Stieg Larsson

Stieg Larsson De vrouw die met vuur speelde

‘Drie moorden op één avond. De slachtoffers zijn twee journalisten die voor het blad Millennium werkten aan een publicatie over vrouwenhandel, en de voogd van hoofdverdachte Lisbeth Salander (jong, gecompliceerd en uiterst intelligent). Maar de uitgever van Millennium, Mikael Blomkvist, kent haar en is overtuigd van haar onschuld. Hij ziet een verband tussen de moorden en het artikel in wording over vrouwenhandel.’

Het zal deze introductie zijn waardoor de indruk wordt gewekt dat De vrouw die met vuur speelde een thriller is met als onderwerp de Zweedse vrouwenhandel. Die bovendien, gezien het beroep van de auteur, zal scheren langs ‘de waarheid’. De Zweedse auteur Stieg Larsson (1954-2004) was immers onderzoeksjournalist en maakte vooral furore met stukken over rechts-extremisme. De vrouw die met vuur speelde is, na een succesvol debuut, zijn tweede roman die postuum wordt uitgebracht.

Maar het boek scheert niet langs de waarheid. Het verhaal scheert slechts vluchtig langs het onderwerp. Het woord vrouwenhandel komt een enkele keer voor, en is overduidelijk de achtergrond van de moorden. Twee van de drie slachtoffers werkten respectievelijk aan een proefschrift en een journalistiek artikel over dit onderwerp. Maar na de hierboven geciteerde introductie ligt de nadruk op de speurtocht naar de enige mogelijke dader Lisbeth Salander (die overigens van bladzijde 1 tot en met 568 bij voor en achternaam wordt genoemd). En het contact tussen haar en Blomkvist – die zijn eigen onderzoek leidt – dat via ingewikkeld gehack op elkaars computer loopt.

Een boek dus dat alleen maar gaat over de gevolgen van het uitspreken van de naam van dat onderwerp. Van het onderwerp vrouwenhandel zelf word je geen letter wijzer. Het vrouwenhandelproefschrift moest nog verdedigd worden, het vlijmscherpe artikel was nog lang niet klaar en toch zijn de gevolgen al een feit.

Je zou het kunnen opvatten als een Ceci n’est pas une pipe-truc. Maar omdat het surrealisme nu niet in de mode is, ligt een vergelijking met soortgelijke voorbeelden ineens voor de hand. Vervang ‘vrouwenhandel’ door Joran van der Sloot of door ‘dé film van Geert Wilders’ (ja sorry, daar is ie weer) en we hebben actuele voorbeelden van hetzelfde scenario.

Immers: Peter R. de Vries had aan een aankondiging genoeg om de media op te hol te laten slaan. En enkel de verhitte discussie rondom de nog-net-niet-bestaande film van Wilders is al maanden reden genoeg om de boel lam te leggen, hoge staten van paraatheid en eventuele noodtoestanden af te kondigen.

Beide typische voorbeelden waarbij de gevolgen ver voor de oorzaak uitrennen. Het is alleen te hopen dat Wilders in de film zelf wel netjes zijn onderwerp uitdiept. Voor we onherroepelijk in een Droste-effect van het onderwerploze verzanden.

Viola Lindner