En zoals verwacht is Kramer weer kampioen

Sven Kramer won in Berlijn zijn tweede wereldtitel als allroundschaatser. Zijn prestatie is des te beter omdat de concurrentie groter is dan ooit.

Sven Kramer viert zijn titel met de Friese vlag. Foto AFP The Netherlands' Sven Kramer celebrates after winning the men's 10,000 race and the ISU World Allround Speed Skating Championships in Berlin on February 10, 2008. AFP PHOTO JOHN MACDOUGALL AFP

Halverwege het WK allround in Berlijn deed Sven Kramer nauwelijks nog moeite om te verbergen dat allang vaststond wie de beste schaatser was. Waarom zou hij? Voor de pas 21-jarige Friese alleenheerser geen clichés. „Ja, het gaat niet heel slecht”, antwoordde hij op de vraag of het WK al beslist was. „Ik sta er superriant voor.” Een dag later haalde hij zoals verwacht zijn tweede wereldtitel als allrounder. Met liefst 1,4 punt voorsprong op nummer twee, de Noor Håvard Bøkko.

Vooral op ‘zijn’ vijf kilometer sloeg Kramer op het zware ijs van het Berliner Sportforum enorme gaten met de rest. Vorig jaar, bij zijn eerste wereldtitel allround in Heerenveen, was hij nog wat kwetsbaar op de korte afstanden. Nu sprintte hij na een opening van 10,12, een persoonlijk record, naar de derde plaats op de 500 meter. Op de 1.500 meter reed de TVM’er net als vorig jaar technisch geen perfecte race. Toen verloor hij ruim een seconde, nu hoefde hij maar een paar tienden prijs te geven.

Bijzonder is dat zijn spectaculair toegenomen sprintsnelheid niet ten koste gaat van zijn vermogen op de lange afstanden. Het maakt Kramer tot een allroundkampioen als de allergrootsten. Hij is pas de vierde schaatser na de Tweede Wereldoorlog die twee keer achtereen de dubbel (EK en WK) won, na de Noorse legende Hjalmar Andersen (1950, ’51 en ’52), Hein Vergeer (1985 en ’86) en Rintje Ritsma (1995 en ’96).

Vorig jaar sprak hij de ambitie uit op de allroundtoernooien in elk geval ongeslagen te blijven tot de Olympische Spelen in Vancouver in 2010. Om vervolgens in Canada een goldrush in te zetten, die zover mogelijk in de buurt komt van de allergrootste schaatser ooit: de Amerikaan Eric Heiden, die in 1980 in Lake Placid vijf keer goud won. De prestaties van Kramer zijn des te knapper omdat de concurrentie in het allroundschaatsen momenteel groot is. „Je kunt het laten bij de constatering dat het WK snel was beslist”, zegt Bart Veldkamp, coach van de Amerikanen. „Maar de echte sportliefhebber ziet dat achter Kramer een schitterend gevecht plaatsvond.”

Wat werd geïllustreerd in een van de mooiste vijfkilometerraces van de laatste jaren, tussen Bøkko en Veldkamps pupil Chad Hedrick, die elkaar opzweepten tot steeds snellere rondetijden. Zelfs Kramer was er jaloers op. „Ik keek naar ze bij het inrijden. Wat gaaf! Zo hoort schaatsen te zijn.” Bøkko, net 21, dwong Kramer op de tien kilometer tot het uiterste en klom van plaats vier naar twee. „Qua krachttraining zit hij pas op zestig procent van de grote jongens”, zegt zijn coach Peter Mueller. „Over één of twee jaar kan Sven zijn borst nat maken.” De Noorse alleskunner wordt sinds een val in augustus gehinderd door een ernstige schouderblessure. Omdat hij de enige Noorse topper is, rijdt hij desondanks een vol programma. Hij verloor iets aan snelheid, maar verdiende er twee sponsorcontracten mee voor de ploeg. Waarmee rust lijkt gecreëerd in de aanloop naar het WK van volgend jaar in Hamar. „Wie nog een kaartje wil, moet snel zijn”, lacht Mueller.

Hedrick, die na olympisch goud in 2006 een jaar rust nam en aansluiting met de top leek te verliezen, is volgens zijn coach Veldkamp op de weg terug. De Texaan werd uiteindelijk vierde, achter landgenoot Davis. „In de manier waarop hij op trainingen reageert en wat hij hier op de WK laat zien herken je de absolute topper.” Veldkamp ziet kansen Kramer in te halen. „Sven komt nu in een fase dat mensen in zijn omgeving gaan zeggen dat hij ‘maar’ vier of vijf seconden voorsprong heeft. Bij Gianni Romme zag je hetzelfde. In 2001 trok hij zichzelf terug voor het WK allround omdat hij bij de selectiewedstrijd slechts vier seconden pakte op de rest en geen zeven. Achteraf was dat ongeveer zijn laatste stuiptrekking.”

Hoewel Kramer toegaf dat hij op de vijf kilometer hard moest werken en niet tevreden was met zijn mijl, lijkt van verzwakking nog geen sprake. Zijn progressie op de korte afstanden toont dat hij qua coördinatie een uitzonderlijk talent is. Zijn bezeten benadering van topsport doet denken aan zevenvoudig Tourwinnaar Lance Armstrong.

De TVM-ploeg van perfectionist Gerard Kemkers biedt hem een veilig klimaat voor verdere verbetering. In Berlijn keek Kramer alweer vooruit naar volgende doelen: de wereldbekerfinale op de 1.500 meter over twee weken in Heerenveen en de WK afstanden begin maart in Nagano. En toen was het WK pas halverwege.

Alle uitslagen op www.wmberlin2008.de