Buitenlandse Zaken verliest slag met fiscus

De Belastingdienst heeft het ministerie van Buitenlandse Zaken voor in totaal 66,5 miljoen euro aan naheffingen opgelegd.

Het departement blijkt jarenlang te hebben verzuimd loonbelasting en premies in te houden op vergoedingen aan ambtenaren op diplomatieke posten in het buitenland.

Buitenlandse Zaken maakte vorig jaar bezwaar tegen de naheffingen, maar heeft inmiddels betaald, aldus een woordvoerder. Het bedrag van de naheffingen over de periode 2001 tot en met 2006 is 59 miljoen euro. Daar kwam de wettelijke heffingsrente van 7,5 miljoen euro bij.

De vergoedingen voor de uitgezonden rijksambtenaren zijn een aanvulling op hun salaris, ter compensatie van de kosten van een uitzending. Buitenlandse Zaken (BZ) heeft zo’n 1.200 ambtenaren in het buitenland.

Het geschil tussen departement en fiscus heeft enkele jaren geduurd. De Belastingdienst stond op het standpunt dat met ingang van 2001 buitenlandvergoedingen niet meer onbelast verstrekt hadden mogen worden. Het gaat om de vergoedingen die hoger zijn dan 30 procent van de som van het totale loon en de buitenlandvergoedingen van de uitgezonden ambtenaar. Een deel van de vergoeding, waaronder die voor verhuiskosten, blijft onbelast.

Eind vorig jaar legde de dienst over de jaren sinds 2001 naheffingsaanslagen loonbelasting/premie volksverzekeringen op. Daartegen maakte BZ bezwaar. Het ministerie heeft zich nu dus neergelegd bij het standpunt van de fiscus.

De betaling heeft het ministerie gedaan via een zogenoemde eindheffing, buiten de ambtenaren om. De woordvoerder: „De werknemer merkt hier niets van; de hoogte van de vergoeding wordt niet gewijzigd.” Over de uitkomst van het overleg met de Belastingdienst zijn ambtenaren, vakbonden en ondernemingsraad geïnformeerd.

Ook andere departementen met ambtenaren in het buitenland, zoals Landbouw en Economische Zaken, moeten een nabetaling doen aan de fiscus. Landbouw betaalt 2,6 miljoen euro voor 80 ambtenaren, aldus een woordvoerder.