New Delhi in problemen door akkoord VS

Het akkoord tussen India en de VS over levering van nucleaire technologie dreigt te stranden in het Indiase parlement. ‘Maar voor India’s economie is het akkoord van enorm belang.’

President Bush sprak vorig jaar maart in New Delhi over een historische overeenkomst, maar het baanbrekende akkoord over Amerikaanse levering van nucleaire technologie aan India is inmiddels op sterven na dood. De communisten vrezen dat India zich met het akkoord te afhankelijk maakt van de VS, de regering dreigt er nu over te struikelen en premier Manmohan Singh zit met zijn handen in het haar.

Als de deal niet wordt goedgekeurd door het Indiase parlement en daardoor strandt, moet India er op rekenen dat het internationaal geïsoleerd komt te staan, zei minister van Buitenlandse Zaken Pranab Mukherjee onlangs dreigend op een bijeenkomst in Kolkota. Daar moet het linkse blok nog maar eens goed over nadenken, was zijn boodschap.

De overeenkomst tussen de VS en India is altijd controversieel geweest, omdat India over kernwapens beschikt maar niet deelneemt aan het Non-Proliferatieverdrag tegen de verspreiding van kernwapens. De communisten blijven dreigen hun gedoogsteun aan de regering in te trekken, als onderhandelingen met het Internationale Atoomenergieschap (IAEA) over toezicht op de civiele nucleaire installaties in India serieus worden voortgezet.

Links wil verhinderen dat India wordt ingekapseld in het imperialistische machtsspel van de VS in Azië. Zo interpreteert het de kleine lettertjes in het akkoord. En met de Amerikaanse presidentsverkiezingen in het verschiet en volgend jaar verkiezingen in India, komt de uiterste houdbaarheidsdatum van het nucleaire akkoord snel dichterbij.

Staat India straks echt alleen op de wereld als het akkoord niet doorgaat? Onzin, zegt analist Kanti P. Bajpai. „Ik begrijp dat de minister de zaak wil dramatiseren, maar op technologisch gebied staan we al geïsoleerd sinds 1974 [toen India zijn eerste kernproef nam, red.]. Dat is dus niets nieuws. En als het gaat om India’s buitenlandse betrekkingen en zijn strategische positie in de wereld: daar zal geen enkele verandering in komen. India telt over tien jaar 1,5 miljard inwoners en zelfs als je uitgaat van een gematigde groei van 6 à 8 procent per jaar, neemt onze economische betekenis in de wereld snel verder toe. Ik zie niet in hoe je zo’n land kunt isoleren. Bovendien: waarom zouden de VS en het Westen 1,5 miljard democraten willen isoleren?”

Bajpai komt uit een familie van topdiplomaten. Hij studeerde in Canada en in de Verenigde Staten. Hij is een bekend commentator in India. Sinds 2003 is hij Headmaster van de prestigieuze Doon School in Dehra Dun, een kostschool waar al vele generaties van India’s leidinggevende elite hun opleiding hebben gevolgd.

Bajpai is geen bewonderaar van India’s nucleaire programma. Hij vindt dat alle kernbommen de wereld uit moeten. Hij heeft ook grote twijfels over civiel gebruik van kernenergie. Maar anders dan veel commentatoren in India is hij wel voorstander van de voorgestelde nucleaire samenwerking met Amerika. Want, zegt hij: de kerncentrales die India de afgelopen decennia op eigen houtje heeft gebouwd, zijn niet deugdelijk. Ze zijn onveilig en ze verslinden belastinggeld. Alleen met buitenlandse technologie kan dat verbeteren.

Wat nog belangrijker is: met het nucleaire akkoord krijgt India toegang tot hoogwaardige technologie in het algemeen. „Het buitenland is huiverig om ons geavanceerde en gevoelige technologie te leveren, ook voor civiel en commercieel gebruik. Als het akkoord met de VS in werking treedt, mag je ervan uit gaan dat die belemmeringen wegvallen en dat India op breed terrein technologie kan importeren. Voor India’s economische opkomst is dat van cruciaal belang’’.

Bajpai vindt dat premier Singh heeft geblunderd door die argumenten – veiligheid en efficiëntie van het Indiase nucleaire programma en toegang tot hoogwaardige technologie in het algemeen – niet op de voorgrond te plaatsen. In plaats daarvan noemde de regering de deal belangrijk voor India’s energievoorziening. Niet zo’n sterk argument , aldus Bajpai. „Kernenergie draagt 2 procent bij aan de Indiase energievoorziening. Al zou dat aandeel verdubbelen, dan stelt het nog niet veel voor.”

Nog onhandiger was het, volgens Bajpai, om de nadruk te leggen op toenadering tot de VS. „Voor de communisten werkt dat als een rode lap op een stier. De regering had moeten onderstrepen dat dit een eerste stap is in een opening naar de hele internationale gemeenschap, en dat de Amerikanen niet de enige, misschien zelfs niet de eerste leveranciers zullen zijn van nucleaire installaties.”

En nu? Dat de nucleaire overeenkomst spoedig tot uitvoering kan komen vindt Bajpai onwaarschijnlijk. Tenzij de communisten alsnog oordelen dat het niet gaat om onderwerping aan Amerikaanse geopolitieke belangen.

Misschien kan Iran een zetje in de rug geven. In 2005 en 2006 steunde India bij het IAEA de verwijzing van de Iraanse nucleaire kwestie naar de Veiligheidsraad. Voor links het bewijs dat de regering zich voor het karretje van de Amerikanen laat spannen. Volgens Bajpai is geen sprake van het opgeven van India’s onafhankelijkheid. Zoveel betekenis had de opstelling in het IAEA niet, zegt hij. „We zijn niet uit op een confrontatie met Iran. En bovendien: waneer hebben de Iraniërs in het verleden iets voor ons gedaan?”

Los daarvan: zeer tegen de zin in van de VS wordt weer gesproken over de levering van Iraans gas aan India via een pijpleiding over Pakistaans gebied. Dezer dagen zijn nieuwe onderhandelingen in Teheran gepland, maar Delhi heeft gezegd niemand te sturen.

Verstandig, meent Bajpai. Niet omdat India moet afzien van samenwerking met de Iraniërs, maar omdat het beter is Pakistan de kastanjes uit het vuur te laten halen. „De Amerikanen weten niet hoe ze ‘nee’ moeten zeggen tegen Pakistan”, zegt Bajpai. „Pakistan biedt onderdak aan terroristen, het blijft Al-Qaeda tolereren. Het heeft nucleaire componenten naar Noord-Korea gesmokkeld. Maar het is er steeds mee weggekomen. De Pakistanen kunnen het beste de VS overhalen de pijpleiding te accepteren.”

Voorlopig stroomt er evenwel geen Iraans gas naar India, en is ook de kans groot dat de nucleaire deal met de VS wordt opgeschort. Maar nogmaals, de wereld zal er niet door veranderen, onderstreept Bajpai. „Iedereen zal zeggen: de Indiërs zijn niet betrouwbaar, het heeft geen zin met hen zaken te doen want de regering slaagt er toch niet in haar wil door te zetten.

„Allemaal goed en wel, maar dat brengt ons niet in één keer in conflict met de Amerikanen. We zullen een goede verstandhouding hebben, ongeacht de nucleaire deal. Daarvoor zijn onze banden te sterk. Zij willen toegang tot onze markt, wij willen hun investeringen. En in ideologisch opzicht zijn wij een lichtend voorbeeld in de wereld. Wij zijn een arm, niet-westers land, dat ondanks grote regionale, culturele, etnische en religieuze verschillen aantoont dat democratie werkt. Zo’n land ga je niet isoleren.”