Kritiek op werk ProRail aan spoor

Spoorbeheerder ProRail voldoet niet aan de minimale eisen van veiligheidszorg. Bij het onderhoud van spoorwissels hangt te veel af van de kennis van uitvoerend personeel en wordt te weinig gewerkt met objectieve criteria.

Dat stelt de Inspectie Verkeer en Waterstaat in het rapport Veiligheid wissels hoofdspoorweginfrastructuur, dat vandaag is gepubliceerd. De inspectie deed onderzoek nadat in november gebleken was dat 1.800 van de 6.000 wissels niet aan de minimale veiligheidseisen voldeden. Inmiddels gaat het nog om 1.100 wissels met gebreken. Minister Eurlings (Verkeer en Waterstaat, CDA) stelt in een brief aan de Tweede Kamer dat de gebreken niet dusdanig waren en zijn, dat er beperkingen aan het treinverkeer moeten worden opgelegd.

Onderzoek van NRC Handelsblad bracht de problemen met de wissels medio november aan het licht. ProRail was daar al sinds 2005 van op de hoogte maar had dit niet aan de inspectie en het ministerie gemeld. De minister zei in de Tweede Kamer dat er sprake was „onacceptabel veel” wissels met gebreken. „Maar er is geen reden tot paniek”, aldus Eurlings destijds.

De Inspectie concludeert nu dat er in het onderhoudsproces onvoldoende sprake is van objectieve criteria, dat procedures niet uniform en landelijk zijn ingevoerd en er geen tijdige vastlegging van gebreken plaatsvindt. Zo constateerden medewerkers van één van de drie vaste onderhoudsaannemers op 1 oktober vorig jaar een probleem met een wissel bij Zwolle. Pas op 20 november was dit bij ProRail bekend. Het feit dat de afweging van veiligheid met name op werkvloerniveau plaatsvindt noemt de Inspectie „ongewenst”.

Lees meer over de problemen met de wissels op nrc.nl/spoor