Sarkozy kent ‘moeilijk moment’

Toen Sarkozy in mei vorig jaar aantrad als president was hij ongekend populair. Maar te veel van zijn mooie woorden worden niet gevolgd door mooie daden, vinden de Fransen.

Frankrijk heeft geen populaire president meer. Negen maanden na zijn verkiezing bereikt Nicolas Sarkozy deze week in de zes maatgevende peilingen dieptepunten die doen denken aan de scores van zijn voorganger Jacques Chirac. Meer dan zestig procent heeft geen tot helemaal geen vertrouwen meer in hem. Sarkozy liet zich gisteren voor het eerst verleiden tot een commentaar: „Elke president kent moeilijk momenten”, relativeerde hij. „Maar ik heb vijf jaar de tijd.”

De vrije val trekt des te meer aandacht omdat Sarkozy de eerste maanden juist indruk maakte. Zijn daadkrachtige stijl ging gepaard met opvallende resultaten. Sarkozy leidde Frankrijk snel terug naar de voorgrond in Europa. Binnenlands scoorde de regering ondermeer punten door niet toe te geven aan de eisen van stakers in het openbaar vervoer. De vakbonden lieten zich half verleiden en half dwingen tot sociaal overleg.

De klad kwam erin toen Sarkozy vanaf Kerst, amper twee maanden na zijn echtscheiding, voor dikke hagen camera’s gestalte begon te geven aan zijn relatie met de zangeres Carla Bruni. Zijn kiezers begonnen de president vanaf dat moment minder serieus te nemen. De electorale marktonderzoeken bevestigen het nieuwe beeld: Sarkozy verkiest stijl boven resultaten, privégeluk boven de publieke zaak. De president bedriegt de republiek met zijn meisje.

Dat hadden de Frans misschien niet erg gevonden, als de economie intussen flink was gegroeid. Maar Sarkozy’s aanvankelijke poging om dat te bereiken door de binnenlandse consumptie te bevorderen, is grondig mislukt. De 13 miljard euro die hij daar vorige zomer voor uittrok, blijken weggegooid geld. Ook de Franse economie ontkomt niet aan de mondiale invloed van de dreigende Amerikaanse recessie. Sterker: terwijl de export van buureconomie Duitsland floreert, kwam Frankrijk deze maand voor de dag met een absoluut dieptepunt op de handelsbalans: 33 miljard euro. Terwijl de Europese partners Parijs deze week nog maar eens kapittelden omdat de staatsschuld maar niet terugloopt, ontbreekt het Sarkozy nu aan geld om te investeren in de noodzakelijke hervormingen om de economie concurrerend te maken.

Even leek Sarkozy een wending te maken. Begin dit jaar kwam hij terug van zijn belofte de president van de koopkracht te zijn. Hij vertelde de Fransen dat hij hun koopkracht niet in de hand heeft. Het hielp hem niet. Kiezers oordeelden dat Sarkozy dus net is als de andere politici, die nooit doen wat zij beloven. Met één verschil. Hij zegt voortdurend: „Ik doe alles wat ik heb beloofd.”

Sarkozy toont zich nooit bevreesd voor het verwijt populistisch te zijn. De laatste weken stapelt hij belofte op belofte. In de banlieues gaat hij „het dagelijkse leven van de inwoners veranderen”. In Noordoost-Frankrijk beloofde hij vorige week aan werknemers van de private, niet-Franse staalgroep Mittal-Arcelor dat hun fabriek niet gesloten zal worden, zoals Mittal van plan is. De staat zal er ook voor zorgen dat de bank Société Générale, in de problemen door een fraude-affaire, niet in buitenlandse handen komt.

Al die beloftes stuiten op ongeloof. Europese afspraken over vrije concurrentie, de economie of de lege staatskas: altijd zijn er wel barrières die maken dat Sarkozy niet de politieke ruimte of middelen heeft voor zijn wensen.

Sarkozy kende ook andere tegenslagen. Zijn oproep aan Société-Générale-topman Bouton om af te treden sloeg dood. Bouton negeerde hem, de publieke opinie volgde niet. Bovendien lekte uit dat de top van de Franse centrale bank en beurstoezichthouder de bank hadden geholpen om de interne problemen bij de bank enige dagen verborgen te houden voor Sarkozy. Ze oordeelden dat hij niet in staat zou zijn vertrouwelijkheid te bewaren. Ook zijn huwelijk met Bruni deze maand, in besloten kring, gaf Sarkozy geen serieuzer aanzien. Het bevestigde het beeld dat de president regeert in dienst van zijn imago.

Intussen neemt het gemor in Sarkozy’s partij, UMP, toe. Peilingen voorspellen verlies bij de gemeenteraadsverkiezingen volgende maand. De onrust strekt zich uit tot in de regering. Sarkozy’s rechterhand, secretaris-generaal Claude Guéant, liet er deze week geen twijfel meer over bestaan dat een aantal ministers na die verkiezingen wordt vervangen. Volgens kwade tongen moet ook premier Fillon voor zijn post vrezen. Sarkozy zou niet kunnen verdragen dat de populariteit van zijn serieuze, ietwat kleurloze premier net zo snel toeneemt als zijn eigen impopulariteit.