Niet ieder bloedvat slibt opnieuw dicht

Aderverkalking die veel vet en ontstekingscellen bevat, geeft een grote kans op een hart- of herseninfarct. Maar als een slagader operatief is schoongemaakt, is de kans dat hij opnieuw dichtslibt niet zo groot.

Bij een ander type aderverkalking, met juist veel bindweefsel, is het net andersom: een lagere kans op een infarct, maar grotere kans op dichtslibben na de operatie.

Die vondst beschrijven vaatchirurgen en onderzoekers van het Universitair Medisch Centrum Utrecht (UMCU) en het St Antonius ziekenhuis in Nieuwegein in het gisteren verschenen nummer van het tijdschrift Journal of the American Medical Association.

„Op het ogenblik heeft onze vondst weliswaar nog weinig praktische betekenis voor de patiënten,” licht onderzoeksleider prof.dr. Gerard Pasterkamp toe. „Dit is echter het eerste grote resultaat van onderzoek met onze biobank waarin we het weggeopereerde aanslibsel uit been- en halsslagaders van honderden patiënten bewaren. We weten ook welke ziekten die patiënten verder krijgen, zodat we het verband tussen aderverkalking en latere hartziekten kunnen onderzoeken. Wereldwijd wordt diagnostiek ontwikkeld om van buitenaf kenmerken van de plaque te achterhalen. Die kenmerken lijken veel te zeggen over risico’s op latere hartziekten. Op den duur gaat dat de behandeling van hartziekten ingrijpend veranderen.”

Bij aderverkalking slibben de slagaderen dicht met materiaal dat samengevat plaque heet. Op de plaque kan het langsstromende bloed stollen. Die stolsels kunnen het vat ter plaatse afsluiten, of losschieten en dan een hersen- of hartinfarct veroorzaken. De plaque varieert van samenstelling. Dat zien vaatchirurgen als ze het aanslibsel operatief verwijderen.

Pasterkamp en zijn onderzoeksgroep karakteriseerden de plaque van 500 patiënten als rijk aan vet en vol ontstekingsactiviteit, of als voornamelijk inactief bindweefsel bevattend. Een jaar na de operatie zat het geopereerde bloedvat bij 17 procent van de 500 patiënten weer voor meer dan de helft dicht. Patiënten met een bindweefselrijke plaque hadden echter een ongeveer tweemaal zo grote kans op een snelle herafsluiting.