Nuance keert terug in Nederland

Ja, het is waar dat het integratiedebat is verhard, zegt oud-minister Winnie Sorgdrager. Zij ziet de nuance nu wel terugkeren. Maar de VVD heeft kritiek.

„Als je in debat om nuances vraagt, wordt je verweten dat je mensen de mond wil snoeren”, zegt oud-minister van Justitie Winnie Sorgdrager. „Een fractie van wat we nu horen in het publieke en politieke debat, zou zeven, acht jaar geleden niet door de beugel gekund hebben.”

Sorgdrager, lid van de Raad van State en oud-minister van Justitie (D66), zit namens Nederland bij de Europese Commissie tegen Racisme en Intolerantie (ECRI). Zij observeert een „enorm verschil” tussen Nederland van nu en dat van zeven jaar geleden, toen de ECRI voor het laatst een landenrapport over de stand van zaken in Nederland publiceerde. De ECRI is een onafhankelijk controleorgaan van de Raad van Europa en werd in 1993 opgericht door regeringsleiders en staatshoofden van de 47 Europese landen aangesloten bij de raad. De ECRI publiceert regelmatig landenrapporten.

Eind 2001 noemde de commissie de discriminatie op de werkvloer als Nederlandse voornaamste zorg. Een luxeprobleem vergeleken met de huidige toestand in zoals geschetst in het rapport van gisteren. Nederland zou nu tot op het bot verdeeld zijn. De polarisatie is „zorgwekkend”. Moslims gaan gebukt onder een ‘islamofobie’ die „een substantiële toename” laat zien sinds de aanslagen op 11 september 2001, de opkomst van Pim Fortuyn (2002) en de moord op filmer en columnist Theo van Gogh (2004). „Daarna gingen alle sluizen open in Nederland. Alles moest opeens gezegd worden.” Sorgdrager wil benadrukken dat zij niet een van de opstellers is van het rapport. Als lid van de ECRI staat zij wel achter de bevindingen.

De commissie schrijft dat omstreden uitlatingen en voorstellen van politici kunnen leiden tot stigmatisering, ook al leiden die niet tot concrete maatregelen. Zoals de eis van de PVV-leider Geert Wilders dat de staatssecretarissen Albayrak en Aboutaleb hun respectievelijk Turkse en Marokkaanse nationaliteit opgeven.

Linkse Kamerleden noemden de bevindingen in het rapport realistisch. Tofik Dibi (GroenLinks) wilde een spoeddebat, maar kreeg daarvoor geen steun. Nu heeft de Kamer opheldering gevraagd aan het kabinet. VVD’er Henk Kamp kwalificeerde het rapport als eenzijdig.

Voor racismebestrijders en moslims bevat het rapport geen nieuws. Ook Yusuf Altuntas van de Turkse moskeeorganisatie Milli Görüs ziet in het rapport bevestigd hoe hij Nederland de afgelopen jaren ervaart. Hij is tevens vicevoorzitter van het Contactorgaan Moslims en Overheid (CMO). „We leven in een tijd van tegenstellingen. Die worden benadrukt vanuit emoties”, zegt hij. De beschaving in het debat is soms ver te zoeken, zegt Altuntas.

Dick Houtzager van Art. 1, voorheen het Landelijk Bureau ter bestrijding van Rassendiscriminatie, erkent de schets die ECRI stelt van een verdeeld land. Hij heeft geen aanwijzingen dat Nederlanders anders zijn gaan denken over migranten en moslims. Het enige verschil zit in de toon, zegt hij. Houtzager: „De dwang van de politieke correctheid is weggevallen. Dat heeft de toon en het gemak waarmee mensen zich uiten, veranderd. Mensen voelen minder remmingen, kiezen voor een toon die zij voorheen zouden nalaten.” Sommige politici en opiniemakers hebben de massa ook een beetje opgezweept, meent Houtzager. Hij noemt de toon in de notitie die VVD’er Henk Kamp schreef over de integratie. „Acht jaar geleden zou zo’n toon ver te zoeken zijn geweest bij de VVD.”

Minister Vogelaar (Integratie, PvdA) benadrukte in haar eerste reactie dat het vorige rapport is verschenen vóór de aanslagen van 2001. Sindsdien is de toon van het integratiedebat verscherpt, zei ze. De minister wil een nationale conferentie houden over racisme waarbij ook de bevindingen van de ECRI besproken zullen worden.

Houtzager van Art.1 hoopt dat het rapport tot bezinning zal leiden. Nu al zijn verbeteringen te zien, sinds het aantreden van het huidige kabinet, meent hij. „Vogelaar is Verdonk niet, zij roept minder weerstand op.”

Ook Sorgdrager neemt veranderingen waar. De nuance krijgt weer wat ruimte, zegt ze, al moeten de media goed nadenken over hun „buitenproportionele” aandacht voor politici als Wilders. „Maar er hoeft morgen maar iets te gebeuren en het begint allemaal opnieuw.”

Lees het rapport van de ECRI via nrc.nl/binnenland