Hierónymos aartsbisschop Griekse kerk

Hierónymos van Thebe Foto AFP Newly elected Archbishop Ieronimos of Thebes, 70, exits the Athens cathedral after his election on February 7, 2008. Bishop Ieronimos of Thebes, 70, who had been a runner-up to Archbishop Christodoulos in the last Church of Greece election in 1998, was elected after a second round of voting at Athens' cathedral. AFP PHOTO / Aris Messinis AFP

De Heilige Synode van de Grieks-orthodoxe Kerk heeft gisteren de bisschop van Thebe en Livadiá, Hierónymos (70), gekozen tot aartsbisschop als opvolger van de vorige maand overleden Christódoulos.

Tot veler verbazing gebeurde dit al in de tweede stemronde, met een absolute meerderheid van 45 van de 74 stemmen. Zijn belangrijkste rivaal, bisschop Efstáthios van Sparta, de kandidaat van het conservatieve establishment, kreeg slechts 27 stemmen.

Onder klokgelui werd de nieuwe kerkvorst door een grote menigte begroet toen hij, omstuwd door aanhangers, uit de Metropoolkerk in Athene kwam, waar de stemming „onder inspiratie van de Heilige Geest” was gehouden.

De verkiezing vormt in veel opzichten een reactie op die van zijn voorganger in 1988, die met een meerderheid van 23 tegen 21 pas in de derde ronde slaagde.

Hierónymos was toen ook al kandidaat, maar hij strandde vanwege beschuldigingen dat hij malversaties zou hebben gepleegd bij het beheer van kloosterbezittingen. Hij werd daarvan vrijgesproken. Ditmaal kwamen er persoonlijke aanvallen op Efstáthios, afkomstig van de bisschop van het aangrenzende Messenië.

Hierónymos, die ook abt was van het historische klooster Osios Loukas, is vrij laat in de kerkelijke gelederen ingetreden. Hij studeerde in Athene, Graz, Regensburg en München filosofie, theologie, archeologie en Byzantijnse wetenschappen. Hij publiceerde onder andere over opgravingen.

Hierónymos kan worden beschouwd als een tegenpool van zijn voorganger en geldt als introvert, sober, teruggetrokken, wars van public relations. Hij toonde veel meer belangstelling voor milieu en immigranten. Anders dan zijn tegenkandidaat van Sparta, een fervent pleitbezorger van de staatskerk, heeft hij verklaard dat de scheiding van kerk en staat „nadere studie” verdient. „Het laatste woord hierover heeft het volk.”