Eindelijk normale mensen

Het programma Boer zoekt vrouw is een groot succes. Het publiek snakt kennelijk naar ouderwetse rust op tv.

Hoezeer kan een mens zich vergissen? Aan de vooravond van de lancering van RTL Véronique in 1989 noteerde ik, toen twaalf, opgewonden in mijn dagboekje: „Morgen begint de commerciële televisie. Ik het er ZOOO’N zin in!!!” Ik verheugde me toen met name op een veronderstelde enorme hoeveelheid Amerikaanse highschool- en Hollywood-films, die toen al wel te huur waren in de videotheek, maar nauwelijks te zien op de Nederlandse publieke netten. ‘Commercieel’ hield voor mij de belofte in van groots en spectaculair. Er was al het besef dat een ‘commerciële’ zender veel geld zou hebben, en dat was mooi, vond ik. Dat dat geld ook ergens mee moest worden verdiend – daar hield ik me nog niet al te zeer mee bezig.

Bijna twintig jaar later is op zeven Nederlandse zenders meerdere keren per dag te zien hoe de commerciële omroep haar geld verdient. Van de alomtegenwoordige reclameblokken via De Gouden Kooi tot Talpa’s gewraakte voetbaltrucs – fraai is het allemaal niet. De zo vurig verlangde films, die er inderdaad kwamen, en de vermakelijke – geïmporteerde – kwaliteitspulp van Net5 daargelaten, is vrijwel elk commercieel televisieprogramma van eigen bodem inmiddels een persiflage van zichzelf.

Van Starmaker ging het via Idols naar het nieuwe Dancing Queen – met binnenkort weer veel hilarisch bedoelde voorrondes waarin laagbegaafde aandachtzoekers zichzelf publiekelijk vernederen. Afgelopen zondag waren we bij Peter R. de Vries getuige van een volgend wrang ‘hoogtepunt’ op de commerciële televisie: de publieke uitbuiting van de dood van Natalee Holloway, van het verdriet van haar moeder, en – ja ook – van de waanzin en megalomanie van Joran van der Sloot.

Dat er 7 miljoen kijkers werden

geteld bij De Vries deed bijna vergeten dat dezelfde avond ruim 4,4 miljoen kijkers tezamen schuilden op dat eilandje van rust in het Nederlandse televisielandschap: het reallife agrarische datingprogramma Boer zoekt vrouw. Het aantal kijkers stijgt nog elke week dit seizoen.

Zeker, in 1989 hadden we ook deze show schaamteloze emo-tv gevonden, overgoten met een verwerpelijk christelijk en anti-emancipatoir sausje bovendien. Maar wie Hans Janmaat met Geert Wilders vergelijkt weet: een veranderende wereld creëert een nieuwe standaard. Na ordinaire seksshows als Temptation Island, waarin publiciteitsgeile narcisten andermans partner verleiden tot imitatie-pornofilmseks, is de schuchtere publieke toenaderingspoging tussen een paar onhandige boeren en een stel aardige, aardse vrouwen een verademing.

Het is treurig en zou anders moeten zijn, maar het is helaas de bittere realiteit: omdat het aantoonbaar vele malen erger kan, ook daarom is Boer zoekt vrouw leuk. Het succes is een repliek aan John de Mol en Peter R. de Vries: ook kalme, min of meer integere, seksloze tv-programma’s kunnen kijkcijfers scoren.

Er is al veel gespeculeerd over de verklaring voor het succes van de innemende boerderijromantiek. De plattelandssetting zou een verdwenen Nederland in herinnering brengen, waarnaar door miljoenen landgenoten hartstochtelijk wordt terugverlangd. Binnen die verklaring is Boer zoekt vrouw het jongste bewijs voor de nieuwe Nederlandse naar-binnen-gekeerdheid, sinds het afwijzen van de Europese Grondwet in 2005. Biologisch en ‘groen’ zijn onmiskenbaar in, dus wellicht heeft dat de massale interesse voor het agrarisch reilen en zeilen wel aangewakkerd. Of het programma is de luie variant van het schapen aaien en koeien knuffelen dat overwerkte managers plegen te doen om de grootstedelijke stress van zich af te schudden en weer ‘in contact te komen met de natuur.’

Het dichtst in de buurt kwam wat mij betreft nog Joost Zwagerman in een aflevering van De wereld draait door. Hij dacht dat Boer zoekt vrouw zijn populariteit aan Geert Wilders te danken had. Want Nederlanders maken zich de hele week zoveel zorgen over zijn film en wat er verder in dit land allemaal mis is, dat ze op zondag willen bijkomen bij een verliefde boer.

Maar het kan niet alleen een weemoedig verlangen naar verdwenen maatschappelijke onschuld zijn dat kijkers massaal richting de KRO drijft. Het is toch ook, simpelweg, de hang naar ouderwetse televisie. Dat wil zeggen, naar trage programma’s met deelnemers die nog schaamte kennen, over een onschuldig onderwerp.

De NCRV leek op dat vlak ook even een slimme slag te slaan, met het programma Slag om Pampus. Dat is een bijna even charmante show waarin een zestal koppels strijdt om wie de nieuwe fortwachters mogen worden van het eilandje Pampus. Cor en Monique, Pleun en Jorrit, Martine en Gert – het zijn net zulke lieve, normale, herkenbare mensen als de boeren en hun kandidaat-vrouwen. Ze zijn niet opgedoft en hip uitgedost, ze zetten zichzelf niet moedwillig voor gek om ‘idool’ te worden, ze gaan niet over lijken enkel om beroemd te zijn, nee, ze zijn simpelweg op zoek naar een nieuwe, romantische levensinvulling.

Daar moeten ze wel spannende

dingen voor doen, zoals ‘toeristen’ redden uit een nagespeelde brand, van heel hoog het water inspringen en zichzelf presenteren voor de tientallen vrijwilligers die op het eiland werken. Wat een opluchting is het om op tv weer eens mensen te zien die van zoiets zenuwachtig worden.

De NCRV is na twee afleveringen met enigszins teleurstellende kijkcijfers (440.000 en 370.000) nu zo onverstandig geweest het programma te verplaatsen van prime time naar vijf voor elf op de vrijdagavond. Een historische vergissing, lijkt me. Want 7 miljoen kijkers voor De misdaadverslaggever zondag betekent allerminst dat schreeuw-tv het altijd wint van de integriteit. Me dunkt dat een groot deel van die 7 miljoen er gemengde gevoelens bij had.

De NCRV heeft een programma gemaakt dat de behoefte aan normale mensen en ouderwetse tv goed kan bevredigen, maar miskent die kans. En dat terwijl die sportieve opdrachten, de nuchtere psycholoog en presentatrice Regina Romeijn – net iets te steil en te Noord-Hollands – het weer 1989 maken: „Vanavond komt Slag om Pampus op tv. Ik heb er ZOOO’N zin in!!!