Barack Obama leidt de race nu in alle opzichten

Met een voor Hillary Clinton verontrustend groot verschil won Barack Obama gisteren opnieuw drie voorverkiezingen.

Nu hebben de Democraten dan eindelijk ook een koploper. Nadat hij gisteren opnieuw met groot verschil drie voorverkiezingen won, heeft Barack Obama onbetwistbaar de beste kansen op de nominatie van zijn partij bij de presidentsverkiezingen.

De marge met Hillary Clinton blijft klein. Maar na zeven achtereenvolgende zeges in de week na Super Tuesday, en nadat hij in een maand een achterstand van twintig procentpunt op Clinton in de nationale peilingen teniet deed, lijkt Obama bezig aan een moeilijk te stuiten opmars.

Het begrip ‘momentum’ is in deze campagne tot nu toe waardeloos gebleken. In de eerste maand waren overwinningen voor beide kandidaten geen garantie op succes in de volgende voorronde. En toen Super Tuesday met primaries in 22 staten vorige week de impasse zou doorbreken, eindigden Obama en Clinton globaal gelijk.

Maar sindsdien is Obama aan een zegereeks begonnen die verdacht veel op ‘momentum’ lijkt. Eerst behaalde hij zaterdag overwinningen in de westelijke staat Washington, het centraal gelegen Nebraska en het zuidelijke Louisiana. Zondag won hij – ondanks zware tegenstand van Clinton – in het noordoostelijke Maine. Gisteren kwamen er zeges bij in het behoudende Virginia, het traditioneel Democratische Maryland en de hoofdstad Washington.

Het ging in bijna alle gevallen om grote overwinningen, waarbij Obama meer dan zestig procent van de stemmen haalde – wat zijn kansen op een meerderheid op de partijconventie, die de kandidaat aanwijst, plotseling een stuk groter heeft gemaakt.

Obama leidt de race nu overigens in alle opzichten. Hij heeft 21 staten gewonnen, Clinton 12 (waarvan in twee, Michigan en Florida, geen campagne is gevoerd). Hij verzamelde de meeste stemmen in de 33 voorrondes tot nu toe. Hij haalde het meeste geld op. En volgens de betrouwbaarste telling heeft hij nu een leiding van ruim honderd afgevaardigden in de race om een meerderheid op de partijconventie (zie infografiek).

Bovendien slaagde Obama er gisteren voor het eerst in door vrijwel alle verdedigingslinies van Clinton heen te breken. Clinton kon tot nu toe rekenen op een meerderheid van blanke stemmers, vrouwen, latino’s en laaggeschoolde arbeiders. Obama moest het hebben van hoogopgeleiden, zwarten en jongeren. Maar in de verkiezingen van Virginia en Maryland versloeg hij Clinton nu ook onder blanke kiezers, vrouwen, laaggeschoolde arbeiders en latino’s (al is dat een kleine groep in deze staten). Alleen blanke vrouwen bleven trouw aan Clinton. „We bouwen aan een nieuwe Amerikaanse meerderheid”, zei Obama gisterenavond in Wisconsin.

Typerend was dat hij Clinton niet noemde en zich geheel richtte op zijn eventuele tegenstander John McCain, die hij telkens in één adem met president Bush noemde. Hij sprak van de „Bush-McCain oorlog in Irak”, en van de „Bush-McCain belastingverlagingen voor de allerrijksten”.

McCain, die de nominatie in feite al binnen heeft en gisteren ook drie staten won, speelde op de tactiek van Obama in door zijn campagnethema – hoop – af te doen als „een platitude”. Hij laakte eveneens Obama’s gewoonte zijn levenservaringen centraal te stellen. „Ik probeer president te worden met de bescheidenheid van de man die niet kan vergeten dat mijn leven [als krijgsgevangene in Vietnam,red] is gered door mijn land.”

De campagne van Clinton probeerde de schade te beperken door al vroeg – nog voordat de uitslag van Maryland bekend was – te speken van „verwachte nederlagen”. Haar tactiek werd gisteren veelvuldig vergeleken met die van Rudy Giuliani: zoals hij uit armoede alles op Florida zette (en alles verloor), zo concentreert Clinton zich nu op Texas en Ohio, waar pas op 4 maart wordt gestemd.

Ze loopt daarmee net als Giuliani het risico dat ze een hele maand als verliezer door het leven gaat. In februari zijn nu nog twee voorrondes (Wisconsin en Hawaï) en beide zien er voor haar alweer slecht uit. In de laatste peiling van Wisconsin staat ze 11 procentpunt achter. Hawaï is Obama’s geboortestaat.

Clinton probeerde gisteren het getaande enthousiasme onder donoren terug te winnen door na haar campagnemanager ook de tweede man van de campagnestaf, Mike Henry, aan de kant te zetten. Zij negeerde de uitslagen en hield een toespraak in El Paso, Texas, in een regio met veel latino’s – haar trouwste kiezersgroep.

De komende weken zal ze de meeste tijd in Texas doorbrengen. Verwacht wordt dat haar campagne vooral Obama’s relatieve kwetsbaarheid op het terrein van nationale veiligheid zal proberen uit te spelen. Ook hoopt Clinton in televisiedebatten – die ze tot nu toe meestal won – het verschil met Obama te maken. Het Obama-kamp houdt verder rekening met nieuwe persoonlijke aanvallen. Nadeel voor Obama is ook dat hij niet langer de underdog kan spelen, de rol die bij de Democraten dit jaar de beste kans op succes geeft.

Er staat dit tegenover: door het systeem van de proportionele verdeling van gedelegeerden wordt het voor Clinton nu moeilijk Obama nog in te halen. Afgezien van het onvoorspelbare gedrag van supergedelegeerden, moet zij volgens berekeningen de laatste 18 staten gemiddeld 60 procent van de stemmen winnen om weer koploper te worden. Een gemiddelde dat zij tot nu toe niet haalde.