InBev kan bod doen op Anheuser-Busch

Wat een verschil kan een jaar toch maken. Toen het idee van een samengaan van Anheuser-Busch (Budweiser) en InBev een jaar geleden werd overwogen, zou het een fusie van gelijken zijn geweest. Nu heeft de Belgisch-Braziliaanse brouwer de overhand. De familie Busch mag er dan de voorkeur aan geven zelfstandig te blijven, InBev zou zomaar een bod kunnen uitbrengen. En als een vriendelijke overeenkomst niet mogelijk blijkt, kan een gevecht niet worden uitgesloten.

Budweiser is de King of Beers – althans in de Verenigde Staten, waar het merk de halve markt in handen heeft. Het moederconcern behoort ook tot de elite van de aandelenmarkt, doordat het een kwart eeuw lang de S&P 500 met een ruime marge heeft overtroffen. Maar de afgelopen vijf jaren zijn op een teleurstelling uitgelopen. In deze periode is de koers van Anheuser ruwweg gelijk gebleven, terwijl de markt in zijn geheel een winst van 60 procent heeft geboekt. Het afgelopen jaar heeft Anheuser zo’n 7 procent ingeleverd en is InBev juist met een derde gestegen.

De belangrijkste ontwikkelingen op de biermarkt deden zich in het buitenland voor, met name in de ontwikkelingslanden. Maar omdat nog geen 10 procent van zijn omzet van buiten de VS afkomstig is, heeft Anheuser vanaf de zijlijn moeten toekijken. Bovendien heeft de dominantie van Budweiser op de thuismarkt het lastig gemaakt om te profiteren van de belangstelling van de Amerikaanse bierdrinker voor nichemerken en geïmporteerd luxebier.

InBev kan daarentegen met beide trends goed uit de voeten. Zijn productielijn omvat modieuze biermerken als Beck’s en Stella – dat Anheuser aantrekkelijk genoeg vond om in de VS te importeren – en het concern behaalt bijna 60 procent van zijn omzet op snelgroeiende markten in Azië, Latijns-Amerika en Oost-Europa.

Dat zorgt ervoor dat de strategische redenen voor een mogelijke overeenkomst vrij helder zijn. Maar hoe zit het met de cijfers? InBev beschikt nu over een hogere marktwaarde (45 miljard dollar) en een betere koers-winstverhouding dan zijn Amerikaanse concurrent, die een marktwaarde heeft van zo’n 35 miljard dollar. Een snel rekensommetje duidt erop dat InBev een premie van 20 procent zou kunnen bieden ten opzichte van de huidige aandelenkoers van Anheuser, ervan uitgaande dat het concern zo’n 1 miljard dollar aan synergievoordelen vóór belastingen uit een overeenkomst zou kunnen wringen.

De vraag is echter of zo’n bod zou volstaan om de familie Busch ertoe te bewegen een kleinere rol te aanvaarden bij hun geliefde familiebedrijf. Waarschijnlijk niet. August Busch IV, die binnen het concern bekendstaat als ‘De Vierde’ is de achterachterkleinzoon van de oprichter van de brouwerij uit St. Louis en staat nog maar twee jaar aan het roer.

Maar anders dan sommige andere Amerikaanse industriële familiedynastieën, zoals de Fords, de Roberts bij Comcast en de Sulzbergers bij The New York Times, controleren de leden van de Bush-clan het bedrijf niet met behulp van extra stemhebbende aandelen. Hoewel zij de macht in handen hebben, bezitten zij slechts 3 procent van de aandelen en het stemrecht bij het concern. Bovendien zou InBev bij een overnamegevecht waarschijnlijk kunnen rekenen op de steun van veel teleurgestelde Anheuser-aandeelhouders. De grootste daarvan is superbelegger Warren Buffett.

Hoewel een vijandig bod eigenlijk geen van beide partijen goed zou uitkomen, behoort het intussen wel tot de mogelijkheden.