Tsunami in Noor wegen

De Noorse gehuchten Nesdal en Bødal werden tot twee keer toe verwoest door een vloedgolf, veroorzaakt door een gigantisch rotsblok dat in een bergmeer stortte. „Steile berghellingen hebben zowel voor- als nadelen.”

Bij de kerk in Loen staan gedenkplaten met namen van slachtoffers Foto Tom van der Leij Leij, Tom van der

Bijna loodrecht stijgt de rotswand uit het water. De helling is tot de boomgrens begroeid met naaldbomen. Eeuwige sneeuw bedekt de berg. Smeltend gletsjerwater stort wild schuimend in fjorden en meren.

Waarschijnlijk zijn er vrijwel nergens ter wereld zo veel watervallen als in Noorwegen. Kronkelende asfaltwegen, met de ene na de andere lange donkere tunnel, doorkruisen het landschap. Houten huizen liggen dun gezaaid op de oever. Soms is het dak bedekt met een laag aarde waarop gras groeit, als extra bescherming tegen de barre winterkou.

Ruig, hard en meedogenloos. In het dorpje Loen, 200 kilometer ten noordoosten van Bergen, weten ze als geen ander hoe wreed de natuur kan zijn. En dan gaat het niet alleen over de barre winters of het woeste landschap. Op 15 januari 1905 viel van een bergkam, zo’n 800 meter boven het dorp, een enorm rotsblok naar beneden. Het stuk graniet, met een diameter van ongeveer 100 meter, kwam terecht in het meer ten zuidoosten van Loen. De vloedgolf die daardoor ontstond maakte de twee gehuchten, Nesdal en Bødal, volledig met de grond gelijk. 61 mensen verdwenen onder een dikke laag puin en modder, slechts negen lichamen werden teruggevonden. De helft van de inwoners van de twee gehuchten was in één klap dood.

„Een tsunami raasde over ons heen'', zegt Olav Faleide, (51), theoloog uit een dorp bij Loen. Faleide, die de kost verdient als toeristengids, zit achter het bureau in de woonkamer van zijn huis. Gekleed in een wit overhemd met rode bretels vertelt hij dat het rotsblok midden in de nacht naar beneden viel, waardoor de dorpelingen in hun slaap werden verrast. „Er waren onder de slachtoffers geen familieleden van mij’, zegt Faleide, terwijl hij naar een wand in de woonkamer wandelt waar foto’s van zijn ouders, grootouders en overgrootouders hangen. „Mijn voorouders komen uit de streek ten westen van Loen. Zo ver kwam de vloedgolf niet.'' Doordat het meer bedekt was met een laag ijs, werd de tsunami gedempt.

De inwoners van de twee gehuchten die de ramp overleefden, wilden in eerste instantie ergens anders een nieuw huis bouwen, vertelt Faleide. Maar op aandringen van de overheid lieten ze die gedachte varen. „Er werd gezegd dat zo’n ramp zich vast niet nog een keer zou voordoen. Niemand kon zich een soortgelijke gebeurtenis herinneren.''

Bovendien had verhuizen als nadeel dat de inwoners, meest kleine veeboeren, verder van hun weidegrond zouden komen wonen. „Na aanvankelijk tegenstribbelen lieten de meesten zich over de streep trekken.'' Tien jaar later waren bijna alle huizen herbouwd.

Het leven in Loen hervatte zijn normale gang, totdat gebeurde wat niemand voor mogelijk had gehouden. In september 1936 kwam opnieuw een rotsblok naar beneden, dat naar verluidt ongeveer twintig keer zo groot was als het eerste blok. En opnieuw gebeurde het midden in de nacht. Mede doordat er deze keer geen ijs op het meer lag, was de ramp aanmerkelijk groter dan de eerste keer. Een vloedgolf van 70 meter hoog overspoelde de oevers. Nesdal en Bødal werden opnieuw volledig verwoest. Deze keer vielen er 74 doden. „Daarna durfde de overheid natuurlijk niet opnieuw te beweren dat de dorpelingen zonder gevaar konden terugkeren'', lacht Faleide. Tegenwoordig woont in het voormalige rampgebied nog slechts één familie.

Bij het witgeschilderde houten kerkje in het centrum van Loen staan twee stenen gedenkplaten met de namen van alle 135 mensen die bij de twee rampen om het leven kwamen. De namen zijn uitgehakt in graniet, met daarachter de leeftijd op het moment van overlijden. Het is het tweede monument ter nagedachtenis aan de slachtoffers. Het eerste monument, opgericht na de tsunami van 1905, werd verwoest toen de ramp zich dertig jaar later herhaalde.

Zover bekend is Noorwegen het enige land ter wereld waar een vallend rotsblok een tsunami veroorzaakte die dodelijke slachtoffers eiste. Maar de twee tsunami’s in Loen waren niet de enige. Het dorp Tafjord, ongeveer 50 kilometer ten noordoosten van Loen, werd in 1934 getroffen door een soortgelijke ramp. Ook daar veroorzaakte een vallend rotsblok een vloedgolf, waarbij 59 mensen om het leven kwamen. Het International Centre for Geohazards, dat gelieerd is aan de Universiteit van Oslo, verricht wetenschappelijk onderzoek en metingen om in de toekomst nieuwe tsunami’s te voorkomen.

De meeste Noren doen nonchalant over vallende rotsblokken. „Ik ga me er niet druk over maken'', zegt Aud Bergheim (59) uit het dorp Byrkjelo. ,,De kans op een tsunami is nog altijd stukken kleiner dan op een verkeersongeluk.''

Net als de slachtoffers in Loen destijds woont Aud op de oever van een bergmeer. Haar huis staat slechts enkele tientallen meters van de waterkant. In de bergen boven haar huis bevindt zich de Jostedalsbreen-gletsjer. Aan de overkant van het meer, dat barst van de forellen, rijst een rotswand steil omhoog uit het water.

Aud is een jong ogende blonde vrouw, met rode wangen. Samen met haar man heeft ze een gemengd boerenbedrijf. Koeien, schapen en geiten. Haar vier kinderen zijn allemaal het huis al uit. Oudste dochter Ellisiv is net een paar dagen over uit de hoofdstad Oslo, waar ze werkt als marketingstrateeg in de voedingsmiddelenindustrie. ,,Ik begrijp niet dat mensen in de stad kunnen wonen'', zegt Aud, terwijl ze haar dochter lachend aankijkt. ,,Je hebt er misschien geen last van vallende rotsblokken, maar wel van vervuilende uitlaatgassen en lawaai. Nee, geef mij maar het platteland.'' Aud vraagt haar dochter regelmatig of ze weer in de buurt wil komen wonen, maar Ellisiv heeft daar geen zin in.

De echtgenoot van Aud zegt niet veel. Na een poos zwijgend aan tafel te hebben gezeten, verdwijnt hij naar de kelder, die hij heeft ingericht als hobbyruimte. Er staan twee flipperkasten, een oude jukebox en een heleboel speelgoedauto’s. Aud gaat aan de slag met het avondeten. Ik mag helpen met het villen van de forellen die ze vanochtend heeft gevangen. De apparaten in de keuken werken op zelf opgewekte elektriciteit, vertelt Aud. Bij de waterval achter de boerderij heeft het gezin een rad geïnstalleerd, waaraan een dynamo is verbonden. ,,Steile hellingen hebben zowel voor- als nadelen'', zegt Aud.

Tot kerstmis 2004 was het woord tsunami tamelijk onbekend. Maar door de ramp die zich toen voltrok in Zuidoost-Azië is dat veranderd. Mede door de vloedgolven die Indonesië, Thailand en Sri Lanka teisterden, is de aandacht toegenomen voor de rampen in Loen, hoewel het aantal slachtoffers in Noorwegen natuurlijk vele malen kleiner was.

Het woeste Noorse landschap blijft tot de verbeelding spreken. In toeristische folders is vaak een foto afgedrukt van een man op een uitstekende rotspunt, die vanaf grote hoogte uitkijkt over het Geiranger fjord. De meeste mensen zijn waarschijnlijk in de eerste plaats onder de indruk van het prachtige landschap. Maar als je net hebt gehoord over de rampen in Loen is niet uitgesloten dat een andere gedachte opwelt: stel dat die uitstekende rotspunt ineens af breekt, juist op het moment dat je er bovenop staat? De kans is vast erg klein, maar je weet maar nooit.