Graven naar een grafkamer

Vanavond spreekt egyptoloog prof.dr. Harco Willems van de KU Leuven over zijn opgravingen bij Deir al-Barsha.

Vorig jaar maart ontdekte het team van egyptoloog Harco Willems in de dodenstad van Deir al-Barsha in Midden-Egypte de grafkamer van provincieambtenaar Henoe, met een gave houten grafkist en rijke grafgeschenken.

Hoe ontdek je nou zoiets?

„Lang verhaal. Het hangt samen met onze aanpak. Veel egyptologen richten zich op belangrijke graven. Men kiest er één uit die nog niet grondig beschreven is en gaat aan de slag. Men gaat het rijtje af, zeg maar. Maar zulke publicaties van topmonumenten staan nogal op zichzelf. Mij interesseert vooral het verhaal erachter, hoe die maatschappij in elkaar stak.”

Wie werden er gemummificeerd en wie niet?

„Daar weten we weinig van. Wij werken aan een grafveld van 1 à 2 vierkante kilometer uit 2040 tot 1850 voor Christus. Het veld waar de provinciegouverneurs begraven zijn, is goed onderzocht, de rest nauwelijks. Wél treffen we vaak sporen van vroegere grafrovers. Negentiende-eeuwse sigarettenpakjes van het Egyptische merk Matossian, stapels kranten met frontberichten uit 1915, toen hier een Amerikaanse expeditie gaande was, eenmaal een complete pikhouweel. Wij bedrijven een soort hit-and-runarcheologie. Met geomagnetische scanapparatuur en grondradar kijken we in de ondergrond en op basis van educated guesses graven we representatieve stukjes op. We vinden duidelijke clusters van rijke en armere graven.”

Zitten daar patronen in?

„Ja, het grafveld was georganiseerd rondom een processieweg. Het hoorde bij een stad op de andere Nijloever. Bij begrafenissen en graffeesten stak men de rivier over en volgde de processieweg, die in het oosten uitkomt bij de gouverneursgraven. Familiehoofden liggen begraven langs de processieweg. Daarachter liggen hun ondergeschikten, in een duidelijke hiërarchie. Het hele grafveld vormt een ritueel landschap voor funeraire feesten.

„Het ongeschonden graf van Henoe ligt in een veelbelovend gebied, bedekt met puin uit een antieke steengroeve. Al na een dag graven was het raak. In het schemerduister zagen we een grafkamer met houten grafgeschenken, de verfkleuren waren vierduizend jaar na dato nog fris.”

Een ontroerend moment?

„Als je daar na vierduizend jaar rust en stilte als eerste binnenstapt, voel je je wel een indringer. Ik heb een paar keer sorry tegen meneer Henoe gezegd. Maar je bent vooral druk met crisisbeheersing. Vooral geen ophef maken, snel extra bewaking regelen, anders maken omwonenden ’s nachts het karwei voor je af.”

Wat voegt dit toe aan de wetenschap?

„Intrigerend zijn de restauratie-inscripties die we in sommige graven aantroffen. Gouverneur Djehutinacht, een tijdgenoot van Henoe, claimt grootschalige restauraties van graven van zijn voorouders, hoewel je nergens sporen van restauraties ziet.

„Vermoedelijk was het aanleggen van een grafkamer in die tijd een soort relatiegeschenk. Djehutinacht pakte dat blijkbaar aan door nieuwe graven voor zijn hofhouding aan te leggen bij eeuwenoude, in verval geraakte graven van zijn voorouders. Dat blies de dodencultus nieuw leven in, er werd weer geofferd, voor de nieuwe én de oude doden. Daarmee sloeg hij twee vliegen in één klap.”

Marion de Boo

Vanavond om 20.00 uur spreekt egyptoloog prof.dr. Harco Willems in het Rijksmuseum van Oudheden, Papengracht 27, Leiden.