening van Art Rotterdam. In een afgelegen hoekje van de kunstbeurs zaten vier jonge knullen uit Londen, de haren hip gestyled, rondom een platenspeler met daarop een singletje van oranje vinyl. Ze heetten Ginger Bread Men en waren uitgenodigd door de Amsterdamse galerie ZINGERpresents, die net hun eerste plaat had uitgebracht. Terwijl het deftige kunstpubliek langs schuifelde, nam ik plaats op een bierkratje om via een koptelefoon te luisteren naar drie minuten onvervalste gitaarherrie. De titel van het nummer luidde 15 Minutes, wat ongetwijfeld een verwijzing was naar Andy Warhols beroemde uitspraak.

Sinds 1967, toen Warhol de ‘banaanelpee’ van The Velvet Underground & Nico ontwierp, zijn er talloze vormen van kruisbestuiving geweest tussen muzikanten en beeldend kunstenaars. Dat veertigjarig jubileum werd vorig jaar nog groots gevierd met de tentoonstelling Sympathy For The Devil. Art and Rock and Roll Since 1967 in het Museum of Contemporary Art in Chicago. Maar een bandje dat zijn debuutplaat lanceert op een beurs voor hedendaagse kunst, dat klinkt als iets nieuws. Zou het een noodsprong zijn, nu steeds meer platenwinkels hun deuren sluiten en platenmaatschappijen hun artiesten op straat zetten?

Ook elders op Art Rotterdam kon er geluisterd worden naar ouderwets vinyl. In de stand van Galerie Maurits van de Laar draaide een elpee eindeloos rondjes op een platenspeler die in een vitrine stond. De experimentele gitaarklanken waren op uitnodiging van kunstenaar Zeger Reyers ingespeeld door Lee Ranaldo, gitarist van de Amerikaanse band Sonic Youth. Wat op de opening nog nauwelijks te zien was, was dat Reyers paddestoelen onder de draaitafel had geplant. Die zijn tijdens de beurs flink gegroeid, waardoor ze de muziek beïnvloedden en uiteindelijk tot stilstand brachten.

In kunstcentrum TENT werd Art Rotterdam een dag later gevierd met een speciale ‘Rotterdam Art Rocks’-avond. Daar bleek hoe makkelijk het is een tentoonstellingsruimte in een dampende muziekclub om te toveren: tl-buizen uit, rookmachine aan en rocken maar! Op het podium stond gothic-band Götterdämmerung, geliefd in de kunstwereld sinds hun bassist, kunstenaar Marc Bijl, internationaal is doorgebroken. Het optreden volgde verder de wetten van de rock&roll: drie mannen in zwart leer die in stoere poses op hun gitaren ramden. De pot zwarte verf die Bijl halverwege de show over de zanger uitgoot, voorzag het concert nog van een artistiek tintje.

Je kunt je afvragen of al deze cross-overs tussen kunst en rockmuziek iets toevoegen aan wat er al is. Als ik de verfsmijterij van Götterdämmerung zie, moet ik terugdenken aan de concerten van metalband Gwar in de jaren tachtig, waarbij steevast grote hoeveelheden vloeistoffen over het publiek werden uitgestort. De Ginger Bread Men traden bij de opening van Art Rotterdam op in een soort partytent van pallets, waarin ook beeldschermen met artistieke filmpjes geïntegreerd waren. Terwijl de zanger woorden zong als „you broke my heart when you slashed your wrist”, zagen we beelden van bruine drab die in een afvoerputje verdween. Leuk gevonden, maar niet bepaald vernieuwend. Dat beeld en muziek goed te combineren zijn weten we al sinds de uitvinding van de videoclip.