Politici de stuipen op het lijf jagen

Jeremy Paxman trekt met zijn scherpe interviews voor Newsnight op de BBC dagelijks een miljoen kijkers.

Journalisten horen volgens hem rebels zijn.

Jeremy Paxman, de grootinquisiteur van de BBC die politici in het actualiteitenprogramma Newsnight vaak de stuipen op het lijf jaagt met zijn vlijmscherpe tong, schrikt ook buiten het bereik van de camera’s niet terug voor stevige uitspraken.

Wat hij van mensen uit de wereld van de public relations denkt? „Allemaal oplichters, die zich bezighouden met het opdienen van halve waarheden”, houdt hij bezoekende correspondenten in de kantine van het BBC-complex voor. En Frankrijk heeft volgens de presentator „een bij uitstek erbarmelijke perscultuur”. Journalisten daar laten zich volgens hem maar al te vaak door de eigenaars van de kranten voorkauwen wat ze in hun kranten moeten zetten.

Paxman zelf laat zich de mond niet snoeren, zoals zijn bazen bij de BBC al meer dan eens hebben ondervonden. Worden er bezuinigingen overwogen op Newsnight dat hij al sinds 1989 presenteert? Paxo, zoals hij vaak liefkozend wordt genoemd, roept meteen dat het een schande is.

Journalisten moeten volgens Paxman iets rebels houden en zich vooral niet laten inkapselen door de gevestigde orde. „Het is nooit een gerespecteerd beroep geweest en dat moet het ook niet worden”, zegt hij enkele uren voor hij Newsnight live presenteert. Om er met zijn bekende doordringende stemgeluid sarcastisch aan toe te voegen. „Laten we wel zijn, je wilt toch niet dat je dochter met een journalist trouwt.”

Newsnight, elke avond goed voor een miljoen kijkers, geldt al sinds zijn oorsprong in 1980 als het vlaggenschip onder de actualiteitenprogramma’s van de BBC. Dat is deels te danken aan eigen primeurs van de zestig journalisten die aan het programma zijn verbonden, en aan de intelligente en vaak geestige manier waarop ze thema’s behandelen.

Het is bovendien een eigenzinnig programma. Soms wordt vrijwel de hele uitzending uitgetrokken voor één onderwerp. Dat kan over de toekomst van kernenergie gaan of over de stand van zaken in Irak. „We hebben echt een ongelooflijke mate van vrijheid”, zegt hoofdredacteur Peter Barron in zijn kantoortje met uitzicht op de redactiezaal. „Ik ken geen ander programma dat zo volkomen zijn gang kan gaan.”

Newsnight geniet bovenal faam wegens zijn scherpe interviews, een genre waarin Paxman uitblinkt. Ook Paxmans Newsnight-collega’s Kirsty Wark en Gavin Esler staan bekend als scherpzinnige presentatoren en ondervragers. Maar Barron verhult Paxmans dominerende rol niet. „Jeremy is gewoon een ster. Het is in veel opzichten ‘the Paxman show’. Maar roep dat niet te hard tegen hem, dat hoort hij niet graag.”

Paxman zelf geeft intussen als eerste toe dat niet elk interview spannend uitpakt. „Gisteren hadden we onze minister van Financiën Alistair Darling”, vertelt hij. Vertwijfeld slaat hij de ogen ten hemel om aan te geven dat er met de beste wil van de wereld geen informatieve, laat staan spannende televisie van te maken viel.

„Soms kom je bij zo’n interview tot een vruchtbare ontmoeting maar vaak blijft het een dialoog tussen doven. Een goed interview is wanneer je echt iets nieuws te weten komt.” Neemt hij zijn vragen van tevoren door met zijn gasten, zoals op de Nederlandse televisie wel gebeurt? „Dat is wel het laatste wat ik zou doen. Zo’n vragenlijstje leidt maar af. De sleutel tot een geslaagd interview is goed te luisteren naar de antwoorden van je gesprekspartner.”

Ook Paxmans invloed kent echter grenzen. Al zijn protesten ten spijt ontkomt Newsnight niet aan bezuinigingen. Het programma moet het de komende drie jaar steeds met vijf procent minder stellen. Dit jaar heeft het programma zo’n acht miljoen pond (10,7 miljoen euro) te besteden.

Paxman: „We sturen onze mensen tegenwoordig minder vaak voor zes weken op pad in moeilijke landen.” Hoewel Paxman inmiddels 57 jaar oud is en financieel ook via enkele goed verkopende boeken geen zorgen kent, denkt hij niet aan stoppen. „Ik raak nog steeds opgewonden van Newsnight. Je weet nooit precies hoe de dingen die dag zullen lopen.”