Sprint economie moeilijk vol te houden in 2008

De buitenlandse handel was de belangrijkste motor achter de economische groei in 2007. Dat maakt Nederland extra kwetsbaar in het komende jaar.

Nog even is Nederland de beste van de klas. De 3,5 procent economische groei die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vanmorgen over 2007 rapporteerde steekt zeer gunstig af tegen de rest van de industrielanden. Van de grotere Europese landen zal waarschijnlijk alleen Spanje een groei laten zien die, met tegen de 4 procent, hoger is. En de Spaanse prestaties lijken steeds meer gebaseerd op een speculatieve periode in met name de vastgoedsector, die in snel tempo ten einde loopt. De gehele eurozone laat over het afgelopen jaar een groei zien die rond de 2,7 procent zal liggen, en dat is ongeveer wat Duitsland (2,6 procent) vanmorgen publiceerde. Maar Frankrijk en Italië halen zoals het er nu uitziet zelfs de 2 procent niet. De Verenigde Staten groeiden volgens voorlopige ramingen met 2,9 procent vorig jaar, en met een zelfde percentage in 2006. Dat betekent dat Nederland het, met 3,5 procent vorig jaar en 3 procent in 2006, nu al twee jaar beter doet dan de VS.

Toch is er op de gunstige groei wel wat af te dingen. De consumptieve binnenlandse bestedingen kwamen vorig jaar uit op een groei van 2,4 procent. Dat cijfer wordt omhoog getrokken door de overheid, die 2,9 procent méér uitgaf. Huishoudens zagen hun bestedingen in een veel lager tempo toenemen, met 2,1 procent. Het zelfde geldt voor de groei van de investeringen. Die was in 2007 4,9 procent, en dat is flink minder dan de 7,2 procent in 2006. Bovendien nam de investeringsgroei door het jaar heen al flink af: in het vierde kwartaal bedroeg hij nog maar 2,1 procent op jaarbasis.

Wat maakt dan dat de economie toch zulke goede rapportcijfers laat zien? Het antwoord ligt bij de buitenlandse handel. Nederland heeft al een flink handelsoverschot: het kwam vorig jaar uit op 41,4 miljard euro, het hoogste ooit gemeten. De waarde van de export van goederen bedroeg 347,6 miljard euro, 9 procent hoger dan in 2006. De waarde van de invoer nam met 7 procent toe tot 306,2 miljard euro. Ook zonder de prijsstijgingen van de export en import kwamen de cijfers goed uit: de volumegroei van de uitvoer was 6,4 procent, die van de invoer 5,6 procent. Geloof het of niet: het Nederlandse handelsoverschot is, uitgedrukt in dollars, tweederde van dat van heel Japan.

Nu speelt een deel van de handelsprestaties zich af in het statistische schemergebied van de wederuitvoer. Bovendien is Nederland een toevoerhaven voor het Europese achterland: met de wereld uitgezonderd Europa heeft Nederland een handelstekort, dat ver wordt overklast door het enorme overschot met de Europese partners.

Toch blijft het overschot adembenemend. Het heeft tot gevolg dat een groei in de buitenlandse handel zeer sterk doorwerkt in de telling van het bruto binnenlands product. Dat maakt Nederland wel zeer gevoelig voor internationale ontwikkelingen, en de kwetsbaarheid neemt alleen maar toe naarmate buitenlandse handel een groter deel van de economische activiteit is gaan uitmaken.

Wat er in 2008 in de rest van de industriële wereld gebeurt, wordt dan ook nog relevanter dan het al was. Het Centraal Planbureau heeft zijn raming al teruggeschroefd tot 1,75 procent groei in 2008. En dat volgens veel economen al aan de hoge kant. Als de buitenlandse handel onzeker wordt, dan zal dit jaar veel afhangen van de ontwikkeling van de binnenlandse vraag in Nederland. Het slimste jongetje moet het in 2008 doen zonder af te kijken.