Vrouw gaat niet méér werken als kind groot is

Tweederde van de vrouwen die in deeltijd werken heeft geen kleine kinderen. Dat blijkt uit Nederland Deeltijdland. Vrouwen en Deeltijdwerk, een publicatie van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) dat vandaag verschijnt.

Wil Portegijs, een van de twee SCP-onderzoekers die betrokken waren bij het rapport, noemt dat opmerkelijk. „In deeltijd werken wordt geassocieerd met jonge vrouwen die kleine kinderen hebben, maar het blijkt niet alleen om die categorie te gaan.”

Kenmerkend voor de werkende Nederlandse vrouw is dat zij wanneer zij kinderen krijgt – meestal rond haar dertigste – minder uren gaat werken. Wanneer de kinderen groter zijn, gaat zij niet méér werken. Portegijs: „Kennelijk zijn er geen prikkels, of is er onder vrouwen geen behoefte om de ruimte die er later weer is, in te vullen.” Portegijs wijst erop dat de overheid zich bij het vergroten van het aantal vrouwen op de arbeidsmarkt richt op jonge moeders, onder meer door de nadruk te leggen op kinderopvang. „Ten onrechte. Eigenlijk zou je naar de andere kant moeten kijken, de vrouwen zonder kleine kinderen die in deeltijd werken.”

Nederlandse vrouwen werken het liefst en het meest in deeltijd, zo blijkt opnieuw uit het SCP-rapport. Driekwart van de werkende Nederlandse vrouwen heeft een deeltijdbaan, dat is veel meer dan elders. In de meeste Europese landen ligt het gemiddelde op 41 procent. Het rapport is een voorloper van een omvangrijker rapport over vrouwen en deeltijdwerk dat later dit jaar verschijnt.

Lees het rapport op www.scp.nl