Theaterteksten gered door de amateur

Groepen in het amateurtoneel kiezen Nederlandse auteurs. „Zij staan dicht bij de beleving van mijn acteurs.”

Duizenden Nederlanders houden er een theaterhobby op na. Ze repeteren op een doordeweekse avond. In het weekeinde vertonen ze hun toneelkunst in cafés, zaaltjes, gymnastieklokalen en dorpshuizen. Zij vormen de talloze leden van het amateurtoneel, gevestigd in de regio maar zeker ook in de grote steden. De gezelschappen hebben fantasierijke namen als Tokodrama, Toneelgroep Troost en Tovenaar.

De Nederlandse Vereniging voor Amateurtheater (NVA) telt 2000 leden, waarvan 1200 gezelschappen van gemiddeld tien personen en 800 individuele theatermakers.

De tijd van het kluchtige genre ‘lach-of-ik-schiet’ is voorbij. Nederlandse amateurspelers kiezen bij voorkeur toneelstukken geschreven door auteurs als Judith Herzberg, Willem Jan Otten en Bernlef.

Onbetwist is Een sneeuw van Otten het meest gespeelde stuk. In vijf jaar werd het 38 keer opgevoerd. Het overkomt Otten regelmatig dat hij tijdens lezingen een groepje amateurspelers tegenkomt dat tegen hem zegt: „Wij zijn Een sneeuw.” Vervolgens moet de auteur raden wie wie is in hun voorstelling.

Ook schrijver Alex van Warmerdam is een favoriet. Stukken als Kaatje is verdronken en Kleine Teun zorgen in een jaar tijd voor vijftig opvoeringen. Toch is Van Warmerdam niet onverdeeld gelukkig: „Het blijven toch liefhebbers”, zegt hij. „Ik zou graag zien dat bijvoorbeeld de Theatercompagnie een stuk van mij opvoert”. Het officiële toneelcircuit verwaarloost seizoen na seizoen het Nederlandse repertoire.

De serieuze amateurs hebben die aandacht wel. Zij zijn de grote redders van het Nederlandstalige teksttoneel. Sinds de première in 1981 is Een sneeuw slechts één keer door een beroepsgezelschap heropgevoerd, namelijk in 1997 door Het Toneel Speelt. Toneelgroep Baal bracht Leedvermaak van Judith Herzberg uit in 1982. Dat was het, maar de laatste vijf jaar is meer dan twintig keer opgevoerd door amateurs.

Toneelgroep Troost uit Amsterdam is zo’n amateurgezelschap dat auteurs als Lodewijk de Boer, Gerardjan Rijnders en Peer Wittenbols in ere houdt. Volgens regisseur Frank Hoek staan Nederlandse auteurs dichtbij de belevingswereld van zijn acteurs. „Men denkt gemakkelijk dat Nederlandse toneelschrijvers de mindere zijn van buitenlanders. Dat is een misverstand. The Family van De Boer is een razend knap verhaal dat veel vaker opvoering verdient.”

Regisseur en dramadocent Bart van Heel van het gezelschap Tokodrama legt zich al twintig jaar toe op Nederlandstalig toneel. Op een maandagavond in het Polanentheater in Amsterdam repeteren negen acteurs een scène uit Leedvermaak van Herzberg. Van Heel geeft tekstinterpretatie en spelles. „Er zijn weinig amateurs die de overstap maken naar het professionele circuit”, zegt Van Heel. „Mijn cursisten hebben liefde voor natuurgetrouw, psychologisch teksttoneel. In het professionele circuit vinden ze dat te weinig”.

Tot elf uur 's avonds repeteren de spelers aan Leedvermaak. In 1982 zag ik de voorstelling voor het eerst en nu, meer dan een kwart eeuw later, weten deze amateurspelers mij weer te raken. De kracht van Herzbergs taal is onveranderd. Dit stuk verdient, net zoals veel ander Nederlands repertoire, hernieuwde opvoering. Niet alleen door de liefhebbers uit de theaterwereld.

Kleine Teun door Het Vervolg; www.hetvervolg.nl Zullen we het liefde noemen door Toneelgroep Troost; www.toneelgroeptroost.nl.