Commissie hier, commissie daar

Nederland is te ver doorgeschoten in de procedures, vindt de premier. Is dat volgens deskundigen ook zo of wordt de werkelijkheid versimpeld?

In de negentiende eeuw lag de spoorlijn tussen Amsterdam en Arnhem er in negen jaar tijd; van de eerste tekening tot het moment dat de eerste trein er overheen reed. „Buitengewoon snel. Maar willen we dat wel nog een keer”, vraagt bestuurskundige Roel in ’t Veld zich af, naar aanleiding van opmerkingen van premier Balkenende dat ingewikkelde procedures Nederland hinderen bij groei en vooruitgang. In ’t Veld: „Een streep door het landschap trekken in 1850 is heel wat anders dan een streep door het landschap van nu. En zijn er eigenlijk nu nog wel goede voorstellen voor infrastructurele projecten?”

Premier Balkenende vindt dat het tijd wordt „onconventionele methoden om Nederland weer in beweging te krijgen”. Het klonk als een hartekreet. Op het congres van werkgeversorganisatie VNO-NCW zei de premier gisteren dat het bij infrastructurele projecten ontbreekt aan daadkrachtige besluitvorming en tempo.

Bij de top van het bedrijfsleven vond Balkenende een gewillig oor. „De wegen des polders zijn drassig, vol met kuilen en kronkelingen.” En: „We zijn doorgeschoten in onze procedures. Procedures zijn instrumenten geworden ten dienste van handhaving van de status quo.”

Staat Nederland stil door ingewikkelde regels en ellenlange procedures? Kunnen wegen en spoorlijnen nog wel worden aangelegd, of vliegvelden uitgebreid? Roel in ’t Veld: „De procedures zijn er juist om de status quo te beschermen. Als je de status quo waardeert is dat juist helemaal niet erg.”

Dick Lubach, hoogleraar bouwrecht in Groningen, meent dat de vertraging die vaak optreedt niet zozeer komt door verstikkende regelgeving, maar door overheden die slecht samenwerken. „We moeten ons realiseren dat bestuurlijke problemen een grote rol spelen. Het is de Nederlandse cultuur dat provincies en gemeenten zich niet laten commanderen door het rijk. Bij ons is een goede samenwerking tussen die overheden vereist. In Frankrijk is het heel anders. Als Parijs beslist dat er een TGV komt, zijn er geen gemeenten of provincies die zeggen dat dat niet gebeurt.”

Volgens Friso de Zeeuw, hoogleraar gebiedsontwikkeling in Delft, zijn de procedures wel degelijk doorgeschoten. Hij ontwaart een nauwelijks te stoppen proceduremachine, omdat de samenleving geen risico’s meer accepteert. „Eerst is er een ramp of incident. Pech moet weg, dus worden daar oplossingen voor gezocht. Ieder incident zet een keten van regels en normstellingen in gang. Dat mechanisme resulteert in een stortvloed aan normeringen.”

De Zeeuw zegt dat hij vergeefs waarschuwde voor problemen met fijnstof, waardoor veel bouwprojecten in Nederland onmogelijk zijn geworden. „Het is autistisch gedrag van technocraten. Dit is een soort samenzwering van politici, ambtenaren en maatschappelijke groeperingen die normen blijven produceren. Er bestaat geen effectieve tegenmacht die deze spiraal weet te doorbreken.” De Zeeuw meent dat het de politiek zelf zal moeten zijn die de verstarring doorbreekt. „Integraal denken is nodig, in plaats van alle monomane types die deelproblemen proberen op te lossen.”

Hoogleraar bestuurskunde Ernst ten Heuvelhof van de TU Delft zegt dat snellere en eenvoudigere juridische procedures weinig soelaas meer bieden. Er is op dat vlak al veel gebeurd. Bezwaar- en milieuprocedures zijn al vaak in de tijd parallel geschakeld. „Er is hier best nog wat te winnen hoor, maar dan praat je over weken, of op zijn hoogst een paar maanden.” Hij ziet het grootste probleem in hoe beslissingen tot stand komen. „Een commissie hier, een commissie daar, nog een onderzoekje, een interbestuurlijke werkgroep, enzovoort. Het duurt meestal jaren voordat het echte besluit is genomen. Je moet dat veel strakker managen. Dan is er veel tijd te winnen.’’

Maar Lubach waarschuwt voor simplificering van de werkelijkheid. „Uiteraard moet je af van onzinnige procedures, maar als je een weg wilt aanleggen in een dichtbevolkt gebied is dat per definitie een ingewikkeld probleem. Dan gaat het om een complexe afweging van belangen en belangentegenstellingen. Onze regels zullen altijd plaats moeten bieden aan een zorgvuldige belangenafweging.”

Roel in ’t Veld vindt dat overheden veel meer in co-productie met bedrijven of andere private partijen goede voorstellen zouden moeten ontwikkelen. „Deze zouden dan meteen ook veel meer overredingskracht hebben.” Dat de aanbestedingsregels vroege samenwerking tussen bedrijven en overheden in de weg zou staan, gelooft hij niet. „En anders kun je die regels aanpassen.” Bij een groot project moet de overheid volgens hem ook meer doen om de nadelen te compenseren. Dus bij een snelweg moet ruimhartig worden geïnvesteerd in geluidschermen, of het uitkopen van omwonenden. Dat voorkomt ook vertraging. „Infrastructuur wordt aangelegd omdat het voor economische groei zorgt. Dat moet opwegen tegen de kosten. Dan moet je ook nuchterder met benadeelden omgaan. Die moet je compenseren tot ze tevreden zijn. Mensen mobiliseren anders hun hindermacht.”

Vorige zomer zorgde een besluit van de Raad van State om de verbreding van de A4 bij Leiderdorp voorlopig niet toe staan voor „verbijstering” bij VNO-NCW. Politici noemden het besluit „een ramp”. Er was onvoldoende onderzoek gedaan naar het effect van de extra rijbanen. Dan kun je wel de procedures de schuld geven, maar de overheid had gewoon haar huiswerk niet goed gedaan, menen de meeste deskundigen.

Milieudefensie was één van de partijen die zich bij de Raad van State tegen de verbreding van de A4 verzette – met succes dus. Adjunct-directeur Kees Kodde van Milieudefensie vindt dat Balkenende het probleem verkeerd benadert. „Wij vinden het ook niet goed dat er projecten vertraagd worden door vormfouten. Maar wel als ze in strijd zijn met milieuwetgeving of gezondheidswetgeving. Als zoiets gebeurt dan gaat de overheid zich in allerlei bochten wringen om onder de regels uit te komen. Dan wordt er aan allerlei rekenmodellen gesleuteld. Dat zie je bijvoorbeeld met de geluidsoverlast door Schiphol. Dat getruuk botst dan op de Raad van State.” Kodde is bevreesd dat aan de rechtsbescherming van omwonenden of milieuorganisaties wordt getornd. „Dat zie je aan opmerkingen van minister Eurlings, of VVD’er Paul de Krom. En nu weer Balkenende.”