Hirsi Ali en de Fransen

Frankrijk breekt een lans voor ‘martelares’ Hirsi Ali, stond gisteren boven een bericht op de voorpagina van deze krant. De Volkskrant had het gisterochtend niet minder gedaan met de kop ‘Een warm Frans bad voor Ayaan’. In de vlag boven die kop stond een citaat uit een brief van president Sarkozy aan het sinds anderhalf jaar in de VS wonende en werkende vroegere VVD-Tweede Kamerlid: „Wie aan u komt, komt aan Frankrijk”. Ander citaat uit die brief: „Tegen elke martelares in de wereld wil ik zeggen dat Frankrijk bescherming biedt door haar de mogelijkheid te geven Française te worden.”

Bij de toekenning van de Simone de Beauvoirprijs aan Hirsi Ali, strijdster voor meer vrijheid voor moslimvrouwen, was zondag een forse groep Franse intellectuelen en linkse politici aanwezig, onder wie Ségolène Royal, de vorig jaar door Sarkozy verslagen socialistische presidentskandidaat. Maar ook de Franse regering was goed vertegenwoordigd, met een minister en een staatssecretaris. Dat die met instemming van de president aanwezig waren, bleek uit diens warme brief. De actie-Sarkozy werd door de Nederlandse Europarlementariër Berman (PvdA) gisteren voor de tv trouwens getypeerd als ‘jatwerk’. „Dat doet hij vaker, ineens weglopen met een idee dat goed in de markt lijkt te liggen.”

Hoe dan ook: in de tweede helft van 2008, wanneer Frankrijk EU-voorzitter is, wil Sarkozy zich inspannen voor een Europese regeling voor bescherming van mensen die, zoals Hirsi Ali, wegens hun opvattingen worden bedreigd. Vraag: alléén voor mensen die bedreigd worden wegens hun opvattingen als Hirsi Ali? Of moet dat ook gelden voor mensen als, zeg, de heer Wilders, mocht die zich in het buitenland vestigen en zijn veiligheid bedreigd zien door het gebruik dat hij van zijn vrijheid van meningsuiting maakt? Moet er dan een EU-instantie zijn die bepaalt wat de kwaliteit van de opvattingen en de ernst van de onveiligheid per geval is? Je vraagt je ook overigens af hoe dat zou moeten werken in een geval als dat van Hirsi Ali. Wanneer moet zo’n EU-regeling dan worden geactiveerd? Pas wanneer het land waarvan zij de nationaliteit heeft, maar niet woont, haar veiligheid niet wil garanderen of bekostigen? En, zo ja, moet zo’n weigerachtig land, Nederland dus, in EU-verband dan eerst officieel worden gediscrediteerd voor die Europese regeling toegepast wordt? Dat wordt luchtfietserij. Of, zoals Fransen het zeggen: bâtir des châteaux en Espagne. Mevrouw Royal ging dan ook een stap verder. Zij zei hier weinig van de EU te verwachten. „Geef haar de Franse nationaliteit. Ik zou teleurgesteld zijn als die eer naar een ander land ging.” En, is dan de vraag: kan Frankrijk wél haar veiligheid garanderen in de VS, als zij daar woont en werkt? Het was niet verbazend dat de grote meerderheid van de Tweede Kamer ook in verband met die vraag koeltjes op het nieuws uit Parijs reageerde. „Gratuit, een grote stunt” (VVD), „als je in een ander land woont en werkt, dan is dat land verantwoordelijk voor je veiligheid” (CDA). PvdA-leider Bos: „Het is een misverstand dat Nederland niet voor haar veiligheid wil zorgen. Dat wil het wel, althans als zij hier woont.”

Niettemin was het al met al een geweldig eerbetoon aan Hirsi Ali, daar in Parijs. En ook een stevig zelfgeproclameerd eerbetoon aan wat de Volkskrantcorrespondent vrolijk de ‘Franse voortreffelijkheid’ noemde. Zou Nederland hier als akelige tegenpool dienen om die Franse voortreffelijkheid nader te illustreren? Hirsi Ali is „als erfgename van Voltaire in haar hart al Française”, sprak de filosoof Bernard-Henri Lévy. Mooi gezegd. Hij gaf daarmee een signaal voor een „minutenlange ovatie”.

De Nederlandse regering is bezorgd over de reputatieschade die ons land de afgelopen jaren heeft opgelopen. Onder de Franse intellectuelen die zo voor Hirsi Ali klapten is die schade blijkbaar groot, al zijn hun verontwaardiging over en kennis van ons land vermoedelijk niet recht evenredig. Zij vinden Nederland, dat ooit de vluchteling Descartes opnam, versmalt tot krenterigheid, ver van de Verlichting, die juist Frankrijk zo bij uitstek beheert. Zij zien een „kwalijke Nederlandse ommekeer”, zoals de filosoof Pascal Bruckner het zei. „De angst heeft gewonnen, de gedachte dat elke scherpe stellingname het islamitische beest kietelt”.

Hirsi Ali zou graag Nederlandse blijven. Maar door de Nederlandse houding raken haar vrijheid van meningsuiting en haar bewegingsvrijheid (in de VS) ontkoppeld. Daarom moet ik in het belang van mijn veiligheid wel Française worden, zei zij gisteren. Tot nu toe heeft zij weinig last gehad van goedgelovigheid. Zou dat in één Frans weekeinde veranderd zijn?

J.M. Bik is medewerker van NRC Handelsblad.

Reageren kan op nrc.nl/bik (Reacties worden pas openbaar na beoordeling door de redactie).